Eijsden-Margraten, 21 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Raadsvergadering 1 oktober 2026 Schriftelijke vragen Agendapunt 05: Beleidsplan Schuldhulpverlening Eijsden-Margraten 2026-2028
Vraag 1: _[20261001 05b Beleidsplan Schuldhulpverlening Eijsden-Margraten 2026-2028](https://portal.ibabs.eu/Document/AgendaItem/2b75d1f4-be7b-4679-9a59-0c6a9b00f4c8/36986c6d-059b-4791-b649-6f8c6e456a6e/ef3b26e5-1adf-403a-afb9-3fcd9e408f5d)_ pag. 6, 3.2.1 Eigen verantwoordelijkheid “de inwoner is zelf aan zet” Wat nu wanneer de inwoner deze verantwoordelijkheid niet waar kan maken, welke rol ziet de gemeente dan voor zich?
Antwoord:
Vraag 2: In hoeverre ontstaat het risico van loslaten en daarmee verdieping van de problemen, met alle gevolgen voor de gemeenschap van dien?
Antwoord:
Vraag 3: Pag. 6, 3.2.3. Brede toegang schuldhulpverlening “recidivisten kunnen geen aanspraak maken op een traject” En dan? Dus geen oplossing, dus verdieping van problematiek, en dan?
Antwoord:
Vraag 4: Pag.10, 3.5. Aandacht voor bijzondere doelgroepen: ‘Jongeren’ Is er hiervoor contact en samenwerking met VO-scholen in de regio om voorlichting, preventie en snelle hulpverlening te organiseren?
Antwoord:
Pagina 1 van 13
_Algemene vragen bij Beleidsplan Schuldhulpverlening Eijsden-Margraten_ Vraag 5: Is er zicht op de hoeveelheid burgers, categorieën van burgers (jong, oud, gezinnen, alleenstaande, migratieachtergrond etc.) die mogelijk aanspraak willen maken op deze regelingen? Indien ja om hoeveel burgers gaat het? Indien nee, waarom niet?
Antwoord:
Vraag 6: De praktijk en de cijfers laten zien dat schuldenproblematiek vaak niet op zichzelf staat. Is er inzicht in samenlopende of cumulatieve problematiek, en in het gebruik dat hulpbehoevende burgers maken van andere voorzieningen? Worden zij vervolgens ook doorverwezen naar het loket dat hen kan ondersteunen bij die overige problematiek? Indien dit het geval is, om hoeveel burgers gaat het dan? Indien dit niet het geval is, verliest men deze burgers dan als het ware uit het oog?
Antwoord:
Vraag 7: Hoewel het begrijpelijk is dat bij een beleidsplan nog niet in detail kan worden getreden over de precieze uitvoering, blijft dit beleidsplan erg algemeen. Wij kijken dan ook uit naar het uitvoeringsplan. Wanneer kunnen we dit verwachten?
Antwoord:
Vraag 8: Worden er beleidsregels, dan wel een juridisch kader opgesteld waaraan de voorwaarden om de regeling in het kader van de Wgs te krijgen getoetst en gecontroleerd kan worden?
Antwoord:
Vraag 9: De Wgs in haar geheel lijkt op het eerste gezicht een grote opgave te zijn. Er lijkt een stuk opsporing, afhandeling van aanvragen, mogelijk juridisch kant aan te zitten en fraudeopsporing. Is dit onderdeel van de ambtenarenorganisatie met voldoende middelen geëquipeerd om deze wettelijke taak goed uit te voeren zoals de betreffende Wet het heeft bedoeld?
Antwoord:
Pagina 2 van 13
Vraag 10: Welke middelen zet het college tegen fraude in?
Antwoord:
Vraag 11: De afkorting Bbz 2004 staat voor ‘Besluit bijstandverlening zelfstandigen’. Kan de juiste benaming in het stuk opgenomen worden?
Antwoord:
_Gerichte vragen bij Beleidsplan Schuldhulpverlening Eijsden-Margraten_ Vraag 12: p. 2 ‘vroegsignalering’ ‘Dat houdt in dat er mogelijkheden zijn om gegevens van inwoners met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars’ Privacy vormt een steeds belangrijker aspect binnen de samenleving en is een integraal onderdeel van de Wgs. Hoe beschermt de gemeente Eijsden-Margraten (dus buiten de verplichtingen uit de Wgs) de privacyrechten van betrokkenen? Is er apart beleid geschreven ten aanzien van deze wet of volgt deze algemene kaders?
Antwoord:
Vraag 13: ‘Dit zorgt ervoor dat inwoner met schulden in een vroeger stadium in beeld komen bij de gemeente’ In welk stadium is dit dan? Gaat het om mensen die zelf aan de bel trekken en/of om mensen die door actieve opsporing (?) worden gevonden? Hoe denkt het college dat in de praktijk goed uit te kunnen voeren? Is er al een concreet beleidskader?
Antwoord:
Vraag 14: p. 3 ‘Schuldhulpverlening voor ondernemers vraagt meer kennis dan schuldhulpverlening aan particulieren’ Wat wordt met deze zinsnede geïmpliceerd? Is de kennis wel aanwezig binnen onze ambtelijke organisatie of moet daar extra in geïnvesteerd worden?
Antwoord:
Pagina 3 van 13
Vraag 15: Tevens, is er zicht op hoeveel schuldhulpverlening aan ondernemers is gegeven en hoeveel ondernemers aanspraak hebben gemaakt op de regeling over de afgelopen jaren? Om hoeveel gaat het dan?
Antwoord:
Vraag 16: p. 3 Op het moment dat schulden vroegtijdig opgespoord worden door het delen van gegevens, zijn er meer mogelijkheden om hulp te bieden. Het delen van gegevens lijkt vroegsignalering van schulden mogelijk te maken. Zijn hiervan concrete voorbeelden? Welke gegevens worden gedeeld? Wat wordt in dit verband verstaan onder vroegtijdig signaleren? En welke middelen zet het college hiervoor in?
Antwoord:
Vraag 17: p. 3 Hiermee wordt voorkomen dat achterstanden verder oplopen en zich ontwikkelen tot een problematische schuldsituatie welke kaders worden gehanteerd om te bepalen of een casus zich kan ontwikkelen tot een problematische schuldsituatie? Welke middelen worden in dit stadium ingezet? Betreft dit ook financiële ondersteuning, zoals het (gedeeltelijk) aflossen van schulden? Zo ja, in hoeveel gevallen heeft de gemeente schulden geheel of gedeeltelijk afgelost, en om welk totaalbedrag gaat het? Zo nee, bestaat deze mogelijkheid danwel is het college bereid die te bieden? Welke kaders gelden op hoofdlijnen voor burgers die hiervan gebruik willen maken, en in hoeverre wijkt dit af voor ondernemers? Aan welke voorwaarden moeten ondernemers op hoofdlijnen voldoen?
Antwoord:
Vraag 18: p.4 Dit wordt versterkt door koop nu, betaal later diensten’ Hoewel deze kredietdiensten momenteel op rijksniveau kritisch worden gevolgd, opereren zij nog steeds binnen de grenzen van de wet en kunnen zij hun huidige verdienmodel voortzetten. Hoe wil het college voorkomen dat behaalde vooruitgang wordt ondermijnd door het voortbestaan van deze kredietdiensten en het opnieuw aangaan van dergelijke leningen? Is het college bereid om in het kader van maatwerk aanvullende beschermingsmaatregelen te treffen, bijvoorbeeld door voor mensen die gebruikmaken van de Wgs-regeling vrijwillige, of indien juridisch mogelijk verplichte, uitsluiting van dergelijke kredietverlening op te nemen als voorwaarde in beleidsregels? Indien niet, waarom niet? En hoe voorkomt de gemeente Eijsden-Margraten dat publieke middelen onbedoeld terechtkomen bij dergelijke kredietverstrekkers?
Antwoord:
Pagina 4 van 13
Vraag 19: p.4 Verder neemt het aantal problematische schulden toe, deze worden opgepakt door de Kredietbank Limburg Hoe geeft de gemeente Eijsden-Margraten uiting aan het begrip ‘problematisch schuld’? En wat houdt dat concreet in voor de hulpzoekende?
Antwoord:
Vraag 20: p. 4 Wij zijn kostenbewust, zodat hulp en ondersteuning beschikbaar en betaalbaar kan blijven. Wij zetten de goedkoopst- adequate hulp en ondersteuning in Hoe heeft de gemeente Eijsden-Margraten dit kostenbewust gedeelte ingericht? Zijn er afspraken gemaakt met ondernemers om de kosten laag te houden? Op welke wijze geeft de gemeente EijsdenMargraten concreet invulling aan het onderdeel ‘kostenbewust’.
Antwoord:
Vraag 21: p. 4 Als het een spoedmelding betreft, passen wij maatwerk toe en wordt de inwoner binnen 3 dagen geholpen. Waaruit bestaat het ‘maatwerk’ in de genoemde drie situaties? Het lijkt mij dat het direct overmaken van gelden door de gemeente aan de schuldeiser de spoedeisendheid direct wegneemt. Hoe wordt de zorgvuldigheid bewaard in het geval dat er sprake is van spoedeisendheid? Gelden er bijvoorbeeld maximumbedragen?
Antwoord:
Vraag 22: p. 4 dreiging van stopzetten van gas/water/elektriciteit wegens betaalachterstand Is dit een spoedeisende situatie? Dit is toch een eerste levensbehoefte waarbij de leverancier onder de Wgs verplicht is om betaalachterstanden aan de gemeente te melden? Idem voor de verzekeraar. De leverancier en de verzekeraar voldoen in de genoemde gevallen aantoonbaar niet aan de wet, aangezien er in die gevallen al een flinke betaalachterstand is hadden zij moeten ‘vroegsignaleren’. Zijn er situaties bekend waarbij zich deze situatie heeft voorgedaan? Zo ja, hoe heeft de gemeente Eijsden-Margraten die afgehandeld?
Antwoord:
Vraag 23: p. 6 ‘Dit betekent ook, dat de inwoner en ondernemer, naar vermogen, zelf verantwoordelijkheid moeten nemen in beslissingen en afspraken dienen na te komen’ Zijn er consequenties aan verbonden als deze verwachtingen niet uitkomen? Wat zijn deze consequenties en welke consequenties zijn er als er al reeds gelden zijn verschaft? Worden deze dan teruggevorderd of is de gemeente dat geld kwijt? Concreet, als wat voor een schuldeiser gedraagt zij zich in die gevallen?
Pagina 5 van 13
Antwoord:
Vraag 24: p.6 ‘Wanneer er sprake is van een crisis, wordt direct hulp ingezet.’ Om wat voor een crisis hebben we het dan? Is dat iets anders dan het eerdergenoemde spoedgeval?
Antwoord:
Vraag 25: p. 6 ‘In principe is schuldhulpverlening toegankelijk voor alle inwoners en zelfstandige ondernemers met (dreigende) problematische schulden.’ Problematische schulden zijn toch weggelegd voor de Kredietbank? Blijkt eerder uit het beleidsplan. Dan is voor de gemeente geen taak meer weggelegd? Hoe verhoudt deze frase zich tot de eerdergenoemde stelling omtrent de Kredietbank?
Antwoord:
Vraag 26: p. 6 ‘Brede toegang: wel worden inwoners die volgens de wet geen aanspraak maken op een traject geweigerd. Dit zijn recidivisten, frauderende schuldenaar en asielzoekers.’ Welke achterliggende toets vindt plaats ten aanzien van de individuen die gebruikmaken van de regeling? Hoe wordt voorkomen dat er gelden worden gebruikt door frauderende of andere zaken (ondermijning) die de gemeente niet moet willen faciliteren?
Antwoord:
Vraag 27: p. 6 ‘Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van psychische problemen, verslaving, problemen van relationele aard of laaggeletterdheid Deze problemen kunnen een rol spelen bij het ontstaan van financiële problemen en kunnen een succesvolle schuldregeling en zelfredzaamheid in de weg staan. Het doel van de integrale aanpak is om te komen tot een duurzaam resultaat.’ Hier worden zware problematieken beschreven die normaliter in het taakveld van instellingen vallen binnen de GGZ. Hoe moet ik de rol van de gemeente hierin zien? Is dat een signalerende rol of gaat zij daadwerkelijk deze problematieken aanpakken? Speelt zij een faciliterende rol? Is dat allemaal mogelijk met het budget die zij heeft voor de uitvoering van deze wet? Wat is de betekenis van ‘een duurzaam resultaat’? Wat is de minimale resultaatseis die geldt bij de uitvoering van deze wet?
Antwoord:
Vraag 28: p. 7 Alinea preventie En hoe wordt uitwerking gegeven aan preventie? Hoe krijg je mensen uit een sociaal isolement? Gaat de gemeente langs de deuren? Gaat zij willekeurig mensen uitnodigen op gesprek? Dat betekent heel wat inregelen in verband met privacy? Heeft de gemeente al deze aspecten momenteel ingeregeld?
Pagina 6 van 13
Antwoord:
Vraag 29:
Antwoord:
Vraag 30:
| Effect taakstelling RDWI | 2026 | 2027 |
|---|---|---|
| informeren over de mogelijkheden tot | financiële hulp ga | at u het financiele bew |
| unnen wij in het beleidsplan teruglez | en dat financiële be | wustwording ook een |
| component kent? En dat de problem | en voor iemand op | lossing eigenlijk |
| s bijdraagt aan het bewustwordingspr ivisten uitgesloten worden van hulpv | oces? Het beleidsp rlening. | lan eindigt immers m |
p. 7 ‘Beogen wij dat onze inwoners financieel meer slagkracht hebben om eventuele tegenvallers op te vangen?’ Hoe ziet dat uit? Is dat eigen geld of is dat gemeenschapsgeld? Hoe zorgt de gemeente EijsdenMargraten dat de betreffende burger voldoende financiële slagkracht heeft om eventuele tegenvallers op te vangen.
Antwoord:
Vraag 31: p. 7 ‘en zien we verder dat vroegsignalering in de meeste gevallen leidt tot het voorkomen van een schuldentraject’ In hoeveel procent van de gevallen is daar sprake van? Hoe is deze vroegsignalering in de succesvolle gevallen tot stand gebracht? Hoeveel heeft de gemeente Eijsden-Margraten aan gemeenschapsgelden bespaard met het gebruik van ‘vroegsignalering’.
Antwoord:
Vraag 32: p.8 ‘houdt de gemeente een vinger aan de pols’ Hoe doet de gemeente dat? Hoe voorkomt zij dat de betreffende burger niet uit het oog wordt verloren?
Antwoord:
Vraag 33: p. 8 ‘Dit is wel afhankelijk van de situatie en de behoefte van de inwoner om gebruik te maken van dit aanbod’ In hoeveel procent van de gevallen maakt een inwoner daadwerkelijk gebruik van het aanbod en waarin voorziet het aanbod? Is het verkrijgen van gemeenschapsgelden afhankelijk van het accepteren van het betreffende aanbod tot hulp?
Pagina 7 van 13
Antwoord:
Vraag 34: Pagina 2, punt 3: Vroegsignalering _“Vroegsignalering is sinds 2021 een wettelijke taak van gemeenten en vormt een belangrijke pijler van_ _het beleid. Via meldingen van woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en_ _zorgverzekeraars worden betalingsachterstanden vroegtijdig gesignaleerd. In de meeste gevallen_ _voorkomt gemeentelijke vroegsignalering dat er een schuldentraject noodzakelijk is. De gemeente sluit_ _aan bij landelijke ontwikkelingen om vroegsignalering verder uit te breiden, bijvoorbeeld met banken,_ _deurwaarders en hypotheekverstrekkers”._ In het raadsvoorstel staat dat vroegsignalering “in de meeste gevallen” voorkomt dat een schuldentraject noodzakelijk is. Kan het college deze constatering cijfermatig onderbouwen en aangeven welk percentage van de vroegsignaleringsmeldingen daadwerkelijk niet leidt tot een schuldhulpverleningstraject?
Antwoord:
Vraag 35: Pagina 3 Uitvoering en evaluatie Een belangrijk deel van de concrete uitvoering wordt doorgeschoven naar het _Uitvoeringsplan_ _Armoede en Schuldhulpverlening 2026-2028_ . Kan het college aangeven wanneer dit uitvoeringsplan gereed is en op welke wijze de raad hierin wordt meegenomen?
Antwoord:
Vraag 36: Pagina 3, Financiële aspecten Hoeveel € bedraagt het budget in de begroting voor 2027 en 2028?
Antwoord:
Vraag 37: 20261001 05b Beleidsplan Schuldhulpverlening Eijsden-Margraten 2026-2028 Pagina 8, punt 3.4.: KPI's van dit beleidsplan Bij verschillende KPI's wordt 2026 als referentiejaar gebruikt. Kan het college per KPI aangeven wat de concrete nulwaarde voor 2026 is, dan wel wanneer deze nulmeting beschikbaar komt voor de raad?
Pagina 8 van 13
Antwoord:
Vraag 38: Bij KPI 3 wordt beoogd dat het aantal succesvolle schuldhulpverleningstrajecten in 2028 met 10% is toegenomen ten opzichte van 2026. Kan het college aangeven welke definitie wordt gehanteerd voor een succesvol traject?
Antwoord:
Vraag 39: Er wordt gesproken over de KPI met betrekking tot de aantallen recidivisten zo klein is dat de KPI niet representatief wordt geacht. Waarop baseert u dan de keuze om recidivisten in beginsel vijf jaar uit te sluiten van schuldhulpverlening?
Antwoord:
Vraag 40: Pagina 10, Jongeren _Een maatschappelijk probleem van de laatste jaren is dat veel jongeren aankopen doen bij aanbieders_ _die werken volgens het principe “koop nu, betaal later”, en daarna de rekeningen niet meer kunnen_ _betalen._ Heeft de gemeente zicht op hoeveel jongeren in Eijsden-Margraten problematische schulden hebben?
Antwoord:
Vraag 41: Is zichtbaar welk aandeel daarvan samenhangt met achteraf-betaaldiensten?
Antwoord:
Vraag 42: Welke leeftijdsgroep wil het college preventief bereiken?
Antwoord:
Vraag 43: Pagina 12, Wet vereenvoudiging beslagvrije voet (Wvbvv) _Op 1 januari 2021 is de nieuwe Wet vereenvoudiging beslagvrije voet (Wvbvv) in werking getreden._ _De beslagvrije voet is het inkomen waarover iemand altijd moet blijven beschikken, zodat mensen niet_ _onder het bestaansminimum zakken._ Kunt u aangeven hoe hoog de beslagvrije voet is?
Pagina 9 van 13
Antwoord:
Vraag 44: Pagina 13, Frauderende schuldenaars _Het is in principe niet de bedoeling, dat schuldhulpverlening wordt_ _aangewend om vorderingen te saneren die zijn ontstaan als gevolg van fraude ten koste van_ _maatschappelijke middelen._ In het beleidsplan staat eerst dat fraude wordt uitgesloten van schuldhulpverlening, maar vervolgens dat inwoners met fraudeschulden vanwege maatschappelijke gevolgen toch kunnen worden geholpen en dat dit altijd maatwerk is. Kunt u verduidelijken wanneer iemand met een fraudeschuld wel en wanneer iemand niet wordt toegelaten tot schuldhulpverlening? Welke concrete criteria worden daarbij gehanteerd?
Antwoord:
Vraag 45: De gemeente erkent dat schulden langdurige stress veroorzaken en kunnen leiden tot problemen op meerdere leefgebieden, waarom wordt de verantwoordelijkheid voor het slagen van het traject dan volledig bij de inwoner gelegd?
Antwoord:
Vraag 46: Is het niet passender om te spreken over een gedeelde verantwoordelijkheid, waarbij de gemeente verantwoordelijk is voor passende ondersteuning, begeleiding, bereikbaarheid en maatwerk, en de inwoner – binnen zijn of haar mogelijkheden – verantwoordelijk is voor het leveren van een bijdrage aan het traject?
Antwoord:
Vraag 47: Hoe kan er voorkomen worden dat inwoners die juist vanwege hun problematiek onvoldoende in staat zijn om aan de verwachtingen van het traject te voldoen, vervolgens worden gezien als “niet gemotiveerd” of als iemand bij wie het traject door eigen toedoen is mislukt?
Antwoord:
Vraag 48: Kunt U toelichten wat concreet bedoeld wordt met “de inwoner is zelf verantwoordelijk voor het slagen van het traject” en welke verantwoordelijkheid draagt de gemeente zelf wanneer een traject dreigt vast te lopen?
Pagina 10 van 13
Antwoord:
Vraag 49: Welke ondersteuning biedt de gemeente gedurende de vijf jaar waarin iemand vanwege recidive niet voor schuldhulpverlening in aanmerking komt? Het moet toch niet zo zijn dat iemand gedurende die periode verder wegzakt in schulden, waardoor uiteindelijk grotere maatschappelijke en financiële problemen ontstaan?
Antwoord:
Vraag 50: Er wordt gesproken over de menselijke maat en daar wordt mee bedoeld dat schuldhulpverlening integraal, laagdrempelig en op basis van maatwerk moet worden aangeboden. En vervolgens erkent wordt dat de inwoners met schulden te maken kunnen hebben met complexe problemen zoals psychische problematiek, verslaving, relationele problemen en laaggeletterdheid. Hoe waarborgt het college dat inwoners die vanwege deze omstandigheden niet volledig in staat zijn om zelfstandig verantwoordelijkheid te dragen, niet tussen wal en schip vallen? Kan het college daarbij expliciet aangeven welke verantwoordelijkheid de gemeente neemt wanneer een inwoner ondanks motivatie en inzet niet in staat blijkt het schuldhulpverleningstraject zelfstandig succesvol te doorlopen?
Antwoord:
Vraag 51: De ASD doet acht concrete aanbevelingen. Het college geeft in de afzonderlijke reactiebrief aan dat verschillende aanbevelingen geheel of gedeeltelijk worden overgenomen. In het raadsvoorstel zelf staat echter alleen dat de ASD betrokken is geweest en dat het advies is bijgevoegd. _Kan het college per aanbeveling aangeven wat daadwerkelijk in het beleidsplan is verwerkt, wat pas in_ _het uitvoeringsplan wordt opgenomen en wat niet wordt overgenomen?_
Antwoord:
Vraag 52: Een behoorlijk deel van de inhoudelijke uitwerking wordt doorgeschoven naar het uitvoeringsplan Armoede en Schuldhulpverlening 2026–2028. Dat geldt onder meer voor onderdelen van maatwerk, kwaliteitsmeting en verschillende uitvoeringsprincipes. _Welke inhoudelijke kaders stelt de raad vandaag daadwerkelijk vast en welke wezenlijke keuzes_ _worden pas in het uitvoeringsplan gemaakt?_
Pagina 11 van 13
Antwoord:
Vraag 53: Het beleidsplan bevat verschillende percentages: 10% lagere gemiddelde schuldhoogte, 10% meer succesvolle trajecten en andere doelstellingen ten opzichte van 2026. De ASD vraagt daarbij expliciet om nulmetingen. _Wat zijn de concrete nulwaarden van 2026 waarop deze percentages zijn gebaseerd?_
Antwoord:
Vraag 54: Nazorg is één van de vijf hoofdpijlers. Als KPI wordt vervolgens vooral gemeten of 75% van de inwoners binnen zes weken na het traject is gesproken. _Meten we daarmee de kwaliteit van nazorg, of alleen dat er een gesprek heeft plaatsgevonden?_
Antwoord:
Vraag 55: De ASD vraagt aandacht voor de wettelijke termijn van maximaal vier weken. Het college antwoordt dat inwoners in Eijsden-Margraten in nagenoeg alle gevallen sneller worden geholpen. _Wat is die werkelijke gemiddelde en maximale doorlooptijd dan op dit moment?_
Antwoord:
Vraag 56: De ASD vraagt nadrukkelijk om schuldenrust, stress-sensitief werken, één regisseur en outreachend werken als expliciete uitvoeringsprincipes. Het college zegt dat advies over te nemen. _Waarom zijn deze principes dan niet al herkenbaar als kader in het beleidsplan opgenomen?_
Antwoord:
Vraag 57: In de juridische bijlage treffen wij nog passages aan die spreken over wetgeving die naar verwachting in 2022 zou worden ingevoerd. _Is voorafgaand aan dit raadsvoorstel het volledige beleidsplan, inclusief de juridische bijlagen,_ _opnieuw op actualiteit gecontroleerd?_
Antwoord:
Pagina 12 van 13
Vraag 58: De raad wordt gevraagd uitsluitend het beleidsplan vast te stellen. Een aantal belangrijke toezeggingen – waaronder verdere verwerking van ASD-adviezen en betrokkenheid van de ASD bij het uitvoeringsplan – staat niet in het raadsbesluit zelf. _Hoe worden deze toezeggingen voor de raad controleerbaar geborgd?_
Antwoord:
Vraag 59: Op welke nulmeting, gegevensbron en afbakening baseert het college de doelstelling dat de gemiddelde schuldhoogte in 2028 10% lager is dan in 2026? Kan het college deze nulmeting en meetmethode vooraf aan de raad beschikbaar stellen, zodat deze KPI daadwerkelijk controleerbaar is?
Antwoord:
Vraag 60: Waarom stuurt het college op 10% méér aanmeldingen voor schuldhulpverlening na vroegsignalering, terwijl een aanmelding niet in iedere situatie nodig of wenselijk is? Is het college bereid deze KPI te vervangen door een concreet doel dat 100% van de vroegsignalen tijdig wordt opgepakt, met registratie van contactpogingen, bereik en de passend ingezette vervolgactie?
Antwoord:
Pagina 13 van 13