Nijkerk, 24 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Beantwoording technische vragen Meerjarenbeleidsplan Veiligheid-en Gezondheidsregio Gelderland-Midden 2027-2030 en het Regionaal Risicoprofiel
(Vervolg)vragen gesteld door Lukas Rakhorst (CDA) op 9 september 2026
1. Wordt er in aanloop naar het nieuwe dekkingsplan onderzoek gedaan naar de (grootschalige) watervoorziening?
_Antwoord: In aanloop naar een nieuw dekkingsplan wordt het huidige dekkingsplan tegen het_ _licht gehouden. Dit wordt gedaan met een brede blik op het totale repressieve_ _brandweertakenpakket, waaronder ook de (grootschalige) watervoorziening. Op het gebied_ _van (grootschalige) waterwinning wordt getoetst of de repressieve maatregelen nog passend_ _zijn voor de risico’s in het verzorgingsgebied. Hierbij hebben we het over de voertuigen,_ _mensen en middelen, niet over de infrastructuur (bijvoorbeeld brandkranen). VGGM doet dit_ _op regionale schaal en het dekkingsplan wordt door het bestuur van VGGM vastgesteld._
2. Kan er toch een inschatting gemaakt worden van de 'geringe' kosten? Welke orde van grootte hebben we het dan over?
_Antwoord: De Slangenwagen-Bluswatervoorziening wordt conform het besluit van_ _Brandweer Gelderland-Midden per 1 januari 2027 verwijderd. De systematiek voor het_ _uitzoeken van de kosten voor het onderhoud, opleiden en trainen van personeel_ _(vakbekwaamheid) is niet toegespitst om dit te kunnen doen voor één specifiek voertuig, dit_ _gebeurt op regionale schaal. Dit maakt dat de VGGM niet kan terugkijken hoe vaak het_ _voertuig in onderhoud is geweest en wat de kosten zijn hiervan. Kosten voor onderhoud_ _kunnen ook variëren vanwege inzet en eventuele reparatie die hiervan als gevolg nodig zijn._ _De VGGM heeft aangegeven daarom geen schatting te kunnen maken voor de kosten voor_ _dit specifieke voertuig._
Vragen gesteld door Mario Tiemes (VVD) op 9 september 2026
Onze koers: digitaal weerbaar en data gedreven
- Informatie gestuurd werken: we ontwikkelen richting 2030 realtime informatievoorziening waarin data van brandweer, GGD, ambulance, partners en onze eigen bedrijfsvoering binnen de grenzen van wet- en regelgeving, samenkomen. Daarmee kunnen we sneller signaleren, beter voorspellen en onze samenwerkingspartners van benodigde informatie voorzien. We zetten in op het snel versterken van onze kennis van het veilig en verantwoord gebruik van Artificiële Intelligentie (AI) bij onze medewerkers en in onze informatievoorziening.
- Cyberweerbaarheid in de keten: VGGM neemt het initiatief om samen met gemeenten en andere partners zoals zorginstellingen de digitale weerbaarheid te versterken, inclusief oefenen op digitale ontwrichting.
Vragen:
- Hoe verhoudt dit meerjarenbeleidsplan zich tot de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten?
_Bij het opstellen van het MJBP wordt door de VGGM rekening gehouden met de voor_ _hen geldende wet- en regelgeving. Dit zijn de kaders op basis waarvan ons beleid_ _ontwikkeld wordt. Wanneer gedurende de looptijd van beleidsplannen wet- en_
_regelgeving wordt aangepast, wordt door de VGGM hierop geanticipeerd. Wanneer dit_ _gevolgen heeft voor het beleid neemt de VGGM dat op in de tussentijdse planning &_ _control producten (kaderbrief en begroting). De VGGM heeft op moment van_ _beantwoording geen aanwijzingsbrief voor de Wet weerbare kritieke entiteiten (Wwke)_ _ontvangen. Dit betekent concreet dat wij vooralsnog niet hoeven te voldoen aan de_ _Wwke. De Cyberbeveiligingswet geldt wel voor VGGM en geldt daarmee als kader voor_ _het beleid en bijbehorende activiteiten._
- Welke aanvullende verplichtingen gelden voor VGGM als vitale organisatie?
_Naar aanleiding van de vitaalverklaring van veiligheidsregio’s door het ministerie van_ _Justitie & Veiligheid in 2025 is een landelijk traject opgestart met de veiligheidsregio’s en_ _het ministerie van J & V. In dit traject werd gestart met weerbaarheidsanalyses van de_ _vitaalverklaarde processen. Daarnaast wordt vanuit het programma weerbaarheid ook_ _gewerkt aan de interne continuïteit VGGM. Uit beide trajecten volgen wellicht benodigde_ _acties._
- Welke investeringen of organisatorische aanpassingen zijn hiervoor nodig?
_Wanneer investeringen of aanpassingen nodig blijken te zijn, dan zal dit op worden_ _genomen in de P&C producten (kaderbrief en begroting)._
Vragen gesteld door Mario Tiemes (VVD) op 10 september 2026
Ambulance standplaats
1. Op welke wijze kan de wethouder zich hard maken voor een standplaats van een ambulance in de Gemeente Nijkerk? En hoe wordt de gemeenteraad meegenomen in de totstandkoming van het strategisch huisvestings- en spreidingsplan?
_Antwoord: De standplaatsen van ambulances worden niet door gemeenten bepaald. De_ _spreiding en beschikbaarheid van ambulancezorg worden landelijk vastgesteld op basis van_ _een rekenmodel dat kijkt naar bereikbaarheid, aanrijtijden en de verwachte zorgvraag. Op_ _basis hiervan wordt bepaald waar ambulanceposten het meest effectief kunnen worden_ _ingezet._
_De invloed van gemeenten op de locatie van ambulanceposten en het dekkingsplan is_ _beperkt. Als gemeente kunnen wij, wanneer daar aanleiding toe is, aandacht vragen voor de_ _lokale situatie bij de Veiligheidsregio Gelderland-Midden. Daarnaast kunnen wij faciliteren_ _door geschikte locaties beschikbaar te stellen en mee te werken aan benodigde_ _vergunningen. De verantwoordelijkheid voor de organisatie, kwaliteit en financiering van_ _ambulancezorg ligt echter niet bij de gemeente, maar binnen het zorgstelsel. Daarom_ _hebben wij slechts beperkte mogelijkheden om hierop te sturen._ _De gemeenteraad wordt over ontwikkelingen binnen de veiligheidsregio geïnformeerd via de_ _kaderbrief. De raad wordt niet jaarlijks afzonderlijk geïnformeerd over de standplaatsen van_ _ambulances of de dekkingsgraad van de ambulancezorg._
_Kortom: de gemeente kan signaleren en faciliteren, maar heeft geen directe bevoegdheid om_ _standplaatsen_ _of de dekking van ambulancezorg vast te stellen._
Lokale uitwerking MJBP/RRP
2. Tijdens de beeldvorming werd aangegeven dat onderdelen van het plan nog niet per gemeente zijn uitgewerkt. Hoe kan dan worden vastgesteld welke inzet daadwerkelijk nodig is? Aanvullend wanneer krijgen gemeenten inzicht in de concrete uitwerking voor hun eigen gemeente op dit beleidsplan.
_Antwoord: Het meerjarenbeleidsplan is een strategisch document, die beleidskaders,_ _speerpunten en doelstellingen beschrijven van de VGGM. Het is een richtinggevend kader_ _voor het bestuur en biedt handvatten voor beleidsontwikkeling, uitvoering en monitoring. Er_ _worden 5 pijlers genoemd die gezien kunnen worden als samenhangende opgaven die_ _vragen om samenwerking. Het Regionaal Risicoprofiel geeft inzicht welke risico’s zich in de_ _regio voor kunnen doen en wat de effecten kunnen zijn voor de regio. Dit overzicht van_ _risico’s levert de “trends” aan waar de VGGM regionaal op wil gaan inzetten in het MJBP. In_ _het Regionaal Risicoprofiel wordt ook benoemd dat risico’s geen regionale of landsgrenzen_ _kennen (overstromingen, natuurbranden, verstoring vitale voorzieningen etc.). Een_ _natuurbrand kan bijvoorbeeld starten in Ede, waardoor Nijkerk last ervaart van_ _rookontwikkeling, maar ook een overstroming kan beginnen in Nijkerk vanuit het_ _Nuldernauw, waarbij het water verder stroomt tot aan Ede. Deze grensoverschrijdende aard_ _maakt dat een regionale voorbereiding en samenwerking noodzakelijk is. Beide_ _beleidsstukken worden niet per gemeente uitgewerkt._