Arnhem, 16 juni 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Overlast in wijken
Schriftelijke vragen ex artikel 44 Reglement van orde
Arnhem, 11 mei 2026
Geacht college,
De afgelopen maanden lijkt de overlast van zeer jonge inwoners in met name de Arnhem Oost wijken te zijn toegenomen. Bewoners melden niet alleen rondhangen, maar ook gevaarlijk gedrag zoals fatbike-racen, schelden, bedreigingen en vuurwerkincidenten. Een ernstig voorval in de wijk Arnhemse Broek heeft begin april de veiligheidsgevoelens in de wijk verder onder druk gezet. Hoewel het om een kleine groep jongeren gaat, is de impact op de leefbaarheid groot. Wat deze situatie extra zorgwekkend maakt, is dat de overlast niet lokaal beperkt blijft. Jongeren uit andere wijken en soms zelfs gemeenten (zoals Velp en Huissen) komen naar Het Broek en andere plekken in Arnhem, wat wijst op een stadsbreed en mogelijk regionaal probleem. De huidige aanpak met inzet van gemeente, politie, handhaving en jongerenwerk, is een goede eerste stap, maar roept vragen op over structureel beleid ten aanzien van preventie, samenwerking, de rol van buurtinitiatieven en de inrichting van de openbare ruimte.
Wij hebben hierover de volgende vragen:
1. Preventie en ontmoeting
- Welke preventieve maatregelen neemt de gemeente om overlast door jongeren in Arnhem Oost te voorkomen, met name gericht op ontmoeting en sociale binding in de wijk?
2. Stadsbrede en regionale samenwerking
- Hoe wordt de verplaatsing van overlast tussen buurten, wijken en gebieden (bv. Broek, Geitenkamp, Malburgen, Velp, Huissen) gemonitord?
- Is er een gecoördineerde aanpak die verder gaat dan reactief ingrijpen?
- In welke mate en vorm wordt samengewerkt met de direct aangrenzende gemeenten?
3. Samenwerking tussen partijen
1
- Hoe zorgt de gemeente voor structurele samenwerking tussen jongerenwerk, buurtinitiatieven, scholen en andere partijen om “ogen in de wijk” te creëren?
4. Rol van buurtinitiatieven
- Hoe werkt de gemeente samen met niet-gouvernementele initiatieven (bv. buurtwachten, sportclubs, bewonersgroepen) om overlast te signaleren en jongeren te betrekken?
- Hoe worden deze initiatieven ondersteund?
5. Inrichting openbare ruimte
- Welke fysieke aanpassingen worden overwogen of uitgevoerd om veilige verblijfsplekken en “speelruimte” in de stad te faciliteren, zodat jongeren positieve leefruimte hebben?
6. Evaluatie en participatie
- Hoe meet de gemeente het succes van de aanpak gericht op ontmoeting en preventie?
- Door wie en met wie wordt periodiek gerapporteerd over de ervaringen van bewoners, jongeren en organisaties?
Namens de fractie van Volt,
Marlies Neutkens
2