Heemstede, 1 oktober 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
De bron levert dit stuk ook in een andere versie: versie 1. Die tellen niet apart mee.
Van: Verzonden: woensdag 23 september 2026 15:52 Aan: Gemeente Heemstede CC: Raadsgriffier Heemstede Onderwerp: 70. Reactie op uw antwoorden van 22 september 2026 — dossier Cruquiusbrug (zaaknummer 1388872), verzoek tot opname als ingekomen stuk vóór 1 oktober 2026 Bijlagen: bijlage-antwoordbrief-binnendijk.pdf
Geachte burgemeester,
In de bijlage treft u mijn reactie aan op uw antwoorden van 22 september 2026 inzake mijn verzoek tot toetsing van de bestuurlijke integriteit van het voorzitterschap van de commissie Samenleving van 16 september 2026 (dossier Cruquiusbrug, zaaknummer 1388872).
Alle in de brief genoemde tijdstippen zijn kloktijden in de openbaar toegankelijke vergaderopname van 16 september 2026 (https://gemeentebestuur.heemstede.nl/Vergaderingen/CommissieSamenleving/2026/16-september/20:00) en daarmee door u en ieder raadslid te verifiëren.
Ik verzoek u om schriftelijke reactie en om opname van deze brief als ingekomen stuk voor de gemeenteraad, gelet op de behandeling op 1 oktober 2026.
Met vriendelijke groet,
1
Antwoordbrief aan burgemeester Binnendijk
Datum: 23 september 2026 Aan: burgemeester F. Binnendijk, gemeente Heemstede CC: griffie, t.a.v. het presidium Betreft: Reactie op uw antwoorden van 22 september 2026 inzake mijn verzoek tot toetsing van de bestuurlijke integriteit — voorzitterschap commissie Samenleving, 16 september 2026, dossier Cruquiusbrug (zaaknummer 1388872) Verzoek: opname als ingekomen stuk vóór de raadsvergadering van 1 oktober 2026
Geachte burgemeester,
Dank voor uw reactie van 22 september 2026. Uw antwoorden bevestigen de kern van mijn zorg, maar nemen die niet weg. Ik zet dat hieronder per punt uiteen, aan de hand van de openbaar toegankelijke vergaderopname van 16 september 2026. Alle genoemde tijdstippen zijn kloktijden in die opname en daarmee door u en ieder raadslid te verifiëren.
Voor de helderheid vooruit: ik ben geen inwoner van Heemstede. Ik woon in Zwaanshoek, maar mijn gezin en ik leven voor een groot deel in uw gemeente: wij maken vrijwel dagelijks gebruik van de Cruquiusbrug en de fietspaden eromheen, voor school, sport en bezoeken aan vrienden, en wij hebben jarenlang in Heemstede gewoond. Juist vanuit die positie — de omgeving van de locatie — doe ik een beroep op uw rol als bevorderaar van de bestuurlijke integriteit. De eigen gedragscode van de raad ondersteunt dat: _“Of sprake is van de schijn van_ _niet integer gedrag wordt altijd gedefinieerd door de omgeving, die daarvan_ _melding kan doen aan de burgemeester.”_
Op basis van uw eigen antwoorden en de openbare bronnen gelden tegelijkertijd de volgende feiten:
- Mevrouw Pameijer is fractievoorzitter van PRO Heemstede. PRO levert met wethouder Meerhoff–Dekker de portefeuillehouder van het dossier asielopvang waarover zij op 16 september het voorzitterschap voerde [(overheid.nl – gemeente Heemstede, gemeente Heemstede –](https://organisaties.overheid.nl/24295/Gemeente_Heemstede) [coalitievorming).](https://www.heemstede.nl/actueel/coalitievorming-heemstede-met-d66-vvd-en-pro-afgerond)
- Zij is sinds begin 2025 adviseur integriteit bij het COA — de beoogde contractpartij van de gemeente in precies dit dossier.
- U bevestigt in uw antwoord op vraag 3 uitdrukkelijk dat zij “als lid van de agendacommissie en voorzitter van de commissie Samenleving betrokken
[is] geweest bij de voorbereiding, agendering en inrichting van de behandeling van dit onderwerp op 16 september”.
De voorzitter heeft dus niet alleen de vergadering geleid; zij heeft ook medebepaald hoe het onderwerp werd voorbereid, geagendeerd en ingericht — als fractievoorzitter van de partij van de portefeuillehouder, en in dienst van de beoogde contractpartij. Dat is geen verdenking aan haar adres; het is een feitelijke constatering over de inrichting van de besluitvorming.
U schrijft dat de gedragscode van de raad bepaalt dat schijn van belangenverstrengeling en schijn van niet-integer gedrag zo veel mogelijk moeten worden voorkomen, en u voegt daaraan toe dat het “verstandig [kan] zijn als het raadslid niet deelneemt aan de beraadslaging en stemming met betrekking tot onderwerpen over het COA”. Tegelijk meldt u dat mevrouw Pameijer direct na aanvaarding van haar COA-functie heeft aangegeven “niet het woord te zullen voeren over agendapunten met betrekking tot het COA”.
Die toezegging is op 16 september in de praktijk niet waargemaakt. Zij voerde geen woord als fractielid — maar zij voerde wél het debat als voorzitter over een agendapunt dat in de kern een COA-aangelegenheid is. Uit de openbare opname:
- Zij gaf richting aan het debat en sprak het raadslid van Samen Sterk Heemstede — het enige raadslid dat zich uitdrukkelijk tégen de locatie keerde — herhaaldelijk toe met verwijzingen naar “kort en bondig” (21:18, 21:59, 22:21), terwijl de bijdragen van de coalitiefracties en haar eigen partijgenoten ononderbroken konden verlopen.
- Om 21:59 valt de bijdrage van de heer Geels letterlijk midzins weg; er volgt een stilte van ruim drie seconden, waarna de voorzitter inhoudelijk ingrijpt (“we horen vooralsnog geen vraag”). De heer Geels riep direct daarna een punt van orde uit: “ik wil een vraag stellen, maar u kapt mij steeds af” (22:00).
- Kort daarna erkende zij zelf een asymmetrie: de burgemeester beantwoordde ongevraagd een vraag van de heer Geels, terwijl de heer
Geels daarvoor juist was terugverwezen naar een later agendapunt — “hij begint spontaan zelf te antwoorden, dat is inderdaad het geval geweest” (22:09). De asymmetrie werd erkend, maar niet hersteld.
Ik benadruk uitdrukkelijk: uit de opname alleen is niet te bewijzen wie technisch verantwoordelijk was voor het wegvallen van de stem om 21:59. Dat is ook niet mijn stelling. Mijn stelling is dat de wijze van voorzitten in haar totaliteit — bezien in het licht van de hiervoor beschreven positie — de door uzelf genoemde maatstaf “schijn zo veel mogelijk voorkomen” niet haalt.
Na uw reactie verscheen op 22 september 2026 een bericht in De Telegraaf en het Haarlems Dagblad waarin mevrouw Pameijer, de griffier en anderen uitgebreid reageren. Dat bericht neemt mijn zorg niet weg; het bevestigt en verdiept die op vier punten.
3a. De agendacommissie beoordeelde haar eigen lid. Mevrouw Pameijer stelt: “In de agendacommissie is daar bij stilgestaan. Die zag geen belemmering.” U hebt mij schriftelijk bevestigd dat mevrouw Pameijer zelf lid is van die agendacommissie. Dat lidmaatschap is bovendien structureel: artikel 3, eerste lid, van het Reglement van orde van de raad van Heemstede bepaalt dat de agendacommissie bestaat uit de voorzitter en minimaal drie raadsleden, waaronder de voorzitters van de raadscommissies — en mevrouw Pameijer is [voorzitter van de commissie Samenleving (Reglement van orde gemeenteraad](https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR752028/1) [Heemstede). De commissie die haar positie beoordeelde, is derhalve een](https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR752028/1) commissie waarin zij krachtens het reglement zitting heeft. Dat is geen onafhankelijke toetsing. Ik verzoek u om openbaarmaking van de vastlegging van die beoordeling: wanneer vond deze plaats, wie namen eraan deel en hoe is de betrokkene zelf erbuiten gehouden?
3b. De stelling “op geen enkel moment inhoudelijk betrokken” is in haar absoluutheid niet houdbaar. Mevrouw Pameijer stelt in dat bericht dat zij als voorzitter “op geen enkel moment inhoudelijk betrokken” was. Die categorische formulering is met de openbare opname niet te verdedigen. Zij sloot de behandeling van het hoofdagendapunt af met een eigen samenvattende interpretatie van de avond — “over het algemeen is er steun voor de locatie uitgesproken” (22:22) — en kwalificeerde een bijdrage van D66 als “duidelijke woorden” (22:19). Een voorzitter die samenvat en kwalificeert, bepaalt daarmee mede het beeld dat van de avond blijft hangen; dat is een inhoudelijke invloed op
de buitenwereld, hoe ordentelijk het presideren op zichzelf ook is geweest. Mijn punt is niet dat zij het debat inhoudelijk heeft gered; mijn punt is dat de gepresenteerde volstrekte afstandelijkheid niet overeenkomt met het hoorbare feitenmateriaal.
3c. De griffie parkeert de integriteitstaak bij de betrokkene zelf. Griffier stelt: “Ook of ze in dit geval voorzitter is, is aan haarzelf.” Binnen de kaders van artikel 28 van de Gemeentewet is dat te verdedigen: een dienstverband als adviseur maakt haar juridisch geen “vertegenwoordiger” van het COA, en u kunt haar deelname niet verbieden. Dat betwist ik ook niet. Maar de integriteitsvraag eindigt niet bij artikel 28 — die begint daar pas. De door de raad van Heemstede vastgestelde Gedragscode Integriteit [Volksvertegenwoordigers bepaalt (overheid.nl):](https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR378586)
- in artikel 2.3: _“Indien een raadslid meent dat er mogelijk sprake is van een_ _situatie waarbij zijn onafhankelijkheid kan worden betwijfeld, in verband_ _met een direct belang of een persoonlijke betrokkenheid, dan meldt het_ _raadslid dat schriftelijk aan de voorzitter van de raad”_ - en die voorzitter van de raad bent u;
- en over de schijn: _“Of sprake is van de schijn van niet integer gedrag wordt_ _altijd gedefinieerd door de omgeving, die daarvan melding kan doen aan de_ _burgemeester.”_
De wettelijke bevorderingstaak (artikel 170, tweede lid, Gemeentewet) legt de opvolging van zo’n melding bij u, met uitdrukkelijke aandacht voor preventie (toelichting bij artikel 6.2 van de gedragscode). “Aan haarzelf” is als antwoord op die samenhangende taak onvoldoende; het maakt uw rol onzichtbaar precies daar waar die rol ertoe doet.
3d. De oppositie deelt de waarneming. HBB-raadslid mevrouw Rost van Tonningen-Retera stelt in datzelfde bericht: “Iedereen moet evenveel spreektijd krijgen. Pameijer had ook de burgemeester naar een later agendapunt kunnen verwijzen.” Zij benoemt daarmee in het openbaar precies de asymmetrie die de voorzitter om 22:09 zelf erkende (zie Bijlage A). HBB-fractievoorzitter Duinker concludeert: “Voor alle zekerheid was het met zo’n onderwerp misschien beter geweest als iemand anders deze vergadering had voorgezeten.” De vraag is daarmee niet meer óf de inrichting suboptimaal was — dat erkent de raad nu zelf
- maar wat u eraan doet voor de verdere behandeling.
Ik vroeg welke maatregel u treft om in het vervolgtraject van dit dossier de schijn van belangenverstrengeling te vermijden. Uw antwoord verwijst naar de eigen afweging van het raadslid. Dat is geen maatregel; dat is het handhaven van de bestaande situatie.
Tot en met 1 oktober liggen drie momenten met een COA-component: de beraadslaging over de bestuursovereenkomst, het advies over de voorkeurslocatie en — in voorbereiding — het advies over de omgevingsvergunning. Ik verzoek u vóór de raadsvergadering van 1 oktober 2026 schriftelijk te bevestigen:
1. dat het voorzitterschap van commissie- en raadsbehandelingen met een COA-component voor de rest van dit dossier wordt neergelegd bij een voorzitter die geen dienstverband heeft bij het COA;
2. dat de hoofd- en nevenfuncties van álle raadsleden — waaronder die van mevrouw Pameijer bij het COA — vóór 1 oktober aantoonbaar en volledig gepubliceerd zijn, zoals u al hebt toegezegd (“de griffie zal dit terstond corrigeren”);
3. dat de afweging van mevrouw Pameijer over deelname aan beraadslaging en stemming op 1 oktober, en de wijze waarop u als bevorderaar van de bestuurlijke integriteit (artikel 170, tweede lid, Gemeentewet) die afweging hebt besproken, schriftelijk worden vastgelegd en met de raad worden gedeeld;
4. dat deze brief wordt opgenomen op de lijst van ingekomen stukken vóór de raadsvergadering van 1 oktober 2026.
Mijn verzoek is niet persoonsgericht. Het gaat mij om de zuiverheid van de besluitvorming over een opvanglocatie voor circa 160 personen in Beschermd Landschap, met zeer ingrijpende gevolgen voor de omgeving van de Cruquiusbrug — een dossier waarin het COA beoogd contractpartij is. In zo’n dossier moet de besluitvorming niet alleen zuiver zijn, maar ook aantoonbaar zuiver lijken. Op 16 september was dat laatste niet het geval, en uw antwoorden nemen dat niet weg.
Ik verzoek u om een schriftelijke reactie binnen vijf werkdagen, gelet op de raadsvergadering van 1 oktober.
Hoogachtend,
[Bron: gemeentebestuur.heemstede.nl – Commissie Samenleving, 16 september](https://gemeentebestuur.heemstede.nl/Vergaderingen/Commissie-Samenleving/2026/16-september/20:00) [2026 (audioregistratie gestart om 19:41:34; alle tijdstippen hieronder zijn](https://gemeentebestuur.heemstede.nl/Vergaderingen/Commissie-Samenleving/2026/16-september/20:00) kloktijden).
Kloktijd Moment
20:22 Eerste schorsing tijdens het inspreken wegens “verstoring”
20:52 Voorzitter breekt vraagantwoord tussen Geels en een inspreker af
20:58 Voorzitter verzoekt de zaal tot stilte tijdens een kritische inspreker
21:18 Voorzitter onderbreekt de eerste termijn van Geels
21:19 Tweede schorsing, direct na die confrontatie
21:26 Ultimatum aan het publiek bij de hervatting
21:59 De bijdrage van Geels valt midzins weg; na een stilte van ruim drie seconden grijpt de voorzitter inhoudelijk in
Letterlijke passage (weergave op basis van transcriptie)
“Er is een verstoring en dat betekent dat ik ga schorsen.”
“Ik wou al tussenbeide komen, want we zijn niet in een debat.”
“Ik wil u wel vragen te houden aan de eerder gemaakte afspraken.”
“Kunt u dat kort en bondig verwoorden?”
“Ik ga weer even schorsen.”
“Dan zal ik alle toeschouwers moeten verzoeken de zaal te verlaten.”
“We horen vooralsnog geen vraag.”
Kloktijd Moment
Letterlijke passage (weergave op basis van transcriptie)
22:00 Punt van orde van Geels “Ik wil een vraag stellen, maar u kapt mij steeds af.”
22:09 Voorzitter erkent de asymmetrie tussen burgemeester en Geels
22:19 Voorzitter kwalificeert een D66-bijdrage
22:21 Geels’ bijdrage opnieuw onder tijdsdruk gezet
22:22 Samenvattende interpretatie van de voorzitter over de uitkomst van de avond
22:55 Burgemeester erkent dat incidenten bij Dreef 156 niet aan de raad maar aan het presidium zijn gemeld
22:57 Burgemeester erkent dat dit hem kan worden voorgehouden
“Hij begint spontaan zelf te antwoorden, dat is inderdaad het geval geweest.”
“Hartelijk dank, mevrouw Bourahma, duidelijke woorden.”
“Kort en bondig.”
“Over het algemeen is er steun voor de locatie uitgesproken.”
“Toen ik hier burgemeester van deze gemeente werd, heb ik in het presidium de afspraak gemaakt dat ik dat in het presidium zou melden.”
“Dat is dan misschien wel een punt wat u mij zou kunnen voorhouden en dat zou dan een terecht punt zijn.”
[Posities per 23 september 2026, op basis van overheid.nl en het coalitieakkoord](https://www.vvd.nl/gemeente-heemstede/nieuws/coalitieakkoord-2026-2030/) [2026–2030:](https://www.vvd.nl/gemeente-heemstede/nieuws/coalitieakkoord-2026-2030/)
Spreker Partij Relatie tot het dossier
Mw. Jacobs / mw. Bourahma
D66 (5 zetels) Coalitie; D66 levert wethouder Van den Berg
Dhr. Boudewijn VVD (5 zetels) Coalitie; VVD levert wethouder Stam
Mw. Steenvoorde PRO (4 zetels) Coalitie; fractie van zowel de commissievoorzitter (Pameijer) als de portefeuillehouder asielopvang (Meerhoff– Dekker)
Mw. Rost van Tonningen-Retera
HBB (3 zetels) Oppositie; steunde het voorstel met bedenkingen
Dhr. Van der Weijden CDA (2 zetels) Oppositie; geen wensen of bedenkingen geformuleerd
Mw. Post van Zon Lijst Post-van Zon (1 zetel)
Dhr. Geels Samen Sterk Heemstede (1 zetel)
Eenmansfractie; sprak steun uit
Enige expliciete tegenstander in de commissie
Conclusie: de commissiebehandeling van 16 september werd voorgezeten door de fractievoorzitter van de partij van de portefeuillehouder. Vrijwel alle fracties uitten steun voor de locatie; slechts één raadslid van één zetel was expliciet tegen. Juist in zo’n eenzijdige samenstelling is de zichtbare neutraliteit van de voorzitter medebepalend voor de aanvaardbaarheid van de uitkomst. Die institutionele inrichting — niet het functioneren van één persoon — is het onderwerp van dit verzoek.