Harlingen, 11 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Schriftelijke vragen
Schriftelijke vragen conform artikel 35 van het RvO van de raad van de gemeente Harlingen.
Onderwerp: Waddengebied, natuurherstel en de gevolgen voor Harlingen
Datum: 11 september 2026
Geacht college,
De fractie van VVD Harlingen heeft de volgende vragen aan het college:
1. Was het college vóór de berichtgeving van 3 september 2026 bekend met de conclusie van de minister dat voor het Waddengebied vóór 2030 aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn? Zo ja, sinds wanneer en op welke wijze is het college hierover geïnformeerd?
2. Is de gemeente Harlingen betrokken bij de gesprekken die de minister voert met de Waddengemeenten, de Waddenprovincies en het Omgevingsberaad Waddenzee? Zo ja, welke positie en inbreng heeft Harlingen hierin?
3. Welke aanvullende maatregelen of denkrichtingen voor het Waddengebied zijn op dit moment bij het college bekend? Kan het college daarbij aangeven welke maatregelen mogelijk gevolgen kunnen hebben voor Harlingen, onze inwoners en onze ondernemers?
4. Kan het college aangeven of er op dit moment wordt gesproken over aanvullende beperkingen voor activiteiten in en rond het Waddengebied, zoals beperkingen van toegankelijkheid, zonering, afsluitingen, beperkingen voor scheepvaart, visserij, recreatie of andere economische activiteiten?
Zo ja:
- Welke maatregelen worden besproken;
- Door welke overheden of organisaties;
- In welke fase bevinden deze plannen zich;
- En welke mogelijke gevolgen kunnen deze hebben voor Harlingen?
5. Harlingen heeft een belangrijke economische en maatschappelijke relatie met de Waddenzee. De haven, maritieme sector, visserij, recreatie, toerisme en andere ondernemers zijn voor een deel afhankelijk van een goede toegankelijkheid en het gebruik van het Waddengebied.
Kan het college aangeven welke economische activiteiten in Harlingen mogelijk geraakt kunnen worden door aanvullende natuurmaatregelen en of hiervan inmiddels een impactanalyse beschikbaar is?
6. De minister spreekt over een ‘stapeling van drukfactoren’. Kan het college inzicht geven in welke afzonderlijke drukfactoren volgens de huidige inzichten verantwoordelijk zijn voor de geconstateerde problemen in het Waddengebied?
Kan daarbij per drukfactor worden aangegeven:
- Wat het geconstateerde probleem precies is;
- Op welke feiten en metingen dit is gebaseerd;
- En welke aantoonbare bijdrage de betreffende drukfactor levert aan het probleem?
7. Kan het college aangeven in hoeverre bij het bepalen van nieuwe maatregelen gebruik wordt gemaakt van daadwerkelijk gemeten en waargenomen gegevens over de staat van de natuur?
Vindt het college het wenselijk dat maatregelen eerst worden gebaseerd op een aantoonbaar probleem en op een aantoonbare bijdrage van een bepaalde activiteit aan dat probleem, voordat nieuwe beperkingen worden opgelegd?
8. Er lopen momenteel meerdere beleidstrajecten naast elkaar, waaronder de Natura 2000-beheerplannen, de Waddenagenda 2050, het Beleidskader Natuur Waddenzee, de versterking van de zeedijk en de uitvoering van de Europese Natuurherstelverordening.
Kan het college aangeven hoe wordt voorkomen dat deze verschillende trajecten afzonderlijk tot maatregelen leiden die elkaar overlappen of gezamenlijk leiden tot een onbedoelde stapeling van regels en beperkingen?
9. Kan het college specifiek aangeven of bij de uitvoering van de Natuurherstelverordening rekening wordt gehouden met de economische positie van Harlingen als havenstad?
Wordt daarbij ook gekeken naar de gevolgen voor:
- De haven en havengebonden bedrijvigheid;
- De visserij;
- De scheepvaart;
- Recreatie en toerisme;
- Evenementen;
- En overige ondernemers die direct of indirect afhankelijk zijn van het Waddengebied?
10. Is het college bereid om zich er actief voor in te zetten dat eventuele nieuwe maatregelen niet verder gaan dan noodzakelijk om aantoonbare natuurdoelen te bereiken?
Kan het college daarbij tevens inzetten op het uitgangspunt dat nationale of provinciale regelgeving niet onnodig bovenop Europese verplichtingen wordt gestapeld?
11. Is het college het met de VVD Harlingen eens dat natuurherstel en economische ontwikkeling niet per definitie tegenover elkaar hoeven te staan?
Is het college bereid om bij toekomstige maatregelen nadrukkelijk te zoeken naar oplossingen waarbij natuurdoelen worden gerealiseerd, terwijl de economische en maatschappelijke functies van Harlingen zoveel mogelijk behouden blijven?
12. Kan het college toezeggen dat de gemeenteraad tijdig en volledig wordt geïnformeerd wanneer maatregelen worden voorbereid die gevolgen kunnen hebben voor inwoners, ondernemers, agrariërs, vissers, de haven, recreatie, toerisme of andere economische activiteiten in Harlingen?
13. Is het college bereid om, voordat het instemt met of medewerking verleent aan aanvullende maatregelen met mogelijke gevolgen voor Harlingen, eerst inzicht te verlangen in:
1. De feitelijke staat van het betreffende natuurgebied; 2. Het concrete probleem dat moet worden opgelost; 3. De afzonderlijke drukfactoren die aan dat probleem bijdragen; 4. De aantoonbare bijdrage van de betreffende activiteit; 5. De noodzaak en proportionaliteit van de voorgestelde maatregel; 6. En de economische en maatschappelijke gevolgen voor Harlingen?
14. Is het college bereid om samen met andere Waddengemeenten en de provincie Fryslân te pleiten voor een aanpak waarbij eerst de feiten en oorzaken zorgvuldig worden vastgesteld en vervolgens wordt bepaald welke maatregelen daadwerkelijk noodzakelijk en effectief zijn?
Toelichting
Op 3 september 2026 berichtte het Friesch Dagblad dat minister Van Essen heeft aangegeven dat voor het Waddengebied vóór 2030 aanvullende maatregelen nodig zijn in het kader van de Europese Natuurherstelverordening. Welke maatregelen dit precies zullen zijn, moet nog verder worden uitgewerkt. De minister heeft aangegeven hierover in gesprek te zijn met onder andere de Waddengemeenten, de Waddenprovincies en het Omgevingsberaad Waddenzee.
De fractie van VVD Harlingen onderschrijft het belang van een sterke en gezonde Waddenzee en van zorgvuldig natuurbeheer. Tegelijkertijd is het van groot belang dat nieuwe maatregelen zorgvuldig, proportioneel en op basis van aantoonbare feiten worden vastgesteld.
Voor Harlingen is dit onderwerp van bijzonder belang. Onze stad is historisch en economisch sterk verbonden met de Waddenzee. De haven, visserij, scheepvaart, recreatie, toerisme en tal van andere ondernemingen zijn direct of indirect afhankelijk van de mogelijkheden die het Waddengebied biedt.
De VVD Harlingen maakt zich daarom zorgen over het risico dat het spreken over een ‘stapeling van drukfactoren’ in de praktijk leidt tot een stapeling van maatregelen, regels en beperkingen, zonder dat steeds duidelijk is welk concreet probleem daarmee wordt opgelost en welke bijdrage afzonderlijke activiteiten daaraan leveren.
Wij vinden dat natuurbeleid gebaseerd moet zijn op feiten, meetbare doelen en aantoonbare effecten. Wanneer beperkingen worden opgelegd aan inwoners en ondernemers, moet duidelijk zijn waarom deze noodzakelijk zijn, welk doel ermee wordt bereikt en of er geen minder ingrijpende alternatieven beschikbaar zijn.
Daarbij moet nadrukkelijk worden voorkomen dat verschillende Europese, nationale en provinciale beleidstrajecten afzonderlijk worden uitgevoerd zonder voldoende oog voor het gezamenlijke effect daarvan op Harlingen.
De VVD Harlingen staat voor een gezonde Waddenzee én een sterke, bereikbare en economisch vitale havenstad. Die belangen moeten waar mogelijk met elkaar worden verbonden en niet onnodig tegenover elkaar worden geplaatst.
Namens de fractie van VVD Harlingen Raadslid Kathy Arends-Drijver & Marcel Touwslager