Oirschot, 23 juli 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Schriftelijke vragen (artikel 40 Reglement van Orde)
Titel: Honden en Fietsers
Naam vragensteller + fractie: Fons Peeters (CDA)
Datum van indienen: 10 juli 2026
Korte intro:
De gemeente Oirschot heeft langs het Wilhelminakanaal hondenlosloopgebieden aangewezen
waar honden vrij mogen lopen. Tegelijkertijd loopt door (delen van) deze gebieden een fietspad dat
intensief wordt gebruikt door fietsers. Dit fietspad wordt binnenkort ook opgewaardeerd naar
snelfietspad (F58). De combinatie van loslopende honden en fietsverkeer kan leiden tot gevaarlijke
situaties voor zowel fietsers als honden. Tegelijkertijd stelt de gemeente dat
hondenlosloopgebieden veilig moeten zijn ingericht. Daarom heeft onze fractie de volgende
vragen:
1. Is het college bekend met meldingen, klachten of (bijna-)ongevallen waarbij fietsers en
loslopende honden betrokken waren in de hondenlosloopgebieden langs het
Wilhelminakanaal?
2. Hoe beoordeelt het college de verkeersveiligheid van een hondenlosloopgebied waar een
openbaar fietspad doorheen loopt?
3. Is het college van mening dat de huidige inrichting voldoet aan de uitgangspunten die de
gemeente zelf hanteert voor veilige hondenlosloopgebieden?
4. Is het college bereid om de situatie ter plaatse opnieuw te beoordelen, mede gezien de
opwaardering naar snelfietspad F58?
5. Is het college bereid - op korte termijn - aanvullende maatregelen te treffen, zoals
bijvoorbeeld:
`o` het plaatsen van waarschuwingsborden voor fietsers en hondenbezitters;
`o` het creëren van een fysieke scheiding waar dat mogelijk is;
`o` het aanpassen van de begrenzing van het losloopgebied;
`o` het aanwijzen van een veiliger alternatieve locatie?
6. Kan het college aangeven welke termijn zij ziet om eventuele verbetermaatregelen uit te
werken en de raad hierover te informeren?
Wij verzoeken het college de raad te informeren over de uitkomsten van een nieuwe beoordeling
en aan de slag te gaan met maatregelen om de verkeersveiligheid voor alle gebruikers (honden én
fietsers) van het gebied te verbeteren.
=======================================================================================================
Artikel 40 Reglement van Orde - Schriftelijke vragen
1. Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. Ze hebben een politiek karakter. De vragen kunnen van een
toelichting worden voorzien. Vragen die niet voldoen aan het hiervoor gestelde worden per omgaande door de voorzitter aan
de indiener teruggestuurd.
2. De vragen worden schriftelijk beantwoord, tenzij de indiener nadrukkelijk verzoekt om mondelinge beantwoording.
3. De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de
overige raadsleden en het college of de burgemeester worden gebracht.
4. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen drie weken nadat de vragen zijn ingediend.
Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen de gestelde
termijnen kan plaatsvinden, stelt het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de
termijn aangegeven wordt waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
5. De antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad
beschikbaar gesteld.
6. De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording
in dezelfde raadsvergadering, nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord,
tenzij de raad anders beslist.