Rotterdam, 12 augustus 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Schriftelijke vragen Morkoç over lozen van vervuild afvalwater en ontbrekende vergunningvoorschriften
Partij: PRO
Aan
het
college
van
burgemeester
en
wethouders
Coolsingel
40
3011
AD
Rotterdam
Rotterdam,
12
augustus
2026
SCHRIFTELIJKE
VRAGEN
LOZINGEN
IN
HET
WATER
EN
TEKORTSCHIETENDE
VERGUNNINGEN
IN
DE
HAVEN
Geacht
college,
Onlangs
vond
een
rechtszaak
plaats
over
het
lozen
van
vervuild
afvalwater
door
een
bedrijf
in
de
Derde
Petroleumhaven
in
de
periode
van
november
2022
tot
november
2023. 1
Het
bedrijf
werd
vrijgesproken
omdat
er
in
de
vergunning
geen
juridisch
bindende
norm
was
opgenomen
voor
het
maximale
aantal
lozingen.
In
deze
zaak
kon
dus
niet
worden
vastgesteld
dat
het
bedrijf
in
strijd
met
de
vergunning
handelde,
omdat
het
maximale
aantal
toegestane
lozingen
daarin
onvoldoende
duidelijk
en
juridisch
bindend
was
vastgelegd.
Dat
betekent
echter
niet
dat
het
aantal
lozingen
vanuit
maatschappelijk
of
milieukundig
oogpunt
aanvaardbaar
was.
PRO
vindt
het
zeer
onwenselijk
dat
grote
hoeveelheden
vervuild
water
kunnen
worden
geloosd
zonder
dat
hiertegen
handhavend
kan
worden
opgetreden.
Dergelijke
lozingen
kunnen
schadelijke
gevolgen
hebben
voor
de
waterkwaliteit
en
biodiversiteit.
Bovendien
mag
het
ontbreken
van
duidelijke
vergunningvoorschriften
er
niet
toe
leiden
dat
bedrijven
kunnen
kiezen
voor
de
goedkoopste
oplossing,
terwijl
dit
ten
koste
gaat
van
de
leefomgeving.
Heldere
en
juridisch
afdwingbare
vergunningvoorschriften
zijn
daarom
noodzakelijk.
Daarom
stellen
wij
de
volgende
vragen:
1.
Is
het
college
bekend
met
de
uitspraak
van
deze
rechtszaak?
Zo
ja,
hoe
beoordeelt
het
college
het
feit
dat
de
rechter
niet
kon
vaststellen
dat
de
vergunning
was
overtreden,
omdat
daarin
geen
duidelijke
norm
is
opgenomen
voor
het
maximale
aantal
lozingen?
2.
Welke
acties
gaat
het
college
zelf
ondernemen
naar
aanleiding
van
deze
uitspraak?
3.
Ziet
het
college
aanleiding
om,
samen
met
het
bevoegd
gezag,
vergunningen
of
het
handhavingsbeleid
aan
te
passen?
4.
Is
het
college
bereid
het
bevoegd
gezag
actief
te
verzoeken
vergunningen
te
actualiseren
en
juridisch
afdwingbare
lozingsnormen
op
te
nemen,
zodat
de
1
https://www.ad.nl/rotterdam/om-eiste-83-000-euro-boete-voor-lozingen-esso-maar-rechter-spreekt-raffinaderij-
vrij~a4b84583/
waterkwaliteit
beter
wordt
beschermd
en
een
te
groot
aantal
schadelijke
lozingen
wordt
voorkomen?
Heeft
het
college
dit
verzoek
inmiddels
gedaan?
Zo
nee,
is
het
college
bereid
dit
alsnog
te
doen?
5.
De
waterkwaliteit
en
gezondheid
van
Rotterdammers
is
belangrijk.
Heeft
het
college
een
analyse
van
de
gevolgen
van
dit
soort
lozingen
voor
de
waterkwaliteit,
biodiversiteit,
en
risico’s
voor
de
gezondheid
van
Rotterdammers?
a.
Zo
ja,
wat
is
deze
analyse?
b.
Zo
nee,
wil
het
college
zo’n
analyse
laten
uitvoeren?
6.
Hoe
zijn
de
voorwaarden
voor
het
lozen
van
vervuild
afvalwater
geregeld
in
de
vergunningen
van
andere
bedrijven
in
de
Rotterdamse
haven?
Zijn
daar
algemene
lijnen
in
te
trekken?
Heeft
het
college
inzicht
in
hoeveel
vergelijkbare
vergunningen
geen
juridisch
afdwingbare
normen
bevatten
voor
lozingen?
Is
het
college
bereid
hiervan
een
inventarisatie
of
risicoanalyse
uit
te
voeren?
Het
is
niet
de
eerste
keer
dat
het
Openbaar
Ministerie
tegen
dit
bedrijf
is
opgetreden. 2
In
2023
kreeg
het
bedrijf
een
boete
van
1,25
miljoen
euro
vanwege
overtredingen
van
de
milieuvergunning
na
een
grote
brand.
Het
bedrijf
had
zich
daarbij
niet
gehouden
aan
voorgeschreven
procedures
en
veiligheidsmaatregelen.
7.
Welke
formele
en
informele
mogelijkheden
heeft
de
gemeente
om
bedrijven
aan
te
spreken
wanneer
sprake
is
van
herhaalde
incidenten,
overtredingen
of
schadelijke
activiteiten
in
de
Rotterdamse
haven?
In
2023
bleek
uit
onderzoek
van
onder
meer
Investico
dat
de
vergunningen
van
ten
minste
twaalf
industriële
bedrijven
niet
in
overeenstemming
waren
met
Europese
regelgeving
voor
schoon
water. 3
8.
Kan
het
college
aangeven
of
de
vergunning
van
het
bedrijf
dat
bij
de
rechtszaak
betrokken
was
in
overeenstemming
is
met
de
actuele
Europese
regelgeving?
Wanneer
is
deze
vergunning
voor
het
laatst
integraal
herzien
en
wanneer
staat
een
volgende
actualisatie
gepland?
9.
Kan
het
college
aangeven
wat
de
huidige
stand
van
zaken
is
met
betrekking
tot
de
vergunningen
van
de
andere
Rotterdamse
bedrijven
die
in
het
onderzoek
werden
genoemd?
Kan
daarbij
tevens
een
overzicht
worden
gegeven
van
vergunningen
die
nog
moeten
worden
aangepast
aan
de
Europese
regelgeving,
inclusief
de
planning
daarvoor?
10.
Welke
lessen
trekt
het
college
uit
deze
uitspraak
voor
toekomstige
vergunningverlening
en
handhaving?
3
https://www.platform-investico.nl/onderzoeken/industrie-in-de-knel-door-europese-waterregels
2
https://www.om.nl/actueel/nieuws/2023/02/09/esso-betaalt-1.250.000-euro-vanwege-brand
11.
Hoe
staat
Rotterdam
er
momenteel
voor
met
het
behalen
van
de
doelstellingen
uit
de
Kaderrichtlijn
Water?
Wij
zien
de
antwoorden
op
deze
vragen
met
veel
belangstelling
tegemoet.
Hoogachtend,
Mina
Morkoç
PRO