Vught, 9 september 2026
Vught
Aan de leden van de raad
Uw kenmerk
Ons kenmerk
Behandeld door
Onderwerp
Datum 8 september 2026 VV/Z26 - 308831/UIT/26 - 785073 Verzonden Team Vergunningen en Veiligheid Beantwoording schriftelijke vragen ex art. 42 RvO van de fractie VVD Vught, Helvoirt & Cromvoirt d.d. 10 juli 2026 inzake het gebruik van de EBZ binnen de Penitentiaire Inrichting Vught
Geachte heer, mevrouw,
Door de fractie VVD Vught, Helvoirt & Cromvoirt zijn op 10 juli 2026 vragen gesteld met betrekking tot het gebruik van de EBZ binnen de Penitentiaire Inrichting Vught.
Beantwoording van de vragen Vraag 1: Heeft het college kennisgenomen van het artikel in het Brabants Dagblad met als titel `Rechtbank amper gebruikt - 13 juni j.l. Over het beperkte gebruik van de rechtbankvoorziening binnen de PI?
Antwoord: Ja.
Vraag 2: Deelt het college de opvatting dat de Vughtse samenleving onvoldoende profiteert van de speciaal gerealiseerde zittingszaal wanneer deze slechts beperkt wordt gebruikt, terwijl juist minder transportbewegingen, meerveiligheid, minder verkeershinder en lagere maatschappelijke kosten de belangrijkste redenen waren om deze voorziening naar Vught te halen?
1/4
Vught k'
Antwoord: Het college onderschrijft dat de realisatie van de Extra Beveiligde Zittingsvoorziening (EBZ) op het terrein van de Pl Vught is ingegeven door het streven om veiligheidsrisico's,
verkeershinder en maatschappelijke kosten te verminderen. Dat geldt ook voor de realisatie van de nieuwe noordelijke ontsluitingsweg en het realiseren van
voorzieningen voor telehoren (hierbij worden gedetineerden vanuit de Pl (kort) gehoord door een rechter, bijvoorbeeld voor verlenging van de voorlopige hechtenis.) Al deze maatregelen hebben als doel om het aantal vervoersbewegingen te verminderen.
Het is een gegeven dat de EBZ in de Pl Vught vanwege de aard en omvang van deze
voorziening slechts gebruikt kan worden voor een beperkte categorie zaken. De Rechtspraak heeft het college verzekerd dat hun inspanningen erop gericht zijn om zittingen binnen in de zittingszaal van Vught te laten plaatsvinden waar mogelijk. Per zaak is echter het aan de rechter om te beslissen of het gebruik van de extra beveiligde zittingszaal passend is.
Dat het aantal zittingen in de EBZ fors achterblijft ten opzichte van de eerdere
verwachtingen roept ook bij het college vragen op. Zie ook het antwoord op vraag 6.
Vraag 3: De VVD krijgt signalen en neemt zelf waar dat het aantal vervoersbewegingen van gedetineerden van en naar de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) mogelijk weer toeneemt. Herkent het college dit beeld? Beschikt het college over gegevens waaruit blijkt hoe het aantal vervoersbewegingen zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld?
Antwoord: Het college benadrukt dat we overlast van vervoersbewegingen van gedetineerden
serieus nemen en komt graag in contact met inwoners die hier hinder van ondervinden. Het college heeft- in tegenstelling tot een aantal jaar terug- al geruime tijd geen meldingen van overlast of verkeershinder in relatie tot vervoer van gedetineerden van en naar de Pl Vught ontvangen. Het college is van mening dat dit niet los is te zien van het geheel aan getroffen maatregelen waaronder de realisatie van zowel de extra
ontsluitingsweg als de EBZ.
Het college heeft via de Pl Vught een lijn met de Dienst Vervoer & Ondersteuning (DV&O) over het aantal transportbewegingen. De DV&O heeft bevestigd dat zij voor het uitvoeren van transporten zoveel als mogelijk gebruik maken van de noordelijke ontsluitingsroute. De exacte cijfers worden uit veiligheidsoverwegingen en het bijzonder gevoelige karakter van de EBI echter niet openbaar gemaakt door DV&O.
Vraag 4: Indien sprake is van een toename, hoe beoordeelt het college de gevolgen daarvan en de risico's die samenhangen met het vervoer van gedetineerden door of langs de bebouwde kom van Vught op het gebied van:
2/4
pogingen tot bevrijding.
Antwoord: Bij vervoer van gedetineerden, en in het bijzonder bij vervoer vanuit de Penitentiaire Inrichting Vught, vindt vooraf een zorgvuldige risicoanalyse plaats. Afhankelijk van de
aard van het transport worden aanvullende beveiligings- en begeleidingsmaatregelen getroffen. Hierbij gelden strenge veiligheidsprocedures waarover logischerwijs geen
verdere informatie gedeeld kan worden.
Het college heeft vertrouwen in de wijze waarop de betrokken veiligheidsdiensten en ketenpartners deze risico's beheersen. Door de getroffen mitigerende maatregelen
worden de risico's voor de openbare orde, de verkeersveiligheid en de veiligheid van de omgeving tot een minimum beperkt.
Vraag 5: Welke inspanningen heeft het college sinds de ingebruikname van de EBZV in maart 2025 verricht richting de Raad voor de rechtspraak, het ministerie en het kabinet om het gebruik van de EBZV te bevorderen?
Antwoord: Gelet op het beeld van het college dat de overlast van vervoersbewegingen van en naar de Pl Vught is afgenomen ten opzichte van een aantal jaar terug zijn geen specifieke inspanningen verricht om het gebruik van de EBZ te bevorderen. Dit laat onverlet dat de portefeuillehouder structureel in contact staat met de betrokken netwerkpartners om
de openbare orde en veiligheid in de directe omgeving van de PI Vught te borgen. Deze schriftelijke vragen worden ook in die overlegstructuur aan de orde gesteld.
Is het college bereid de lobby richting de Raad voor de rechtspraak, het ministerie en de staatssecretaris casu quo het kabinet opnieuw te intensiveren, met als doel zoveel mogelijk daarvoor geschikte zittingen binnen de beveiligde muren van de inrichting in Vught te laten plaatsvinden?
Antwoord: Ja, het college gaat het gesprek aan met de betrokken partijen.
Vraag 7: Is het college bereid zowel de Raad voor de rechtspraak als het kabinet en de Tweede Kamer nadrukkelijk aan te spreken op het beperkte gebruik van de EBZV en daarbij onder de aandacht te brengen dat hierdoor onnodige vervoersbewegingen, veiligheidsrisico's, verkeershinder, exploitatiekosten van vervoer en overige
3/4
maatschappelijke kosten in stand blijven, terwijl juist het beperken daarvan de belangrijkste reden was voor de realisatie van de EBZV?
Antwoord: Ja, zie ook het antwoord op vraag 6. Dit begint met afstemming met de PI Vught hoe we hier gezamenlijk in op kunnen trekken. Indien de inzet van de fracties hierbij van
toegevoegde waarde kan zijn, dan worden zij hierbij betrokken door het college.
Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Vught, de secretaris, de burgemeester,
aan
4/4