Land van Cuijk, 22 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Z/26/330810 - D/26/2494182 / RIS 2026-V-95 1 Beantwoording schriftelijke vragen
Onderwerp : Beantwoording schriftelijke vragen Team Lokaal Veilig Thuis Oost-Brabant
Indiener(s) : Jan van Riet en Janneke Vloet Team Lokaal Datum vragen : 10 september 2026 Portefeuillehouder : Wethouder Edwin van Kraaij Team : Beleid Sociaal Domein Openbaar : Openbaar Datum college : 22 september 2026 Nummer vragen : RIS 2026-V-95 Datum publicatie : 22 september 2026
Samenvatting Raadslid Jan van Riet en Janneke Vloet van fractie Team Lokaal heeft op 9 juli 2026 schriftelijke vragen gesteld over het onderwerp. In dit document worden de gestelde vragen beantwoord. De gestelde vragen worden hierna telkens herhaald met daaronder het antwoord van het college. De vragen zijn voorafgegaan door een inleiding, die hierna is opgenomen.
Vraag 1 a. Is het college bekend met de brief van Veilig Thuis Oost-Brabant en de daarin geschetste situatie?
Antwoord: Ja. Het college is bekend met de brief van Veilig Thuis Oost-Brabant en de daarin beschreven situatie.
b. Hoe beoordeelt het college deze situatie?
Antwoord: Het college herkent en onderschrijft de zorgen die Veilig Thuis in de brief beschrijft. De situatie is zorgelijk, maar niet nieuw. Veilig Thuis en de samenwerkende gemeenten zijn al langere tijd met elkaar in gesprek over de oplopende werkdruk, wachtlijsten en de gevolgen daarvan voor de uitvoering van de wettelijke taken. De gemeente Land van Cuijk werkt samen met negen andere gemeenten binnen de Centrumregeling Jeugdhulp Noordoost-Brabant. Binnen deze regeling is de gemeente ’s-Hertogenbosch aangewezen als centrumgemeente. Vanuit deze regionale samenwerking wordt onder andere de uitvoering van de taken van Veilig Thuis georganiseerd. De signalen en zorgen van Veilig Thuis worden dan ook in regionaal verband besproken en opgepakt.
Z/26/330810 - D/26/2494182 / RIS 2026-V-95 2 Vraag 2 Welke gevolgen heeft deze situatie volgens het college voor onze gemeente en voor inwoners bij wie zorgen bestaan over de veiligheid thuis?
Antwoord: De gevolgen zijn merkbaar voor zowel inwoners als professionals. Veilig Thuis geeft aan dat niet acute meldingen momenteel langer blijven liggen voordat met directbetrokkenen en samenwerkingspartners kan worden beoordeeld wat nodig is om de situatie veiliger te maken. Bij acute onveiligheid blijft Veilig Thuis direct handelen en vindt een veiligheidsbeoordeling, en zo nodig directe inzet, plaats.
De problematiek heeft daarnaast gevolgen voor de uitvoerende teams van onze gemeente. Wanneer Veilig Thuis zaken afsluit of overdraagt, wordt een groter beroep gedaan op de uitvoerende teams sociaal domein van de gemeente, zoals team Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) en CJG (Centrum voor Jeugd en Gezin). Tegelijkertijd ervaren ook gecertificeerde instellingen en zorgaanbieders capaciteitsproblemen en wachtlijsten. Hierdoor kan het voorkomen dat een uitvoerend team een casus overneemt, maar niet direct de benodigde specialistische hulp kan inzetten. De verantwoordelijkheid voor de inwoner blijft dan bij de gemeente liggen. Zij zorgt er ook voor dat er passend aanbod is. Dit leidt tot extra druk op de uitvoerende teams en kan ertoe leiden dat professionals langer betrokken blijven bij complexe situaties. Dit gaat vooral ten koste van het vertrouwen van het gezin in de hulpverlening, het vergroot het risico op toename van de onveiligheid en het beperkt daarnaast ook de beschikbare capaciteit voor andere hulpvragen.
Het college vindt het daarom belangrijk om de ontwikkeling van de wachtlijsten niet geïsoleerd bij Veilig Thuis te bekijken, maar in samenhang met de druk in de gehele veiligheids- en zorgketen. In overleg met de samenwerkende gemeenten is inmiddels besloten een externe partij in te zetten ter ondersteuning van Veilig Thuis, om de veel te omvangrijke wachtlijst op te kunnen pakken. Deze ondersteuning is op 15 juli 2026 gestart. De ingezette medewerkers zijn SKJ-geregistreerd en hebben ervaring met het werk van Veilig Thuis. Zij worden ingezet op casussen die op de wachtlijst staan. De problematiek rondom de wachtlijsten bij Veilig Thuis is overigens niet beperkt tot Oost- Brabant. Ook andere Veilig Thuis-organisaties in Nederland kampen met een hoge werkdruk en oplopende wachtlijsten.
Vraag 3 Welke verantwoordelijkheid ziet het college voor zichzelf en voor de samenwerkende gemeenten om ervoor te zorgen dat Veilig Thuis zijn wettelijke taken binnen de geldende normen kan uitvoeren, en welke concrete stappen worden hierin momenteel gezet?
Antwoord: Het college ziet hierin een gezamenlijke verantwoordelijkheid van Veilig Thuis en de samenwerkende gemeenten. Veilig Thuis is verantwoordelijk voor de uitvoering van de wettelijke taken en het voldoen aan de geldende wettelijke normen en kwaliteitskaders. De samenwerkende gemeenten zijn als opdrachtgever verantwoordelijk voor de randvoorwaarden waarbinnen Veilig Thuis deze taken kan uitvoeren, waaronder
Z/26/330810 - D/26/2494182 / RIS 2026-V-95 3 voldoende financiering, capaciteit, kwaliteit en monitoring. Het college is daarnaast verantwoordelijk voor een goede aansluiting op de lokale uitvoering en voor het aanpakken van lokale knelpunten die de doorstroom vanuit Veilig Thuis belemmeren.
Vraag 4 a. Welke structurele oorzaken liggen volgens het college ten grondslag aan de huidige wachtlijsten?
Antwoord: - Toename van de complexiteit van casuïstiek, ziekteverzuim onder personeel en een te krappe begroting zijn oorzakelijke factoren. - Ook organisaties waarnaar Veilig Thuis verwijst of mee samenwerkt te maken hebben met wachtlijsten en capaciteitsproblemen. Door de wachtlijsten neemt vertrouwen af en de complexiteit toe. Dit leidt tot meer onveiligheid en dus ook nieuwe meldingen. - Passende hulp of specialistische expertise is niet altijd direct beschikbaar. Veilig Thuis draagt zaken over en sluit ze af, waardoor een gezin op een nieuwe wachtlijst komt te staan. Het logische gevolg is dat er vervolgens opnieuw meldingen bij Veilig Thuis binnen komen, omdat een gezin maar op een wachtlijst blijft staan.
b. Wat is nodig om deze oorzaken duurzaam weg te nemen?
Antwoord: Voor een duurzame oplossing is het niet voldoende om alleen de wachtlijst bij Veilig Thuis terug te dringen. Ook elders in de veiligheids- en zorgketen bestaan capaciteitsproblemen en wachtlijsten. Zonder verbetering daarvan bestaat het risico dat wachtlijsten zich verplaatsen en inwoners na overdracht door Veilig Thuis alsnog niet tijdig passende ondersteuning krijgen. Daarom wordt voor de langere termijn ingezet op versterking van de gehele veiligheids- en zorgketen, onder meer door stevige lokale teams, veiligheidscoördinatie en het programma Veilig in Afhankelijkheidsrelaties (ViA). Het doel is problemen eerder op te vangen, escalatie te voorkomen en zo de druk op Veilig Thuis en de gespecialiseerde jeugdhulp te verminderen. Daarnaast wordt bezien welke taken Veilig Thuis uitvoert en welke structurele capaciteit en financiering daarvoor nodig zijn, zodat Veilig Thuis zijn taken naar behoren en binnen de geldende normen kan uitvoeren.
Vraag 5 Op welke wijze wordt de gemeenteraad betrokken bij de verdere ontwikkelingen en eventuele bestuurlijke of financiële keuzes die hieruit voortvloeien?
Antwoord: Het college informeert de gemeenteraad over relevante ontwikkelingen wanneer deze gevolgen hebben voor de uitvoering van gemeentelijke taken, de dienstverlening aan inwoners of de gemeentelijke financiële kaders. De ontwikkeling rondom Veilig Thuis wordt daarbij betrokken bij de reguliere bestuurlijke en financiële besluitvorming. Wanneer uit de regionale gesprekken en onderhandelingen keuzes voortkomen die vragen om een besluit van de gemeenteraad, bijvoorbeeld wanneer hiervoor aanvullende gemeentelijke middelen of een wijziging van gemeentelijke kaders nodig is, wordt de raad hierover tijdig geïnformeerd en wordt een voorstel aan de
Z/26/330810 - D/26/2494182 / RIS 2026-V-95 4 raad voorgelegd. Daarnaast zal het college de raad informeren over relevante ontwikkelingen in de veiligheids- en zorgketen wanneer deze daartoe aanleiding geven.
Vraag 6 a. Hoe is de bestuurlijke relatie tussen de gemeente(n) en Veilig Thuis georganiseerd (het is geen gemeenschappelijke regeling en we vinden Veilig Thuis ook niet terug als losse post in de begroting)?
Antwoord: Veilig Thuis Oost-Brabant is geen zelfstandige gemeenschappelijke regeling. De bestuurlijke aansturing en financiering zijn regionaal georganiseerd. De gemeente ’s- Hertogenbosch vervult de rol van centrumgemeente en ontvangt onder andere de DUVO- middelen die deels worden ingezet voor de financiering van Veilig Thuis.
Daarnaast is het budgettaire kader jeugdhulp van belang voor de financiering. Binnen de regionale governance zijn de gemeenten ’s-Hertogenbosch, Boekel en St. Michielsgestel als bestuurlijk opdrachtgevers betrokken. De overige gemeenten zijn via de regionale bestuurlijke en ambtelijke overlegstructuren betrokken bij de ontwikkelingen en besluitvorming. De bestuurlijke en ambtelijke afstemming vindt onder andere plaats via het Regionaal Bestuurlijk Overleg Jeugd, het directeurenoverleg Sociaal Domein en het RTA Jeugd. Zoals eerder genoemd wordt gewerkt met een centrumregeling, met ’s-Hertogenbosch als centrumgemeente. In de regeling zijn ook de taken rond Veilig Thuis opgenomen. De centrumgemeente contracteert via RIOZ (Regionale Inkooporganisatie Zorg) Veilig Thuis. Veilig Thuis voert de wettelijke taken uit. De strategisch netwerkadviseur zorgt er hierbij voor dat al deze gremia aan elkaar verbonden zijn en blijven en adviseert hierin (RBO, RTA, RIOZ, ViA, bestuurders Veilig Thuis).
b. Kunt u ons daar meer inzicht in geven?
Antwoord: De hoogte van het lumpsumbedrag, dat Veilig Thuis krijgt, is na aftrek van de DUVO middelen opgenomen in het budgettair kader jeugd (hieronder wat concreter uitgewerkt). Zolang financiële afspraken passen binnen de huidige begroting voor 2026, heeft RIOZ mandaat tot het maken van deze afspraken. Wanneer het buiten de begroting valt, komt het langs de colleges. Voor Land van Cuijk betekent dit dat de gemeente niet als individuele opdrachtgever rechtstreeks de volledige bedrijfsvoering van Veilig Thuis aanstuurt. De gemeente is wel onderdeel van de regionale bestuurlijke samenwerking en heeft vanuit die positie invloed op de beleidsmatige, financiële en inhoudelijke ontwikkeling van Veilig Thuis.
De regionale inleg voor Veilig Thuis bedraag in 2026 €9.154.600, daar gaat €3.182.900 aan Rijksinkomsten via DUVO af. Het aandeel van Land van Cuijk is gebaseerd op een verdeelsleutel naar inwoneraantal, wat neerkomt op €823.495.
Hoe ziet het vervolgtraject eruit? Niet van toepassing.
Z/26/330810 - D/26/2494182 / RIS 2026-V-95 5 Bijlagen Bij deze beantwoording horen geen bijlagen.
Burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester,
Johan Postma Marieke Moorman