Dordrecht, 13 oktober 2026
Bron laatst gecontroleerd op 7 oktober 2026.
een vervolg
Colofon
Evaluatie Samen tegen armoede 2023-2026 Gemeente Dordrecht Augustus 2026
Bijlage bij de raadsinformatiebrief ‘voortgang en evaluatie programma Samen tegen armoede 2023-2026 met zaaknummer 2026-0105940.
Opgesteld door Leonie Dekkers Programmamanager Armoede & Schulden Raphaël Muller Senior beleidsmedewerker Armoede & Schulden
2
Inhoudsopgave
Inleiding 4 Programmalijn 1 - Inkomensondersteuning, signalering van en hulp bij schulden en geldzaken 5 Persoonlijk minimabudget (PMB-120% WSM) 6 Bijzondere bijstand (BB - 110% WSM) 7 Gemeentepolis (130% WSM) 8 Gratis bellen voor minima 9 Dordtpas voor minima (140% WSM) 9 OV-regeling voor minima (140% WSM) 11 Gratis bibliotheek abonnement (140% WSM) 12 Wettelijke vroegsignalering 13 Laagdrempelige plekken in de wijk 15 Geldpraatje 17 Doorontwikkeling digitale informatievoorziening 18 Gratis budgetcoaching 19 Life event ‘ik ga met pensioen’ 19 Life event ‘Ik word 18’ 20 Schuldhulpverlening 22 Training Herken Geldzorgen voor vrijwilligers van verenigingen en maatschappelijke initiatieven 23 Financiële educatie en sleutelpersonen 24
Programmalijn 2 - Het bestrijden en voorkomen van kinderarmoede 25 SMS-Kinderfonds (tot 140%-150% WSM) 26 Gratis Babyspullen (130% WSM) 28 Financiële educatie voor jongeren 29 Menstruatiearmoede 29 Kinderraad Dordt West 30
Programmalijn 3 - Het ondersteunen van werkende inwoners met een laag inkomen 31 Geldzorgen op de werkvloer 32 Financiën 34 Armoedebeleid 35
Onderzoeksbevindingen 36 1 Minima-effectrapportage (MER) 37 2 Nibud-onderzoek: Rondkomen van een laag inkomen in de gemeente Dordrecht 39 3 Evaluatiesessie met samenwerkingspartners 41
Conclusies en aanbevelingen 42 Conclusies en aanbevelingen voor een volgend armoede- en schuldenbeleid 43 1. Het gebruik van inkomensondersteunende regelingen verder vergroten 43 2. Vroegsignalering verder intensiveren 44 3. Blijven investeren in laagdrempelige ondersteuning dichtbij inwoners 44 4. Samenwerking en regie verder versterken 45 5. Extra aandacht voor financieel kwetsbare groepen 45
3
Inleiding
Het programma Samen tegen armoede 2023-2026 vormt de uitwerking van het Dordtse armoede- en schuldenbeleid en heeft als doel de bestaanszekerheid van financieel kwetsbare inwoners te verbeteren aan de hand van drie programmalijnen:
- Inkomensondersteuning, signalering van en hulp bij schulden en geldzaken;
- Het bestrijden en voorkomen van kinderarmoede;
- Het ondersteunen van werkende inwoners met een laag inkomen.
Voor de evaluatie maken we op basis van beschikbare data het effect van de verruiming van de minimaregelingen inzichtelijk. Dit doen we door (waar mogelijk) 2022 als referentiejaar te laten zien. De verruiming van doelgroep en/of bedrag is vanaf 2023 ingevoerd. De cijfers over 2026 zijn buiten beschouwing gelaten, omdat dit jaar nog niet volledig is en daardoor geen representatief beeld geeft. Vervolgens worden per programmalijn de kwantitatieve en kwalitatieve resultaten en de effectiviteit van de ingezette interventies weergegeven.
Voor de beoordeling van deze resultaten is naast data gebruikgemaakt van signalen en ervaringen uit de uitvoeringspraktijk. Hiervoor is in juli 2026 een evaluatiesessie georganiseerd met De Alliantie Dordrecht, De Buitenwacht, Debster’s, Dordtse Adviesraad Sociaal, Het Leger des Heils, Hulplijn Dordrecht, Mooi Sociaal, Platform tegen Armoede, Samen Dordt, SchuldHulpMaatje, Sociale Dienst Drechtsteden, Stichting Helpende Handen, Stichting Humanitas en Stichting voor de Werkplaats.
4
Met deze programmalijn richten we ons op het vroegtijdig signaleren van financiële problemen, het toeleiden van inwoners naar inkomensregelingen en het bieden van ondersteuning door schuldhulpverlening.
Inkomensondersteuning via minimaregelingen Wij bieden verschillende minimaregelingen die inwoners met een laag inkomen ondersteunen bij maatschappelijke participatie en het betalen van noodzakelijke of onvoorziene kosten. Deze regelingen dragen bij aan het versterken van de bestaanszekerheid van inwoners. Tegelijkertijd blijkt uit [onderzoek](https://open.overheid.nl/documenten/8dba6056-02a8-4563-9894-c634d12d82ec/file) dat niet alle inwoners gebruikmaken van de voorzieningen waarop zij recht hebben. Onbekendheid met regelingen, complexe aanvraagprocedures, schaamte en wantrouwen richting de overheid kunnen hierbij een rol spelen. Daarom investeren wij niet alleen in minimaregelingen, maar ook in het vergroten van de bekendheid, toegankelijkheid en vindbaarheid ervan. De regelingen richten zich op huishoudens met een inkomen tot een bepaald percentage van het Wettelijk [Sociaal Minimum (WSM). Het WSM is een landelijk vastgesteld normbedrag, gebaseerd op de hoogte van een](https://www.socialedienstdrechtsteden.nl/bijstand/alles-over-de-bijstandsuitkering/algemene-informatie/wat-is-een-minimum-inkomen) bijstandsuitkering of het AOW-pensioen en afhankelijk van leeftijd en leefsituatie. Hieronder lichten wij de minimaregelingen afzonderlijk toe.
Persoonlijk minimabudget (PMB-120% WSM)
Kwantitatief Het [PMB](https://www.socialedienstdrechtsteden.nl/bijstand/ik-wil-bijstand-aanvragen/persoonlijk-minimabudget-pmb) is een minimaregeling voor inwoners met een langdurig laag inkomen die op korte termijn geen perspectief hebben op inkomensgroei. Het vrij te besteden bedrag kan eenmaal per jaar worden aangevraagd. Zowel het gebruik van het PMB als het totaal uitgekeerde bedrag laten in de periode 2023-2025 een duidelijke stijging zien ten opzichte van 2022. Deze stijging valt samen met de verruiming van de minimaregelingen in 2023, waarbij de inkomensgrens is verhoogd van 110% naar 120% van het WSM en het budget is verhoogd van 35% naar 40% van de bijstandsnorm, aangevuld met een extra bedrag van € 100,- voor gezinnen met oudere kinderen.
6
Kwalitatief Het PMB biedt inwoners ruimte om zelf keuzes te maken over uitgaven die voor hen belangrijk zijn. Anders dan veel specifieke minimaregelingen is het budget vrij besteedbaar. Uit het Nibud-onderzoek ‘Rondkomen van een laag inkomen in de gemeente Dordrecht’ blijkt dat inwoners deze vrijheid waarderen. Juist omdat veel huishoudens weinig financiële buffers hebben, helpt het PMB bij het opvangen van onvoorziene uitgaven of het doen van noodzakelijke uitgaven waarvoor geen andere regeling beschikbaar is.
Effectiviteit De toename van het gebruik laat zien dat meer inwoners de verruimde regeling weten te vinden. Het Nibudonderzoek laat daarnaast zien dat huishoudens met een laag inkomen vaak weinig financiële ruimte ervaren en moeite hebben om onverwachte uitgaven op te vangen. Het PMB vergroot de bestedingsruimte van inwoners en daarmee hun financiële veerkracht. Tegelijkertijd is het PMB geen structurele oplossing. Een hoger gebruik van de regeling betekent niet automatisch dat het aantal inwoners met een laag inkomen afneemt. Wel draagt de regeling bij aan de bestaanszekerheid van huishoudens die langdurig moeten rondkomen van een laag inkomen.
Bijzondere bijstand (BB - 110% WSM)
Verleende BB in €
€3.600.000,00
€3.100.000,00
€2.600.000,00
2022 2023 2024 2025
Kwantitatief [BB](https://www.socialedienstdrechtsteden.nl/bijstand/ik-wil-bijstand-aanvragen/bijzondere-bijstand/welke-vormen-van-bijzondere-bijstand-zijn-er/welke-vormen-van-bijzondere-bijstand-zijn-er) is een minimaregeling voor inwoners met een laag inkomen en beperkt vermogen die noodzakelijke kosten niet zelf kunnen betalen. Denk aan een nieuwe wasmachine, woninginrichting of medische kosten. In tegenstelling tot het structurele PMB is BB gericht op maatwerk en incidentele of onvoorziene kosten. Zowel het aantal gebruikers als het totaal uitgekeerde bedrag zijn in de periode 2022-2025 toegenomen. Een groot deel van de uitgaven bestaat uit vergoedingen voor bewindvoering en budgetbeheer. Daarnaast is een duidelijke stijging zichtbaar in het gebruik van bijzondere bijstand voor tandartskosten en opticienkosten. De stijging hangt mede samen met de verruiming van de minimaregelingen in 2023. Daarbij zijn normbedragen geïndexeerd en ontstond meer ruimte om medische kosten te vergoeden. Vanaf 2024 is er, vanwege de hoge energieprijzen, een tijdelijk addendum van kracht waarmee kosten voor witgoed zoals een kookplaat, koelkast, vriezer of wasmachine, als gift in plaats van als lening kunnen worden verstrekt.
7
Kwalitatief BB wordt ingezet voor noodzakelijke kosten die voortvloeien uit individuele omstandigheden en waarvoor geen voorliggende voorziening beschikbaar is. De regeling is bedoeld als maatwerkvoorziening en vergoedt in principe de goedkoopst adequate oplossing. Voor medische kosten geldt daarbij een maximale vergoeding van € 500. In de praktijk blijkt dat de goedkoopst adequate oplossing niet altijd aansluit bij de voorkeur of situatie van de inwoner. Zo kan bij mondzorg sprake zijn van een keuze tussen het trekken van een kies of een duurdere behandeling. Ook komt het voor dat Stichting Urgente Noden (SUN) een aanvullende bijdrage verstrekt wanneer noodzakelijke kosten hoger zijn dan de maximale vergoeding vanuit de bijzondere bijstand. Daarnaast geven inwoners aan dat de beschikbare bedragen voor vervanging van witgoed soms beperkt zijn, waardoor het lastig kan zijn een duurzame en energiezuinige vervanging aan te schaffen.
Effectiviteit De stijging in gebruik laat zien dat de BB in toenemende mate wordt ingezet als vangnet voor inwoners die worden geconfronteerd met noodzakelijke en onvoorziene uitgaven. Daarmee draagt de regeling bij aan het voorkomen van financiële problemen en het opvangen van kosten die inwoners zelf niet kunnen dragen. Het grote aandeel uitgaven aan bewindvoering en budgetbeheer wijst erop dat een deel van de aanvragen samenhangt met bredere financiële problematiek. Dit betekent dat de BB ondersteunend is bij individuele kosten, maar geen oplossing biedt voor onderliggende financiële kwetsbaarheid.
Gemeentepolis (130% WSM)
Deelnemers gemeentepolis
6000
5500
5000
4500
4000
3500
3000
2500
5600 5500
2022 2023 2024 2025
Kwantitatief Het [VGZ Gemeentepakket Drechtsteden](https://www.vgz.nl/zorgverzekering/gemeenten/drechtsteden) is een minimaregeling die inwoners een uitgebreide collectieve zorgverzekering biedt tegen een betaalbare premie met ruime aanvullende vergoedingen. Voor 2024 had de GR Sociaal één gezamenlijk contract met VGZ voor alle Drechtsteden gemeenten, waarbij het aantal deelnemende Dordtenaren niet apart werd geregistreerd. De cijfers over 2022 en 2023 zijn daarom gebaseerd op schattingen. Vanaf 2024 zijn separate contracten afgesloten en worden deelnemers per gemeente geregistreerd. Het aantal deelnemers aan de gemeentepolis laat in de periode 2022-2025 een lichte daling zien.
Kwalitatief De gemeentepolis biedt inwoners keuze uit verschillende pakketten (Compact en Compleet met € 0 eigen risico), afgestemd op de mate van zorggebruik. De pakketten bevatten vergoedingen voor onder andere fysiotherapie, tandzorg en hulpmiddelen zoals brillen en lenzen. Wij dragen bij aan de premie waardoor de maandlasten worden verlaagd en uitgebreide dekking toegankelijker wordt voor inwoners met een laag inkomen. Inwoners maken daarbij een afweging tussen premie, dekking en verwacht zorggebruik.
Effectiviteit De gemeentepolis draagt bij aan het toegankelijk houden van zorg, het voorkomen van zorgschulden en het terugdringen van zorgmijding. Zo neemt het aantal mensen met zorgschulden aanzienlijk toe wanneer een gemeentepolis wordt beëindigd en leidt de bredere dekking tot minder uitstel van noodzakelijke zorg. Daarnaast
8
kan de gemeentepolis bijdragen aan een vermindering van het beroep op bijzondere bijstand voor medische kosten, doordat zorgkosten direct via de verzekering worden vergoed in plaats van via individuele aanvragen. Tegelijkertijd laat de daling in het aantal deelnemers zien dat de regeling niet door alle inwoners binnen de doelgroep wordt benut. Dit hangt samen met het feit dat de gemeentepolis vooral passend is voor inwoners met een (verwacht) hoog zorggebruik.
Gratis bellen voor minima
Kwantitatief-kwalitatief De gratis belservice voor minima werd in mei 2021 geïntroduceerd om hulpinstanties en zorgverleners, die door de coronacrisis niet meer fysiek toegankelijk waren, bereikbaar te houden voor inwoners met een laag inkomen. Via de app van Bueno Telecom konden inwoners kosteloos bellen met hulpinstanties en zorgverleners. Na het faillissement van Bueno Telecom is de dienstverlening tijdelijk door een andere partij voortgezet. Daarbij zijn uitsluitend de geregistreerde telefoonnummers overgedragen. Gegevens over het daadwerkelijke gebruik van de regeling zijn daardoor niet beschikbaar. Hierdoor is onbekend hoeveel inwoners gebruik hebben gemaakt van de dienst en hoe intensief deze werd gebruikt.
Effectiviteit Door het faillissement van Bueno Telecom en het ontbreken van historische gebruiksgegevens is niet vast te stellen in welke mate de regeling heeft bijgedragen aan het bereiken van inwoners of aan een betere toegang tot ondersteuning. Daarnaast blijkt dat sinds eind 2025 geen gebruik meer wordt gemaakt van de dienst, ondanks dat de lijnen nog beschikbaar zijn. De oorspronkelijke aanleiding voor de regeling, de beperkte fysieke toegankelijkheid van dienstverlening tijdens de coronacrisis, is bovendien inmiddels vervallen. Gezien het ontbreken van inzicht in de effectiviteit, het uitblijven van gebruik en de veranderde context is besloten de regeling per 31 december 2026 te beëindigen.
Dordtpas voor minima (140% WSM)
De [Dordtpas](https://www.dordtpas.nl/alles-voor-minima) is een brede stadspas die álle inwoners en bezoekers van Dordrecht uitnodigt om gebruik te maken van het sportieve, culturele en recreatieve aanbod in de stad en regio. Voor inwoners met een laag inkomen fungeert de Dordtpas als portaal voor het SMS-Kinderfonds, de mobiliteitsregeling voor minima, het gratis bibliotheekabonnement en een breed aanbod aan activiteiten en kortingsacties.
9
Kwantitatief Het aantal minima Dordtpashouders is in de periode 2022-2025 afgenomen. Zowel het aantal volwassenen als kinderen uit minimahuishoudens laat een dalende ontwikkeling zien. Tegelijkertijd nam het daadwerkelijke gebruik van de Dordtpas toe. In 2025 maakte 50% van alle minima pashouders actief gebruik van de pas, tegenover 44% in 2024. Ook het totaal aantal gebruiksmomenten en actieve gebruikers steeg. Bij minima kinderen blijft het gebruik hoog. In 2025 maakte ongeveer 72% van de kinderen met een Dordtpas gebruik van acties en regelingen. Daarnaast gebruikte maar liefst 99% van de kinderen met een toegekend kindtegoed dit tegoed daadwerkelijk. Onder Programmalijn 2, _het bestrijden en voorkomen van kinderarmoede_, gaan we dieper in op de resultaten van het sms-kinderfonds.
Kwaliteit Volwassen minima gebruiken de Dordtpas veelal voor bioscoopbezoek, kortingsacties en laagdrempelige activiteiten. Voor kinderen uit minima gezinnen biedt de Dordtpas toegang tot sport, cultuur en onderwijs. Daarmee ondersteunt de Dordtpas zowel financiële zelfredzaamheid als maatschappelijke participatie. Zowel gebruikers als samenwerkingspartners waarderen de Dordtpas positief. In het klanttevredenheidsonderzoek van 2024 beoordelen minima met kinderen de Dordtpas met een 8,3. De algemene waardering van pashouders bleef met een 8,0 onverminderd hoog. Samenwerkingspartners noemen met name het kindtegoed als een sterk onderdeel van de regeling. Ook kortingsacties, dagjes uit en culturele activiteiten worden gewaardeerd vanwege hun bijdrage aan maatschappelijke participatie. Daarnaast wordt de uitbreiding van de Dordtpas naar Oekraïense vluchtelingen genoemd als een positief voorbeeld van het verbreden van het bereik van bestaande voorzieningen. Ook incidentele acties, zoals de [Winterkledingactie in 2023 en 2025, kunnen eenvoudig via de](https://www.dordrecht.net/nieuws/119861/extra-geld-voor-winterkleding-via-de-dordtpas) Dordtpas worden ontsloten. Hiermee bereiken we snel de juiste doelgroep. De Dordtpas fungeert steeds meer als hét portaal voor regelingen en vermindert daarmee de administratieve druk voor inwoners.
Tegelijkertijd signaleren partners dat de bekendheid van de Dordtpas beter kan. Niet alle inwoners weten dat zij recht hebben op een Dordtpas of welke mogelijkheden de pas biedt. Ook wordt aangegeven dat de website niet altijd gebruiksvriendelijk is voor inwoners met beperkte digitale vaardigheden en dat het totale aanbod van minimaregelingen via de Dordtpas soms als complex wordt ervaren. Daarnaast ervaren sommige inwoners met een laag inkomen een drempel om gebruik te maken van de Dordtpas vanwege het stigma dat deze uitsluitend bedoeld zou zijn voor minima. Ook omgekeerd heeft de Dordtpas te maken met dit stigma, inwoners zonder laag inkomen schaffen de Dordtpas soms niet aan omdat zij de pas vooral associëren als ‘minimapas’.
Effectiviteit De aangeboden ondersteuning sluit goed aan bij de behoeften van minima gezinnen. De evaluatie met samenwerkingspartners bevestigt dit beeld. Zij geven aan dat de Dordtpas inwoners helpt om eenvoudig
10
gebruik te maken van voorzieningen en financiële drempels verlaagt voor deelname aan sport, muziek, school en participatie bevorderende activiteiten. Tegelijkertijd laten zowel de evaluatie als de afname van het aantal minima-pashouders zien dat het bereik nog niet optimaal is. Samenwerkingspartners zien daarom kansen om de Dordtpas nadrukkelijker in te zetten als online portaal tot meer minimaregelingen en de bekendheid van de pas verder te vergroten via spreekuren en laagdrempelige locaties in de stad.
OV-regeling voor minima (140% WSM)
Aantal gebruikers OV regeling minima
2000
1500
1000
500
0
1527
2023 2024 2025
De mobiliteitsregeling voor financieel kwetsbare inwoners wordt sinds 2023 aangeboden via de Dordtpas en heeft als doel inwoners met een laag inkomen meer mogelijkheden te bieden om deel te nemen aan de samenleving. Voor AOW-gerechtigden gold gratis reizen in de daluren met de stadsbussen van Qbuzz, terwijl inwoners tussen 18 jaar en de AOW-leeftijd met korting konden reizen.
Effectiviteit Ruim 60% van de gebruikers geeft aan vaker gebruik te maken van het openbaar vervoer sinds zij beschikken over het abonnement. Daarnaast geven gebruikers aan dat zij zich beter kunnen redden, minder afhankelijk zijn van anderen en meer activiteiten kunnen ondernemen die zij belangrijk vinden. De regeling draagt daarmee aantoonbaar bij aan mobiliteit en participatie. Tegelijkertijd blijkt dat het bereik van de regeling beperkt wordt doordat niet alle inwoners uit de doelgroep gebruikmaken van de Dordtpas en slechts een deel van de Dordtpas
11
houders daadwerkelijk gebruikmaakt van de regeling. Gebruikers zouden graag een groter reisgebied en ruimere reistijden zien. Om in deze behoefte te voorzien, zal in 2026 worden overgegaan van de huidige regeling naar deelname aan de [provinciale pilot van de Provincie Zuid Holland](https://www.dordtpas.nl/meer-reismogelijkheden-met-de-wijmobiel-ov-kaart) voor gratis openbaar vervoer voor sociale minima. Deze regeling biedt een groter reisgebied, ruimere reismogelijkheden en gratis reizen voor alle deelnemers binnen de doelgroep.
Gratis bibliotheek abonnement (140% WSM)
Inwoners met een laag inkomen kunnen via de Dordtpas gebruikmaken van een [gratis bibliotheekabonnement.](https://www.dordtpas.nl/gratis-bibliotheek-abonnement-voor-minima) Hiermee wordt een financiële drempel weggenomen voor inwoners die willen lezen, leren of gebruik willen maken van de voorzieningen van de bibliotheek.
Kwantitatief Het aantal minima met een gratis bibliotheekabonnement nam tot en met 2024 toe. In 2025 bleef het aantal gebruikers vrijwel gelijk aan het voorgaande jaar.
Kwalitatief Het gratis abonnement is bedoeld om te voorkomen dat financiële omstandigheden een belemmering vormen voor toegang tot lezen, informatie, ontwikkeling en educatie. De bibliotheek vervult daarbij een bredere maatschappelijke functie dan uitsluitend het uitlenen van boeken. Inwoners kunnen er terecht voor informatie, zelfontwikkeling en gratis hulp bij de digitale overheid via het [IDO. Door het abonnement kosteloos aan te bieden,](https://www.bibliotheekaanzet.nl/activiteiten/ido) wordt de toegang tot deze voorzieningen vergroot.
Effectiviteit Het aantal verstrekte abonnementen op zichzelf zegt niets over de mate waarin inwoners daadwerkelijk gebruikmaken van de bibliotheek en haar voorzieningen. [Onderzoek](https://www.aef.nl/projecten/gratis-lidmaatschap-vergroot-de-toegankelijkheid-van-de-bibliotheek) laat zien dat een gratis bibliotheekabonnement vooral een voorwaardenscheppend instrument is. Het vergroot de toegang, maar het daadwerkelijke gebruik hangt ook samen met factoren als bekendheid, aanbod en persoonlijke behoefte. De regeling draagt primair bij aan de toegankelijkheid van de bibliotheek voor inwoners met een laag inkomen.
12
_Signaleren van en hulp bij geldzaken_ _Naast inkomensondersteuning zetten wij in programmalijn I in op het vroegtijdig signaleren van geldzorgen en het_ _bieden van laagdrempelige ondersteuning aan inwoners. Dit gebeurt door wettelijke vroegsignalering en ‘de keten_ _van financiële hulpverlening’ via ‘laagdrempelige plekken in de wijk’. Tenslotte wordt binnen programmalijn I ingezet_ _op preventie en het verbeteren van de toegankelijkheid en vindbaarheid van informatie over geldzaken en hulp._
Wettelijke vroegsignalering
Contactpogingen
10000
5000
0
Signalen
7000
6000
5000
4000
3000
2000
1000
0
10115
Huisbezoeken
Telefoon
Brief
SMS/Whatsapp
Anders
Zorg
Woon
Water
Energie
Quick fix
Verwijzing financieel
Verwijzing onbekend
2023 2024 2025
7018
2023 2024 2025
Hulp geaccepteerd
167
150
100
50
0
2023 2024 2025
13
Sinds 2021 zijn gemeenten verplicht om inwoners met een betalingsachterstand bij een zorgverzekeraar, verhuurder, energie- of waterleverancier vroegtijdig een outreachend [hulpaanbod](https://cms.dordrecht.nl/Inwoners/Overzicht_Inwoners/Zorg_en_ondersteuning/Hulp_bij_geldzaken/Ik_kan_een_rekening_niet_betalen) te doen. Het doel is om betalingsproblemen in een vroeg stadium te signaleren en te voorkomen dat deze uitgroeien tot problematische schulden. De SDD en het SWT doen dit via brieven, e-mail, SMS, telefonisch contact en waar nodig een huisbezoek.
Kwantitatief Het aantal ontvangen signalen is tussen 2023 en 2025 gestegen. Het merendeel van de signalen betreft betalingsachterstanden onder de € 2.000 en heeft betrekking op inwoners tussen de 26 en 65 jaar. De meeste signalen hebben betrekking op betalingsachterstanden bij zorgverzekeraars en energieleveranciers. Vooral het aantal signalen vanuit wonen nam sterk toe. Tegelijkertijd is het aantal contactpogingen in 2 jaar tijd bijna verdubbeld. Naast brieven wordt sinds 2025 ook gebruikgemaakt van e-mail en sms. Hiermee wordt aanvullend ingezet op een laagdrempelige benadering van inwoners. Het grootste deel van de geaccepteerde hulp bestaat uit ‘quick fixes’, waarbij betalingsproblemen met relatief beperkte ondersteuning worden opgelost. Dit kan bijvoorbeeld bestaan uit ondersteuning bij een betalingsregeling of een verwijzing naar passende voorzieningen.
Om het bereik van inwoners verder te vergroten is in 2026 een pilot gestart waarbij een deel van de signalen telefonisch wordt opgevolgd door een externe belorganisatie. De eerste resultaten laten zien dat hiermee een aanzienlijk deel van de inwoners telefonisch wordt bereikt. Omdat het om een recente pilot gaat, kunnen over de effecten op hulpacceptatie en schuldpreventie nog geen conclusies worden getrokken.
Kwalitatief Uit de evaluatie blijkt dat persoonlijk contact een belangrijke succesfactor is. Achter een betalingsachterstand schuilt vaak een persoonlijk verhaal. Juist dat persoonlijke contact blijkt in de praktijk niet altijd eenvoudig tot stand te komen. Inwoners zijn soms wantrouwend, moeilijk bereikbaar of ervaren nog geen behoefte aan ondersteuning. Samenwerkingspartners benadrukken daarnaast het belang van signalen uit de wijk. Vrijwilligers, sleutelfiguren en maatschappelijke organisaties kunnen inwoners vaak al signaleren voordat sprake is van problematische schulden. Volgens partners kan het verbinden van signalen uit de wijk en van vastelastenpartners bijdragen aan een completer beeld van inwoners die ondersteuning nodig hebben. Ook zijn samenwerkingspartners positief over een actieve benadering via telefonisch contact, meertalige communicatie en persoonlijk contact. Volgens hen draagt dit bij aan een groter bereik en een lagere drempel om hulp te accepteren.
Effectiviteit De cijfers in Dordrecht laten zien dat steeds actiever is ingezet op het bereiken van inwoners. Het aantal contactpogingen is toegenomen en er wordt gebruikgemaakt van meerdere contactvormen. De kans op contact en het accepteren van hulp is daardoor vergroot. Tegelijkertijd blijft het bereiken van inwoners een uitdaging. Uit [onderzoek](https://www.nationaleombudsman.nl/publicaties/onderzoeken/hoe-eerder-hoe-beter) blijkt dat gebrek aan urgentie, schaamte, stress en wantrouwen richting de overheid ervoor zorgen dat niet iedere inwoner direct openstaat voor ondersteuning. Samenwerkingspartners herkennen dit beeld uit de praktijk. Juist daarom blijft vroegsignalering van grote waarde. Ook wanneer inwoners hulp niet direct accepteren, zijn zij geïnformeerd over de beschikbare ondersteuning en weten zij deze vaak beter te vinden wanneer de situatie daarom vraagt.
14
Laagdrempelige plekken in de wijk
Wij subsidiëren Humanitas Thuisadministratie, SchuldHulpMaatje, De Buitenwacht (wijkwinkel), Bij Bosshard en Samen Dordt (die samenwerken onder de naam Alliantie Dordrecht), Bureau Sociaal Raadslieden, het Financieel Hulphuis, de Formulierenhulp, de Papierwinkel, de Sociale Dienst Drechtsteden en het Sociaal Wijkteam. Gezamenlijk bieden zij een dekkend netwerk van ondersteuning bij geldzaken en geldzorgen voor inwoners in alle wijken van Dordrecht.
Kwantitatief De organisaties registreren hun activiteiten en rapporteren hierover periodiek aan ons. De wijze van registreren verschilt per organisatie en sluit aan bij de aard van de dienstverlening. Hierdoor zijn de cijfers onderling nog niet één-op-één vergelijkbaar. Over de periode 2023-2025 fluctueren de aantallen hulpvragen en contactmomenten per organisatie. Bij sommige organisaties is sprake van groei, terwijl andere organisaties een stabiel of licht dalend aantal contacten laten zien. Ondanks deze verschillen bereiken zij gezamenlijk veel inwoners met geldzaken of geldzorgen.
Kwalitatief Inwoners kunnen terecht voor hulp bij administratie, het aanvragen van toeslagen en voorzieningen, het ordenen van geldzaken, ondersteuning bij schulden en het verkrijgen van inzicht in inkomsten en uitgaven. Als dat nodig is, wordt doorverwezen naar gespecialiseerde ondersteuning zoals schuldhulpverlening, budgetbeheer of bewindvoering. De ondersteuning wordt bewust laagdrempelig georganiseerd met ruimte voor persoonlijk contact. Inwoners hoeven niet direct hun volledige financiële situatie inzichtelijk te maken voordat zij worden geholpen. De spreekuren vinden bovendien plaats op locaties waar inwoners al komen voor andere activiteiten, zoals de Buitenwacht in Krispijn, het Vogelnest op het Vogelplein en de Ontmoetingskerk in Sterrenburg. Uit de evaluatie blijkt dat vooral de nabijheid van de ondersteuning wordt gewaardeerd. De afgelopen jaren zijn nieuwe informele spreekuren ontstaan en is de inzet van pop-up spreekuren uitgebreid.
Het actieonderzoek [Grip op Geldzaken Wielwik](https://werkplaatssociaaldomeinzhz.nl/files/bek-van-twist-(2025)-grip-op-geldzaken.pdf) bevestigt dit beeld. Uit gesprekken met ruim 300 bewoners blijkt dat inwoners bij financiële vragen meestal eerst hulp zoeken binnen hun eigen netwerk van familie, vrienden of bekenden. Slechts een beperkte groep wendt zich direct tot professionele organisaties. Het onderzoek laat zien dat vertrouwde plekken, bekende gezichten en ondersteuning die aansluit bij de leefwereld van inwoners de drempel naar hulp verlagen.
15
Effectiviteit Persoonlijk contact en fysieke aanwezigheid in de wijk verlagen volgens samenwerkingspartners de drempel om hulp te vragen. Hierdoor worden geldzorgen eerder gesignaleerd en kunnen inwoners sneller worden toegeleid naar passende ondersteuning. Ook bieden bestaande buurtlocaties inwoners ondersteuning in een vertrouwde omgeving. De bevindingen uit Grip op Geldzaken Wielwijk ondersteunen deze aanpak. Bewoners geven aan dat overzicht, vertrouwen en nabijheid belangrijke voorwaarden zijn om hulp te zoeken en dat ondersteuning beter wordt benut op herkenbare locaties en via vertrouwde personen. De samenwerking met maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en sleutelpersonen wordt daarom gezien als een belangrijke succesfactor. Tegelijkertijd laat zowel de evaluatie als het actieonderzoek zien dat verbetering mogelijk blijft. Niet alle inwoners weten de voorzieningen te vinden en juist inwoners die ondersteuning het hardst nodig hebben, blijven soms buiten beeld. De belangrijkste ontwikkelkansen liggen daarom in het vergroten van het bereik, het versterken van de continuïteit van voorzieningen in de wijk en het verder benutten van vertrouwde wijklocaties, sleutelpersonen en financiële educatie op maat.
Ketensamenwerking Onder ketensamenwerking verstaan we de samenwerking tussen de formele en informele organisaties die inwoners ondersteunen bij geldzaken en geldzorgen. Het gaat ondermeer om de organisaties die eerder zijn genoemd onder ‘laagdrempelige plekken in de wijk’. Om versnippering te voorkomen en inwoners tijdig passende ondersteuning te bieden, is een goede samenwerking tussen deze partijen essentieel. Tijdens de looptijd van het programma Samen tegen armoede is daarom geïnvesteerd in onderlinge relaties, gezamenlijke trainingen, kennisuitwisseling en gezamenlijke activiteiten.
Kwalitatief In samenwerking met Mooi Sociaal is een training ontwikkeld over de ketensamenwerking in Dordrecht. Vrijwilligers en beroepskrachten van de betrokken organisaties hebben in 2025 en 2026 deze training gevolgd. Hiermee wordt gewerkt aan een gezamenlijke werkwijze en meer inzicht in elkaars rol, expertise en mogelijkheden. Uit de evaluatiesessie met samenwerkingspartners blijkt dat de ketensamenwerking de afgelopen jaren is versterkt. Ketenpartners kennen elkaar beter, weten elkaar sneller te vinden en hebben meer inzicht in elkaars expertise en verantwoordelijkheden. Met name de verbinding tussen formele en informele organisaties wordt sterker ervaren. Vrijwilligersorganisaties worden vaker als gelijkwaardige samenwerkingspartner betrokken en gezamenlijke trainingen hebben bijgedragen aan een beter begrip van elkaars rol binnen de keten. Tegelijkertijd laat de in 2024 uitgevoerde Financiële Hulpketen Check zien dat samenwerking en doorverwijzing nog niet altijd methodisch zijn ingericht. Ook blijkt dat investeren in onderlinge relaties blijvende aandacht vraagt.
Effectiviteit Samenwerkingspartners geven aan dat verwijzingen gerichter verlopen en ketenpartners vaker gezamenlijk optrekken. Hierdoor ontvangen inwoners sneller passende ondersteuning en worden zij minder vaak onnodig tussen organisaties doorverwezen. De evaluatie laat daarnaast zien dat inwoners profiteren van de verbeterde samenwerking doordat ondersteuning beter op elkaar aansluit en organisaties vaker gezamenlijk naar oplossingen zoeken. Volgens partners worden inwoners hierdoor beter geholpen. Tegelijkertijd blijft verdere verbetering mogelijk. Vooral bij complexe situaties lopen organisaties soms tegen systeemgrenzen, wet- en regelgeving of onduidelijkheid over regie aan. Hierdoor kan ondersteuning langer duren dan wenselijk. De belangrijkste ontwikkelopgave ligt daarom in het versterken van regie bij complexe casussen en het verder benutten van de kracht van informele organisaties binnen de keten.
Geldpraatje
[Onze communicatiestrategie Geldpraatje richt zich op het doorbreken van het taboe om over geld(zorgen) te pra-](https://geldpraatje.nl/) ten én het zichtbaar maken van laagdrempelige plekken in de wijk waar inwoners terecht kunnen met geldzaken en geldzorgen. Het gaat uit van de gedachte dat inwoners met vragen over geld niet altijd weten waar zij terecht kunnen voor hulp of hierover moeilijk het gesprek aangaan.
“Het lijkt erop dat Geldpraatje vooral wordt uitgedragen door de gemeente. Ketenpartners lijken minder gebruik te maken van dit label in hun communicatie. Dat roept de vraag op of het voor hen toegevoegde waarde heeft.”
Kwantitatief Sinds de start eind 2023 is de website meer dan 5.000 keer bezocht en zijn ongeveer 18.000 pagina’s geraadpleegd. De meest bezochte pagina’s hebben betrekking op geldzorgen, het aanbod van hulp en voorzieningen en de mogelijkheden om contact op te nemen. Via de website, het mailadres en het telefoonnummer worden daarnaast jaarlijks enkele tientallen inwoners bereikt met een concrete hulpvraag. In het gebruik van de website zijn duidelijke piekmomenten zichtbaar rondom communicatieactiviteiten, wat erop wijst dat de communicatie daadwerkelijk leidt tot extra aandacht voor het beschikbare ondersteuningsaanbod.
Kwalitatief Geldpraatje maakt geldzorgen bespreekbaar en verwijst inwoners naar passende ondersteuning. Hiervoor worden verschillende communicatiemiddelen ingezet, zoals verhalen van inwoners en hulpverleners, campagnes in de stad en aanwezigheid op evenementen. Uit de evaluatie blijkt dat vooral de persoonlijke en laagdrempelige benadering wordt gewaardeerd. Een zichtbaar onderdeel hiervan was de inzet van de Koffie Eend, waarmee inwoners op een informele manier, met een gratis kopje koffie, in gesprek konden gaan over geldzorgen. Samenwerkingspartners geven daarnaast aan dat de bekendheid van Geldpraatje onder hulpverleners en inwoners sinds de lancering langzaamaan is toegenomen. Sommige ketenpartners ervaren de communicatiestrategie nog als ‘opgelegd’ door de gemeente. In de doorontwikkeling streven we naar meer eigenaarschap bij ketenpartners.
Effectiviteit De bezoekersaantallen van de website, contactmomenten via telefoon en e-mail en de pieken tijdens communicatiecampagnes laten zien dat Geldpraatje bijdraagt aan de zichtbaarheid van het ondersteuningsaanbod. Samenwerkingspartners geven daarnaast aan dat Geldpraatje helpt om geldzorgen bespreekbaar te maken en de drempel naar ondersteuning te verlagen. Zo geven Schuldhulpmaatje en Humanitas aan dat zij een toename zien van inwoners die zich preventief melden voor hulp om te voorkomen dat in de schulden komen. Toch melden veel inwoners zich nog steeds pas wanneer hun financiële problemen al zijn opgelopen. Daarnaast zien samenwerkingspartners kansen om de positionering verder te verduidelijken, specifieke doelgroepen beter te bereiken en de samenwerking met maatschappelijke organisaties verder uit te bouwen.
Doorontwikkeling digitale informatievoorziening
[Wij bieden via de pagina Hulp bij geldzaken informatie over vragen bij geld, beschikbare regelingen, geldzorgen en schul-](https://cms.dordrecht.nl/Inwoners/Overzicht_Inwoners/Zorg_en_ondersteuning/Hulp_bij_geldzaken?utm_source=Rx.Front&utm_medium=redirect&utm_campaign=geldzaken) den. Begin 2025 is de pagina volledig vernieuwd om beter aan te sluiten bij de vragen en het zoekgedrag van inwoners.
Kwantitatief In de periode 2023-2025 nam het aantal bezoeken aan de pagina Hulp bij geldzaken af. Tegelijkertijd laten de gebruiksgegevens van de vernieuwde pagina’s zien dat inwoners de informatie beter weten te vinden en actiever gebruikmaken van de beschikbare informatie. Het aandeel inwoners dat de pagina direct verlaat zonder verdere interactie daalde namelijk van 79% in 2023 en 2024 naar 48% in 2025. Daarnaast klikken bezoekers vaker door naar onderliggende onderwerpen. Ook is zichtbaar dat inwoners de pagina in toenemende mate via zoekmachines weten te vinden, terwijl inwoners in eerdere jaren vaker rechtstreeks op de pagina terechtkwamen.
Kwalitatief De vernieuwde pagina is ontwikkeld vanuit het perspectief van inwoners met financiële vragen. Daarbij is nadrukkelijk gekeken naar de woorden en zoektermen die inwoners zelf gebruiken. De informatie is overzichtelijker [ingericht en toegankelijk gemaakt via herkenbare onderwerpen. Dit sluit aan bij de inzichten waaruit blijkt dat](https://www.gbbo.nl/inzichten/landelijk-onderzoek-de-effecten-van-gemeentelijke-toptakenwebsites-en-digitalisering-van-de-overheid/) onderwerpen rondom uitkeringen, regelingen voor minima en schulden behoren tot de meest gezochte informatie op gemeentelijke websites.
Effectiviteit De gebruiksgegevens wijzen erop dat de relevantie van de informatievoorziening is verbeterd. Voor inwoners die digitaal vaardig zijn en zelfredzaam is deze anonieme en betrouwbare bron van informatie prettig. Ook de toename van websitebezoekers via zoekmachines is positief te duiden. Tegelijk weten we dat digitale informatie via een website een beperkte impact heeft op inwoners. Het vraagt een grote mate van zelfredzaamheid.
18
Gratis budgetcoaching
Budgetcoaching is een preventieve vorm van ondersteuning voor inwoners die meer grip willen krijgen op hun geldzaken. Het doel is om financiële problemen te voorkomen of te voorkomen dat beginnende geldzorgen uitgroeien tot problematische schulden. Inwoners kunnen kosteloos gebruikmaken van onze budgetcoach Lenny Kamsteeg die hen ondersteunt bij het verkrijgen van overzicht en het maken van financiële keuzes.
Kwantitatief Sinds eind 2023 hebben 17 inwoners zich aangemeld voor budgetcoaching. 15 inwoners hebben hun traject afgerond en 2 trajecten lopen nog. Eén traject is voortijdig beëindigd doordat de inwoner niet meer reageerde. De trajecten bestaan gemiddeld uit vijf sessies. In 5 van de 17 trajecten heeft een doorverwijzing naar budgetbeheer of bewindvoering plaatsgevonden en in 3 trajecten is schuldhulpverlening aangevraagd of in voorbereiding.
Kwalitatief De ondersteuning bestaat onder meer uit het op orde brengen van de administratie, het in kaart brengen van inkomsten en uitgaven en het versterken van financiële vaardigheden. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan het maken van bewuste keuzes en het stellen van financiële doelen. De ondersteuning is laagdrempelig, persoonlijk en vrijwillig van aard. Hierdoor weten inwoners met beginnende geldzorgen de ondersteuning te vinden.
Effectiviteit De resultaten laten zien dat budgetcoaching inwoners helpt bij het herstellen van overzicht en grip op hun financiële situatie. In veel gevallen ontstaat na afloop van het traject meer perspectief en ervaren inwoners minder financiële stress. Daarnaast blijkt dat budgetcoaching een belangrijke signalerende functie vervult. In situaties waarin sprake is van problemen op andere leefgebieden wordt doorverwezen naar gespecialiseerde ondersteuning. De budgetcoach maakt nog onvoldoende deel uit van de ketensamenwerking waardoor de toeleiding en de nazorg nog verbeterd kan worden.
_Preventieve inzet op life events_ _Life events zijn belangrijke levensgebeurtenissen die gepaard kunnen gaan met veranderingen in het inkomen. Zij_ _kunnen ervoor zorgen dat inwoners tijdelijk minder overzicht hebben over hun geldzaken of beschikbare regelin-_ _gen niet benutten. Door inwoners over en rondom deze levensgebeurtenissen actief te informeren en te wijzen op_ _beschikbare ondersteuning proberen wij financiële problemen in een vroeg stadium te voorkomen._
Life event ‘ik ga met pensioen’
Pensionering kan gepaard gaan met veranderingen in inkomen en financiële verplichtingen. Niet iedereen is hierop voorbereid. Met name zzp’ers, inwoners met een migratieachtergrond en huiseigenaren met een aflossingsvrije hypotheek lopen een verhoogd risico op financiële problemen rondom pensionering. Daarnaast verwacht bijna de helft van de Nederlanders dat het opgebouwde pensioen onvoldoende zal zijn om van te leven na pensionering.
Kwantitatief Sinds juni 2025 ontvangen inwoners van Dordrecht één jaar voordat zij de pensioengerechtigde leeftijd bereiken een brief van ons met informatie over mogelijke inkomensveranderingen, beschikbare ondersteuning en plekken waar zij terecht kunnen met financiële hulpvragen. Gemiddeld ontvangen 138 inwoners per maand deze brief.
19
Kwalitatief De inhoud is tot stand gekomen met betrokkenheid van ouderenbonden, ervaringsdeskundigen en Bureau Sociaal Raadslieden. Er is gekozen voor meertalige teksten op B1-niveau, stress-sensitieve communicatie, een rustige vormgeving en ondersteunende pictogrammen die belangrijke informatie en mogelijke vervolgstappen verdui[delijken. De brief verwijst bovendien naar onze pagina met aanvullende informatie over onder andere inkomen,](https://cms.dordrecht.nl/Inwoners/Overzicht_Inwoners/Zorg_en_ondersteuning/Hulp_bij_geldzaken/Ik_heb_vragen_over_geld/Ik_ga_met_pensioen_Wat_moet_ik_regelen) wonen, zorg, welzijn en sociale activiteiten.
Effectiviteit Uit [onderzoek](https://www.nationaleombudsman.nl/system/files/bijlage/74207_Ombudsman_Met%20te%20weinig%20genoegen%20nemen.pdf) blijkt dat veel ouderen (rond de overgang naar pensioen) inkomensvoorzieningen en ondersteuning niet of pas laat benutten. Belangrijke oorzaken zijn onbekendheid met regelingen, ingewikkelde communicatie, beperkte digitale vaardigheden, schaamte, wantrouwen richting de overheid en het ontbreken van persoonlijke ondersteuning. De Ombudsman adviseert om inwoners rond pensionering actief te benaderen en informatie aan te bieden op momenten waarop belangrijke veranderingen in het leven plaatsvinden. Onze aanpak sluit aan bij dit advies. Om effectiever te worden vraagt de inzet op dit life event om meer opvolging en herhaling, bijvoorbeeld via voorlichtingsbijeenkomsten. De koppeling met Geldpraatje en laagdrempelige plekken in de wijk vergroot bovendien de mogelijkheden voor persoonlijk contact en verdere ondersteuning.
Life event ‘Ik word 18’
Een ander life event is het bereiken van de leeftijd van 18 jaar. Jongeren krijgen vanaf dat moment te maken met nieuwe verplichtingen rondom zorg, wonen, werk, inkomen en financiën. Veel jongeren voelen zich hier onvoldoende op voorbereid en financiële problemen onder jongeren komen relatief vaak voor. Per 1 januari 2024 is daarom gestart met het life event Ik word 18. Dordtse jongeren ontvingen rond hun 18e verjaardag een informatiepakket bestaande uit een brief met verwijzing naar onze pagina en een verjaardagskaart met een unieke code voor een jaar gratis inschrijving bij Woonkeus Drechtsteden.
Kwantitatief Jaarlijks worden ongeveer 1300 Dordtenaren 18 jaar en ontvingen daarmee het informatiepakket. De benutting van de gratis inschrijving bij Woonkeus Drechtsteden bleef echter beperkt. In 2024 maakten 169 jongeren gebruik van deze mogelijkheid. In de 1e helft van 2025 waren dat nog maar 43 jongeren. Op basis van deze cijfers, de uitvoeringslasten en de ervaringen uit de praktijk is besloten de interventie rondom dit life event in deze vorm per 1 januari 2026 te beëindigen.
20
Kwalitatief Ondanks de beperkte benutting van de gratis inschrijving sluit de inzet op dit life event aan bij [landelike](https://open.overheid.nl/documenten/9c19e916-41c3-4fd8-a767-4cc453e47930/file) [inzichten](https://open.overheid.nl/documenten/9c19e916-41c3-4fd8-a767-4cc453e47930/file) over preventie onder jongeren. Om te bepalen of en in welke vorm een vervolg wenselijk is, hebben [wij halverwege 2026 samen met het Jongerennetwerk van de Dordtse Adviesraad Sociaal een verkenning](https://www.dordtseadviesraad.nl/werkgroep-jeugd/jongerennetwerk-dordrecht/) uitgevoerd. Hieruit blijkt dat Dordtse jongeren niet zozeer behoefte hebben aan meer informatie, maar vooral aan overzicht, structuur en praktische ondersteuning. Ook waarderen zij informatie die aansluit bij hun leefwereld en gebruikmaakt van ervaringen van leeftijdsgenoten. De evaluatie met samenwerkingspartners sluit hierbij aan. Zij zien de inzet op dit life event als een kansrijk preventief uitgangspunt, maar bevestigen dat de aanpak tot 1 januari 2026 jongeren onvoldoende bereikte. Volgens hen kan de aansluiting worden verbeterd door nauwer samen te werken met scholen en jongerenwerk. Ook stellen zij voor jongeren te bereiken op plekken waar zij daadwerkelijk (samen)komen.
Effectiviteit Het bereiken van de leeftijd van 18 jaar blijft een logisch moment om aandacht te besteden aan financiële zelfredzaamheid. De brief is echter een eenzijdig communicatiemiddel. Inwoners moeten zelf actie ondernemen. De belangrijkste ontwikkelkansen liggen in het herhalen van de boodschap en het versterken van de financiële vaardigheden van jongeren, zodat zij zelf hun financiën kunnen beheren.
21
_Hulp bij schulden_ _Schuldhulpverlening is gericht op het stabiliseren en oplossen van schuldenproblematiek, met als doel inwoners_ _te ondersteunen naar een duurzame schuldenvrije situatie. Inwoners met (dreigende) schulden kunnen zich_ _aanmelden voor schuldhulpverlening via de GR Sociaal._
Schuldhulpverlening
Schuldhulpverleningstrajecten via SDD
1200
1000
800
600
400
200
0
1.027 1.039
2022
2023 2024 2025
Via Schuldhulpverlening ondersteunt de Sociale Dienst Drechtsteden inwoners met problematische schulden bij het vinden van een duurzame oplossing voor hun financiële situatie. Afhankelijk van de situatie kan dit bestaan uit informatie en advies, budgetbeheer, schuldbemiddeling, saneringskredieten of begeleiding naar een wettelijke schuldsanering. Het doel is om schulden beheersbaar te maken, financiële stabiliteit te herstellen en perspectief te bieden op een schuldenvrije toekomst.
Kwantitatief De gemiddelde schuld bij aanvang van een schuldregeling liet in Dordrecht tot en met 2024 een stijgende ontwikkeling zien. In 2025 is echter sprake van een duidelijke daling. De gemiddelde schuld lag daarbij in de periode 2022-2024 ruim onder het landelijk gemiddelde. Hier kunnen we voorzichtig concluderen dat inwoners in Dordrecht relatief sneller hulp vragen en dat de inzet op preventie zich uitbetaalt. Voor 2025 zijn geen landelijke cijfers beschikbaar omdat de NVVK vanwege een wijziging in de dataverzameling geen uitvraag heeft gedaan onder gemeenten. Ook het aantal gestarte schuldhulpverleningstrajecten is duidelijk toegenomen. Dit wijst erop dat steeds meer inwoners de weg naar ondersteuning weten te vinden. Ook is de gemiddelde schuldenlast in 2025 gedaald.
22
Kwalitatief Schuldhulpverlening toont positieve ontwikkelingen. De samenwerking met ketenpartners en de GR Sociaal is versterkt en de inzet op vroegsignalering, begeleiding en nazorg heeft geleid tot een lagere schuldenlast en minder her instroom. Ook landelijke maatregelen zoals de verkorte aflosperiode van 36 naar 18 maanden, het nul aanbod voor inwoners met een bijstandsuitkering, de invoering van basisdienstverlening en de ontwikkeling van de pauzeknop leiden tot een betere ervaring van schuldhulp voor inwoners. Ook de resultaten van de trajecten zijn positief. In 2025 werd 96% van de schuldhulpverleningstrajecten succesvol afgerond.
Effectiviteit Schuldhulpverlening blijft een onmisbaar onderdeel van onze aanpak van armoede en schulden. Voor inwoners met problematische schulden biedt een schuldregeling het noodzakelijke perspectief op een schuldenvrije toekomst. Tegelijkertijd weten we dat inwoners zich doorgaans pas melden wanneer schulden al aanzienlijk zijn opgelopen.
Uit [onderzoek](https://surfsharekit.nl/objectstore/7e50c4d7-b22d-40ac-95f0-ea172604c6d1?utm_source=www.hu.nl&utm_content=download) blijkt dat gemiddeld acht jaar verstrijkt tussen het ontstaan van de eerste betalingsachterstand en het moment waarop inwoners zich melden voor schuldhulpverlening. De evaluatie met samenwerkingspartners bevestigt dit beeld. Zij geven aan dat inwoners met complexe schuldsituaties vaak te maken hebben met meerdere problemen tegelijk, waardoor vroegtijdige signalering en een goede samenwerking tussen organisaties essentieel zijn. Ook wordt benadrukt dat inwoners gebaat zijn bij duidelijke regie, snelle doorgeleiding naar passende ondersteuning en een aanpak die aansluit bij hun situatie.
Training Herken Geldzorgen voor vrijwilligers van verenigingen en maatschappelijke initiatieven
Vrijwilligers van verenigingen en maatschappelijke initiatieven hebben regelmatig contact met inwoners en kunnen daardoor signalen van geldzorgen vroegtijdig herkennen. Naar het voorbeeld van de aanpak Geldzorgen op de werkvloer (Programmalijn 3) is een training ontwikkeld voor vrijwilligers en medewerkers van verenigingen en maatschappelijke organisaties. Het doel van de training is om signalen van financiële problemen te herkennen, geldzorgen bespreekbaar te maken en inwoners te kunnen verwijzen naar passende ondersteuning.
Kwantitatief Er hebben twee trainingen van elk twee dagdelen plaatsgevonden. In totaal hebben twaalf vrijwilligers deelgenomen aan de training.
23
Kwalitatief De training richt zich op het herkennen van signalen van geldzorgen, het voeren van gesprekken hierover en het kennen van de beschikbare ondersteuningsmogelijkheden in Dordrecht. Daarbij wordt aandacht besteed aan signalen die vrijwilligers in de praktijk kunnen tegenkomen, zoals contributieachterstanden, het ontbreken van sportmaterialen of clubkleding en uitschrijvingen waarbij financiële problemen mogelijk een rol spelen. Ook wordt stilgestaan bij de schaamte die vaak gepaard gaat met geldzorgen en schulden. Vrijwilligers leren hoe zij financiële problemen op een respectvolle manier bespreekbaar maken en inwoners kunnen wijzen op beschikbare ondersteuning. Deelnemers geven aan tevreden te zijn over de inhoud van de training en de opgedane kennis en vaardigheden.
Effectiviteit De training sluit aan bij het uitgangspunt dat financiële problemen vaak zichtbaar worden in de directe leefomgeving van inwoners, nog voordat zij professionele hulp zoeken. Verenigingen, sportclubs en maatschappelijke initiatieven kunnen daardoor een belangrijke rol spelen bij vroegsignalering. Tegelijkertijd blijkt het in de praktijk lastig om verenigingen actief bij deze aanpak te betrekken. Veel organisaties hebben beperkte capaciteit en ervaren andere vraagstukken als prioriteit. Daarnaast voelen niet alle vrijwilligers zich voldoende comfortabel om een gesprek over geldzorgen te voeren. Hierdoor is het aantal deelnemende organisaties en vrijwilligers beperkt gebleven. Op basis van de resultaten is besloten voorlopig geen actieve wervingsinzet meer te plegen voor deze training. De ontwikkelde training blijft wel beschikbaar voor organisaties die hier gebruik van willen maken.
Financiële educatie en sleutelpersonen
Niet alle inwoners worden via reguliere communicatiekanalen van de overheid bereikt. Taalbarrières, beperkte digitale vaardigheden of een gebrek aan vertrouwen in instanties kunnen ervoor zorgen dat informatie over regelingen en ondersteuning niet aankomt bij de mensen voor wie deze bedoeld is. Daarom zetten wij in op financiële educatie via sleutelpersonen: inwoners die door hun positie, taalvaardigheden en netwerk een brug slaan tussen de gemeente en verschillende gemeenschappen.
Kwantitatief Sinds 2025 zetten we samen met de Alliantie Dordrecht en Pharos sleutelpersonen in om inwoners met een migratieachtergrond te bereiken die via reguliere communicatiekanalen minder goed worden bereikt. Sleutelpersonen benutten hun eigen netwerken en staan dicht bij de gemeenschappen waarin zij actief zijn. In 2025 en de 1 [e] helft van 2026 zijn twaalf bijeenkomsten georganiseerd, onder meer in de Al-Fath Moskee, taalschool Het Werkwoord, Wereldwijven Ateliers en in het Taalcafé van de bibliotheek. Met deze bijeenkomst zijn ongeveer 230 inwoners bereikt. Aansluitend zijn op verschillende locaties pop-up spreekuren georganiseerd, waarbij inwoners individuele vragen konden stellen over hun persoonlijke financiële situatie.
Kwalitatief Door hun taalvaardigheden, culturele kennis en positie binnen de gemeenschap kunnen sleutelpersonen informatie niet alleen vertalen, maar ook begrijpelijk en herkenbaar maken. Zij vervullen hierdoor de rol van voorlichter, bemiddelaar, verkenner en adviseur. Hierdoor ontstaat meer vertrouwen, worden financiële regelingen beter begrepen en sluit de ondersteuning beter aan op de behoeften van inwoners. De combinatie van groepsvoorlichting en individuele spreekuren maakt het bovendien mogelijk om algemene informatie direct te verbinden aan persoonlijke vragen.
Effectiviteit De meerwaarde van sleutelpersonen gaat verder dan het informeren van inwoners. Zij signaleren welke vragen en behoeften leven binnen gemeenschappen en brengen deze signalen terug naar uitvoering en beleid. Hierdoor ontstaat meer inzicht in de behoeften van groepen die anders minder zichtbaar zijn. [Onderzoek](https://www.pharos.nl/wp-content/uploads/2020/01/Rapport-Pharos-Sleutelpersonen.pdf) laat zien dat sleutelpersonen niet alleen bijdragen aan het gebruik van regelingen en voorzieningen, maar ook aan een inclusievere en effectievere aanpak van armoede en schulden.
24
Deze programmalijn richt zich op het voorkomen en bestrijden van kinderarmoede, waarbij het perspectief van het kind centraal staat. Kinderen hebben geen invloed op de financiële situatie waarin zij opgroeien. Het doel is om te voorkomen dat financiële omstandigheden een belemmering vormen voor hun ontwikkeling en kansen om mee te doen in de samenleving. Samen met programma’s zoals Kansrijke Start, Glansrijke Toekomst en de Dordtse Onderwijsvisie wordt ingezet op het vergroten van kansengelijkheid voor kinderen en jongeren.
SMS-Kinderfonds (tot 140%-150% WSM)
Het School-Muziek-Sport Kinderfonds heeft als doel de maatschappelijke participatie van kinderen uit gezinnen met een laag inkomen te bevorderen. Wij vinden het belangrijk dat kinderen zich kunnen ontwikkelen en kunnen meedoen, ongeacht de financiële situatie thuis. Daarom wordt via de Dordtpas een Kind- en Sporttegoed beschikbaar gesteld voor kinderen tot 18 jaar. Kinderen in het basisonderwijs (BO) kunnen per jaar € 300 tegoed besteden en kinderen op het voortgezet onderwijs (VO) € 500. Daarnaast kunnen kinderen in het VO in aanmerking komen voor een aanvullend tegoed van € 290.
Aantal kinderen dat sms-kinderfonds tegoed ontving
4.000
Kinderen <12 (BO tegoed)
Kinderen >12 (VO tegoed)
Extra VO tegoed
3.000
2.000
1.000
0
3.186
2022
2023 2024 2025
Benutting van het beschikbare tegoed
100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
95%
2022 2023 2024 2025
Totaal besteed aan tegoeden
€600.000
€500.000
€400.000
€300.000
€200.000
€100.000
€0
595.901
2022 2023 2024 2025
26
Kwantitatief Het aantal kinderen dat gebruikmaakt van het SMS-Kinderfonds is afgenomen. Wel is sprake van een wijziging in het extra tegoed voor kinderen op het VO. In 2022 konden álle kinderen hiervan gebruikmaken, terwijl dit vanaf 2023 uitsluitend beschikbaar is voor leerlingen in het VO. Hierdoor zijn de aantallen voor het extra tegoed vanaf 2023 niet direct vergelijkbaar met de periode daarvoor.
Het totaal bestede bedrag is gestegen. Daarbij ligt het bestede bedrag voor leerlingen in het VO structureel hoger dan voor kinderen in het BO. Dit hangt samen met de hogere beschikbare tegoeden voor deze doelgroep en de aard van de uitgaven. De uitgaven in 2022 geven daarnaast een enigszins vertekend beeld, doordat tegoeden uit 2021 als gevolg van de coronaperiode nog tot en met 31 maart 2022 konden worden besteed. De benutting van het beschikbare tegoed is toegenomen. Met name bij het BO-tegoed en het aanvullende VO-tegoed is een duidelijke stijging zichtbaar.
Kwalitatief Het bestede tegoed laat zien dat de behoeften per leeftijdsgroep verschillen. Bij kinderen in het BO wordt het tegoed vooral ingezet voor zwemlessen, fietsen, sportcontributies en sportattributen. Voor leerlingen in het VO vormen computers, fietsen, sport gerelateerde uitgaven en schoolbenodigdheden de grootste bestedingscategorieën, zo ook voor het aanvullende VO-tegoed. Dit laat zien dat het fonds niet alleen wordt ingezet voor sport en vrijetijdsbesteding, maar ook een belangrijke bijdrage levert aan de deelname van kinderen aan onderwijs en maatschappelijke activiteiten.
Vanaf juli 2025 zijn de bestedingsmogelijkheden verruimd. Hierdoor kregen gezinnen meer vrijheid om het tegoed in te zetten op een manier die aansluit bij hun situatie. Zo werd het bijvoorbeeld mogelijk om een deel van het tegoed te besteden aan (tweedehands) kleding. In 2025 is hiervan veelvuldig gebruikgemaakt.
Effectiviteit De stijgende benutting van het beschikbare tegoed wijst erop dat het SMS-Kinderfonds steeds beter aansluit bij de behoeften van kinderen en ouders. De verruiming van de bestedingsmogelijkheden in 2025 sluit aan bij signalen waaruit bleek dat de eerdere bestedingsvoorwaarden als beperkend werden ervaren. Niet alle kinderen nemen deel aan sport- of culturele activiteiten, waardoor het beschikbare tegoed in de praktijk niet altijd volledig besteed kon worden. Door gezinnen meer keuzevrijheid te geven, sluit het fonds beter aan op de dagelijkse praktijk en wordt het beschikbare tegoed beter benut. Tegelijkertijd is het aantal kinderen dat een tegoed ontvangt de afgelopen jaren afgenomen. Dit lijkt samen te hangen met landelijke ontwikkelingen, waaronder de verhoging van het kindgebonden budget en een afname van het aantal gezinnen met kinderen in de bijstand. Hierdoor komen minder kinderen in aanmerking voor ondersteuning vanuit het SMS-Kinderfonds.
Het SMS-kinderfonds levert een belangrijke bijdrage aan kansengelijkheid en maatschappelijke participatie van kinderen uit gezinnen met een laag inkomen, maar vervangt de landelijke inkomensondersteuning, zoals het kindgebonden budget en de kinderbijslag, niet.
27
Gratis Babyspullen (130% WSM)
Sinds 2023 werkt de gemeente Dordrecht samen met [Stichting Babyspullen](http://www.babyspullen.nl/) om (aanstaande) ouders met een laag inkomen te ondersteunen bij de aanschaf van noodzakelijke babyspullen. Via deze samenwerking kunnen hulpverleners voor financieel kwetsbare gezinnen een babystartpakket aanvragen met basisbenodigdheden voor de verzorging en ontwikkeling van een kind in de eerste levensfase.
Aantal verstrekte babystartpakketten
80
60
40
20
0
71
2023 2024 2025
Kwantitatief In de periode 2023-2025 zijn in Dordrecht in totaal 182 babystartpakketten verstrekt. In 2025 werden naast reguliere babystartpakketten ook aanvullende voorzieningen verstrekt. Van de 55 verstrekte pakketten betroffen 36 reguliere babystartpakketten, 19 uitgebreide wiegpakketten en ontvingen 49 gezinnen daarnaast toegang tot de Babyspullenbank.
Kwalitatief De ondersteuning wordt geboden aan gezinnen die in beeld zijn gekomen bij hulpverlening en waarbij sprake is van financiële kwetsbaarheid. De pakketten bevatten essentiële artikelen voor de verzorging van een baby, waaronder kleding, beddengoed, verzorgingsproducten en andere basisbenodigdheden. Het aanvragen ervan biedt hulpverleners een laagdrempelige mogelijkheid om financiële zorgen bespreekbaar te maken en gezinnen waar nodig toe te leiden naar aanvullende ondersteuning. Uit ervaringen van hulpverleners blijkt dat financiële problemen tijdens de zwangerschap niet altijd zichtbaar zijn en dat schaamte vaak een rol speelt. Het babystartpakket helpt om deze problematiek tijdig in beeld te brengen.
Effectiviteit De [eerste 1000 dagen](https://open.overheid.nl/documenten/d8928a31-47fd-459f-863c-4b5454b91d10/file) van een kind zijn bepalend voor de verdere lichamelijke, mentale en sociaal-emotionele ontwikkeling. Armoede, schulden en financiële stress zijn risicofactoren die een negatieve invloed kunnen hebben op de gezondheid en ontwikkelkansen van kinderen. Door (aanstaande) ouders te voorzien van essentiële babyspullen worden praktische zorgen verminderd op een moment waarop gezinnen vaak te maken hebben met extra uitgaven. Hoewel de effecten op de ontwikkeling van kinderen niet direct kunnen worden vastgesteld, laten de jaarlijkse aanvragen zien dat de voorziening voorziet in een concrete behoefte van financieel kwetsbare gezinnen.
28
Financiële educatie voor jongeren
Jongeren krijgen steeds eerder te maken met financiële keuzes rondom studie, werk, wonen en zorg. Financiële vaardigheden zijn daarom een belangrijke voorwaarde voor financiële zelfredzaamheid. In 2026 is in samenwerking met Humanitas Get-a-Grip en R-Newt jongerenwerk de campagne [Praat money met ons ontwikkeld. Hier-](https://praatmoneymetons.nl) mee worden zij op een laagdrempelige manier geïnformeerd over geldzaken en de ondersteuning bij geldzorgen.
Kwantitatief Een vertrouwde omgeving zoals school is een belangrijke plek om financiële vaardigheden te ontwikkelen. Financiële educatie maakt echter niet altijd onderdeel uit van het reguliere onderwijsprogramma, scholen zien financiële educatie niet als hun primaire taak. Wel zijn met het Da Vinci College stappen gezet om samen te werken. Tijdens de [Week van het Geld](https://www.weekvanhetgeld.nl) is bovendien op het Leerpark en de Patersweg een informatiemarkt georganiseerd, waarbij naast Humanitas Get-a-Grip, R-Newt ook VGZ en de Rabobank aanwezig waren.
Kwalitatief De samenwerking biedt een gezamenlijk vertrekpunt om financiële educatie voor jongeren verder te ontwikkelen. Door gebruik te maken van de herkenbare huisstijl van ‘Praat money met ons’ en aan te sluiten bij onderwerpen die spelen in de leefwereld van jongeren wordt financiële informatie toegankelijker en beter herkenbaar. Ook het betrekken van meerdere partijen rondom jongeren is een belangrijke succesfactor.
Effectiviteit Op het moment van schrijven is nog onvoldoende informatie beschikbaar om uitspraken te doen over het bereik en de effecten van ‘Praat money met ons’. De gekozen uitgangspunten sluiten aan bij de inzichten over effectieve financiële educatie. Het is tot op heden niet gelukt om financiële educatie structureel onderdeel te maken van het onderwijsaanbod. Scholen erkennen het belang van financiële vaardigheden, maar zien dit veelal niet als hun primaire taak. Hierdoor blijft de inzet afhankelijk van bereidheid van individuele scholen en samenwerkingspartners. De komende periode wordt verdere ervaring opgedaan met Praat money met ons, waardoor meer inzicht ontstaat in het bereik van jongeren en hun financiële zelfredzaamheid.
Menstruatiearmoede
Menstruatiearmoede betekent dat meisjes en vrouwen onvoldoende toegang hebben tot menstruatieproducten. [Onderzoek](https://www.neighborhoodfeminists.com/wp-content/uploads/2025/04/Menstruatiearmoede-Onderzoeksrapport-2024-CODE-ROOD.pdf) laat zien dat dit kan leiden tot stress, schaamte en beperkingen in deelname aan onderwijs, werk, sport en sociale activiteiten. Daarnaast blijft het onderwerp voor veel van hen moeilijk bespreekbaar.
Kwantitatief Om menstruatiearmoede tegen te gaan, faciliteren wij samen met het [Armoedefonds en lokale partners zogehe-](https://www.armoedefonds.nl/projecten-armoedefonds/stop-menstruatiearmoede-via-een-mup/?gad_source=1&gad_campaignid=11700660903&gclid=CjwKCAjwpefSBhBvEiwAzyEtZ_SAD3J2M07syl1YfAUGJmQ981N-u7N4r68ku44oxGf8tDSC5Br21hoC7SUQAvD_BwE) ten [Menstruatie Uitgiftepunten (MUP’s). Met de MUP’s wordt ingezet op laagdrempelige en anonieme toegang](https://cms.dordrecht.nl/Inwoners/Overzicht_Inwoners/Zorg_en_ondersteuning/Hulp_bij_geldzaken/Ik_heb_een_laag_inkomen:lTPlMOACRyGIaHEcq-ekRA) tot menstruatieproducten. In 2024 is gestart met 11 MUP’s. Inmiddels zijn er in Dordrecht 30 MUP’s. Deze zijn gevestigd op laagdrempelige locaties zoals scholen, wijkcentra en de bibliotheek waardoor gratis menstruatieproducten voor een groeiende groep meisjes en vrouwen toegankelijk zijn.
29
Kwalitatief Inwoners kunnen zonder aanvraagprocedure of verwijzing producten meenemen wanneer zij deze nodig hebben. Naast het beschikbaar stellen van producten dragen de uitgiftepunten bij aan het vergroten van de zichtbaarheid van het onderwerp. Hierdoor wordt menstruatiearmoede beter bespreekbaar en wordt het taboe rondom menstruatie verkleind.
Effectiviteit De uitbreiding van 11 naar 30 MUP’s heeft de beschikbaarheid van gratis menstruatieproducten in Dordrecht aanzienlijk vergroot, waardoor een praktische drempel wordt weggenomen en het onderwerp beter bespreekbaar wordt.
Kinderraad Dordt West
Wij zetten in op het betrekken van kinderen bij vraagstukken die hen direct raken. In dit kader is in 2025 en 2026 een Kinderraad ingesteld voor leerlingen uit groep 7 en 8 van basisscholen in Dordrecht West. De Kinderraad biedt kinderen de mogelijkheid om onderzoek te doen naar maatschappelijke vraagstukken, in gesprek te gaan met professionals en bestuurders en advies uit te brengen.
Kwantitatief In 2025 stond de vraag centraal _“Wat kunnen de gemeente, scholen, stichtingen, organisaties bedrijven en/of_ _inwoners van Dordrecht doen om ervoor te zorgen dat kinderen die in armoede opgroeien, toch elke dag gezond_ _kunnen eten?_ De kinderen presenteerden op 1 juli 2025 hun [adviezen.](https://www.dordrecht.net/nieuws/114416/kinderraad-presenteert-adviezen-voor-gezond-eten-met-weinig-geld) In 2026 stond de vraag centraal: _hoe_ _zorgen we ervoor dat alle kinderen kunnen sporten en in aanraking kunnen komen met cultuur, ook als er thuis_ _weinig geld is?_ Ook daarvoor hebben zij inmiddels [adviezen](https://www.dordrecht.net/nieuws/123807/eindpresentatie-kinderraad-2026) uitgebracht.
Kwalitatief De Kinderraad werkt volgens een onderzoekende aanpak. De kinderen spreken met deskundigen, maatschappelijke organisaties, ondernemers, de gemeente en brengen werkbezoeken. Ook gaan zij in gesprek met wethouders over hun bevindingen en ideeën. Doel van de kinderraad is om met out-of-the box adviezen te komen aan de samenleving. Een aantal adviezen van 2025 hebben al opvolging gekregen. Zo is er in en rondom het Waterwiel (Wielwijk) een groente- en fruitmarkt georganiseerd en komen er, in samenwerking met de Rabobank, in Crabbehof moestuinbakken te staan.
Effectiviteit [Jeugdparticipatie zoals toegepast bi de](https://lokale-democratie.nl/file/download/82c10ee0-49dc-4df7-91ca-f3024bf75d40/ld_jongerenparticipatie-interactive.pdf) [kinderraad is betekenisvol. Kinderen en](https://lokale-democratie.nl/file/download/82c10ee0-49dc-4df7-91ca-f3024bf75d40/ld_jongerenparticipatie-interactive.pdf) jongeren hebben recht op invloed op de beslissingen die hen aangaan, en zij kunnen waardevolle bijdragen leveren aan de maatschappij. Ze groeien op in een snel veranderende wereld en hebben een andere blik op problemen en oplossingen dan ouderen. Het betrekken van kinderen en jongeren zorgt voor innovatie en verbetert de relevantie van het beleid. Daarnaast ontwikkelen kinderen en jongeren hun burgerschapscompetenties als ze al jong betrokken worden bij de democratie.
30
Werkenden vormen een belangrijke groep binnen onze aanpak van geldzorgen. Financiële problemen komen niet alleen voor bij inwoners met een uitkering. Uit [onderzoek blijkt namelijk dat een](https://open.overheid.nl/documenten/81c6797e-3609-4e65-9aa6-a7d1348715f1/file) aanzienlijk deel van de werkenden met een laag inkomen moeite heeft om rond te komen, geldzorgen ervaart en hierover nauwelijks durft te praten. Juist werkende minima weten vaak niet welke hulp beschikbaar is of vinden dat zij geldzorgen vooral zelf moeten oplossen.
Geldzorgen op de werkvloer
Om werkgevers te ondersteunen bij het herkennen en bespreekbaar maken van geldzorgen is halverwege 2023 [het project Geldzorgen op de werkvloer](https://www.socialedienstdrechtsteden.nl/geldzorgenopdewerkvloer) gestart. Doel van het project is werkgevers bewust te maken van de invloed van geldzorgen op medewerkers, hen aan te zetten tot het bieden van hulp en eventuele knelpunten daarbij weg te nemen.
Kwantitatief De aanpak bestaat uit een training voor werkgevers en HR-medewerkers. De training bestaat uit 2 onderdelen. Een kennissessie gericht op bewustwording en een vervolgsessie waarin gesprekstechnieken worden geoefend en een plan van aanpak wordt opgesteld. Ook is een [telefonisch contactpunt](https://www.socialedienstdrechtsteden.nl/contact/contactpunt-geldzorgen-op-de-werkvloer) beschikbaar waar medewerkers (anoniem) vragen kunnen stellen over hun financiële situatie. In de periode 2023-2026 zijn de volgende aantallen werkgevers en HR-medewerkers getraind en zijn de volgende resultaten bereikt:
Deelnemers training 'geldzorgen op de werkvloer
60
50
40
30
20
10
0
50
2023
2024 2025 2026
Aanvullend zijn drie verdiepingstrainingen verzorgd. In totaal hebben ongeveer 60 leidinggevenden en medewerkers deze gevolgd. In 2025 is ook een terugkombijeenkomst georganiseerd waaraan 20 werkgevers deelnamen. Tenslotte loopt er een proef met een avondspreekuur bij de FNV. In het najaar van 2026 volgt nog een 2e training waarin nieuwe werkgevers getraind zullen worden. Daarmee is de verwachting dat eind 2026 ruim 125 werkgevers en HR-medewerkers zijn getraind.
32
Kwalitatief [Volgens het Nibud kunnen signalen van geldproblemen zich op de werkvloer onder meer uiten in concentra-](https://www.nibud.nl/download/3205/?tmstv=1784619594) tieproblemen, stress, ziekteverzuim, verzoeken om voorschotten of extra uren en verminderde productiviteit. Dordtse werkgevers als Selecta, Pelican Rouge, Drechtwerk en Opnieuw & Co geven aan dat deze signalen door de trainingen beter herkenbaar en vooral bespreekbaar zijn geworden. Ook wordt meer aandacht besteed aan doorverwijzing naar passende ondersteuning. Tot slot hebben deelnemende werkgevers stappen gezet om hun interne ondersteuning te verbeteren. Zo heeft Drechtwerk de aanvraagprocedure voor hun sociaal fonds vereenvoudigd, waardoor medewerkers eenvoudiger gebruik kunnen maken van beschikbare ondersteuning. Dit leidde tot meer aanvragen en toekenningen. Uit de evaluatie met samenwerkingspartners blijkt dat ook zij werkgevers zien als belangrijke partner bij het vroegsignaleren van financiële problemen. De praktijkgerichte trainingen, voorlichtingsbijeenkomsten en anonieme ondersteuning worden door hen als belangrijke succesfactoren genoemd.
Effectiviteit De ervaringen van deelnemende werkgevers laten zien dat de trainingen bijdragen aan het vergroten van hun kennis, bewustwording en handelingsperspectief. Zij voelen zich beter toegerust om signalen te herkennen en het gesprek met medewerkers hierover aan te gaan. Hoewel niet direct kan worden vastgesteld in welke mate schulden of geldproblemen hierdoor worden voorkomen, vergroot de Dordtse aanpak de kans dat signalen eerder worden herkend en medewerkers tijdig worden ondersteund. Daarmee draagt het bij aan het voorkomen van geldzorgen. Financiële problemen blijven echter voor veel werkgevers een gevoelig onderwerp om bespreekbaar te maken. Daarnaast liggen er kansen om meer Dordtse werkgevers te betrekken.
33
Armoedebeleid
Bedragen x €1.000 2023 2024 2025 2026
Uitgaven Realisatie Realisatie Realisatie Prognose
Minimaregelingen 5.498 6.352 6.631 6.400
Programmalijn 1 983 977 1.068 1.084
Programmalijn 2 29 12 48 66
Programmalijn 3 65 29 31 68
Energiearmoede* 368 0 0 0
Incidentele steun nieuwe
locatie voedselbank
Totaal samen tegen armoede
Toelichting:
0 59 0 0
1.445 1.077 1.147 1.218
6.943 7.429 7.778 7.618
- In 2023 heeft het Rijk extra incidenteel geld beschikbaar gesteld via de meicirculaire voor energiearmoede. Dit geld mocht ingezet worden om de stapeling van problemen door hoge inflatie en energiekosten te dempen. Het budget is ingezet voor een winterkledingactie voor kinderen die opgroeien in een gezin met een laag inkomen en om een impuls te geven aan het bereiken van kwetsbare groepen. De energietoeslag valt niet onder dit budget.
In 2024 is de Voedselbank (noodgedwongen) verhuisd naar een nieuwe locatie en overgestapt op een ‘winkel’ concept. Hier is eenmalig een bijdrage gedaan.
35
Veranderende opgave De uitvoering van het programma Samen tegen armoede 2023-2026 vond plaats in een periode waarin maatschappelijke en economische ontwikkelingen elkaar in rap tempo opvolgden en grote invloed hadden op de bestaanszekerheid en financiële positie van inwoners. Om zicht te krijgen op de opgaven voor de komende jaren is gebruikgemaakt van de volgende bronnen:
- De Minima-effectrapportage (MER) 2026, die inzicht geeft in de effecten van landelijke en lokale inkomensondersteunende regelingen op de financiële positie van huishoudens met een laag inkomen;
- Het Nibud-onderzoek ‘Rondkomen van een laag inkomen in de gemeente Dordrecht’, dat inzicht geeft in de dagelijkse ervaringen van inwoners met een laag inkomen;
- De evaluatiesessie met samenwerkingspartners waarin is gereflecteerd op de werking van de verschillende interventies en de Dordtse ketensamenwerking van formele en informele partners. In dit hoofdstuk worden eerst de belangrijkste bevindingen uit deze drie bronnen beschreven. Vervolgens wordt ingegaan op de maatschappelijke en landelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op de toekomstige opgave. Tot slot worden de belangrijkste aandachtspunten voor een mogelijk vervolg op het Dordtse armoede- en schuldenbeleid geschetst.
1 Minima-effectrapportage (MER)
De MER 2026 geeft inzicht in de effecten van landelijke inkomensondersteunende regelingen en het Dordtse minimabeleid op de financiële positie van huishoudens met een laag inkomen. De MER 2026 is de 2e rapportage die inzicht geeft in de effecten van de keuzes die uw raad in 2022 heeft gemaakt bij de herijking van het minimabeleid in het kader van [het vervolg Samen tegen armoede 2023-2026.](https://raad.dordrecht.nl/Documenten/Voorstel-vervolg-Samen-tegen-Armoede-3.pdf)
Conclusies De MER laat zien dat de financiële positie van huishoudens met een laag inkomen de afgelopen jaren is verbeterd. Ondanks de hoge inflatie in de afgelopen jaren is er in 2026 bij geen van de onderzochte huishoudtypen sprake van een tekort op de maandbegroting. De financiële positie van de voorbeeldhuishoudens is bovendien gunstiger dan in de MER 2024. Tegelijkertijd benadrukt het Nibud dat deze uitkomsten gebaseerd zijn op een aantal belangrijke voorwaarden:
- Men moet goed met geld kunnen omgaan.
- Men moet alle inkomensondersteuning aanvragen waar men recht op heeft.
- Men moet niet of zeer beperkt te maken hebben met persoonlijk onvermijdbare uitgaven.
Het is realistisch om te veronderstellen dat niet alle huishoudens aan deze voorwaarden voldoen. Financiële stress, beperkte financiële vaardigheden, niet-gebruik van regelingen en persoonlijk onvermijdbare kosten kunnen ervoor zorgen dat de praktijk afwijkt van de berekeningen. Daarom hebben wij aanvullend kwalitatief onderzoek laten uitvoeren onder Dordtenaren met een laag inkomen. De MER en het onderzoek Rondkomen van een laag inkomen in de gemeente Dordrecht moeten in samenhang worden gelezen.
37
Wat betekent dit voor Dordrecht
- De MER laat zien dat de bestedingsruimte van alleenstaanden onder de AOW-leeftijd het kleinst is. Voor huishoudens zonder kinderen bestaan relatief weinig specifieke landelijke of lokale regelingen.
- Alleenstaande ouders hebben een grotere bestedingsruimte dan paren met kinderen, doordat paren de kosten van twee volwassenen moeten dragen terwijl de inkomensondersteuning daarop niet volledig aansluit.
- Huishoudens met oudere kinderen zijn financieel kwetsbaarder dan huishoudens met jonge kinderen, omdat de hogere kosten van oudere kinderen slechts gedeeltelijk worden gecompenseerd door kindgebonden toeslagen en tegoeden uit het SMS-kinderfonds.
- AOW-gerechtigden komen financieel gunstiger uit dan alleenstaanden onder de AOW-leeftijd, mede doordat de AOW-uitkering hoger ligt dan een bijstandsuitkering.
- In Dordrecht is geen sprake is van een armoedeval binnen de onderzochte inkomensniveaus. Huishoudens gaan er bij een hoger inkomen niet op achteruit, doordat landelijke en lokale regelingen getrapt zijn ingericht.
Wat doen we hiermee
- Oog houden voor het verhaal achter de cijfers: De MER laat zien wat huishoudens op papier overhouden. Het aanvullende kwalitatieve onderzoek laat zien hoe inwoners hun financiële situatie daadwerkelijk ervaren. Deze combinatie biedt beter inzicht in de verschillen tussen theorie en praktijk en helpt ons bij de verdere ontwikkeling van het armoede- en schuldenbeleid.
- Blijven investeren in financiële vaardigheden: De MER benadrukt het belang van goed financieel beheer. Daarom investeren wij onder meer in preventieve ondersteuning via budgetcoaching en financiële educatie maar ook via subsidiepartners als Humanitas Thuisadministratie en SchuldHulpMaatje.
- Niet-gebruik van regelingen verminderen: De berekeningen in de MER gaan ervan uit dat inwoners gebruikmaken van alle regelingen waarop zij recht hebben. Uit de praktijk weten we dat dit niet altijd het geval is. Het verminderen van niet-gebruik is daarom een belangrijk onderdeel van de aanpak. Voorbeelden hiervan zijn Geldpraatje, de bestaanszekerheidscheck van de Sociale Dienst Drechtsteden en de inzet van sleutelpersonen. Ook in een vervolg op het armoedebeleid blijft dit een belangrijk aandachtspunt.
- Aandacht houden voor huishoudens zonder kinderen: De MER laat zien dat huishoudens zonder kinderen relatief weinig profiteren van landelijke regelingen en daardoor kwetsbaar blijven. Deze bevinding nemen wij mee bij de verdere ontwikkeling van het minimabeleid.
- Ondersteuning van inwoners met hoge meerkosten: Chronisch zieken en inwoners met een beperking kunnen te maken hebben met extra kosten. Via onder meer de collectieve zorgverzekering, bijzondere bijstand en de compensatieregeling voor de Drechthopper bieden wij hiervoor ondersteuning.
- Werk als structurele route uit armoede: De MER laat zien dat met name paren met oudere kinderen financieel kwetsbaar blijven. Het vergroten van het inkomen door werk blijft daarom een belangrijke route naar meer bestaanszekerheid. Vanuit de Participatiewet zet de Sociale Dienst Drechtsteden zich hier actief voor in.
38
2 Nibud-onderzoek: Rondkomen van een laag inkomen in de gemeente Dordrecht
Omdat de MER uitgaat van theoretische voorbeeldbegrotingen hebben wij in Dordrecht aanvullend kwalitatief onderzoek laten uitvoeren door het Nibud. Voor dit onderzoek zijn 25 inwoners met een laag inkomen geïnterviewd en zijn twee focusgroepen met in totaal 14 deelnemers georganiseerd. Het onderzoek geeft inzicht in de ervaringen achter de cijfers en laat zien hoe inwoners hun financiële situatie in het dagelijks leven beleven.
Conclusies
- Het onderzoek laat zien dat veel inwoners met een laag inkomen hun maandelijkse uitgaven uiteindelijk wel kunnen betalen, maar tegelijkertijd voortdurend financiële stress ervaren. Deze stress wordt vooral veroorzaakt door onzekerheid over onverwachte uitgaven, zoals een kapotte wasmachine, extra zorgkosten of andere tegenvallers. Veel inwoners hebben onvoldoende financiële buffers om dergelijke kosten op te vangen.
- Sparen is voor de meeste inwoners nauwelijks mogelijk. Vakantiegeld wordt vaak gebruikt voor noodzakelijke uitgaven of het opvangen van tekorten. Veel inwoners ervaren dat zij voortdurend keuzes moeten maken tussen noodzakelijke uitgaven, sociale activiteiten en reserveringen voor toekomstige kosten.
- Sociaal isolement dreigt. Het onderzoek laat zien dat participatie de eerste post is waarom inwoners bezuinigen. Inwoners slaan activiteiten af vanwege de kosten, stellen sociale contacten uit of ervaren gevoelens van uitsluiting omdat zij niet mee kunnen doen aan activiteiten die voor anderen vanzelfsprekend zijn.
- Een andere belangrijke conclusie is dat niet alle beschikbare minimaregelingen bekend zijn. Wanneer sprake is van niet-gebruik blijkt dit vooral onbewust niet-gebruik te zijn. Inwoners kennen de regelingen niet of denken ten onrechte dat zij hiervoor niet in aanmerking komen.
39
Opmerkelijk is de bevinding van het NIBUD dat er een discrepantie zit tussen theorie en praktijk. In het onderzoek wordt duidelijk dat inwoners met een laag inkomen de begroting maar met moeite rond krijgen, dat zij moeten bezuinigen op posten zoals sociale participatie en dat onverwachte tegenvallers nauwelijks op te vangen zijn. Toch is er in de minimumvoorbeeldbegrotingen ruimte voor sociale participatie en ook voor het reserveren voor grotere uitgaven die je niet maandelijks doet (zoals witgoed of een winterjas). Waarom werkt dit niet in de praktijk?
- De MER gaat uit van een theoretische beginsituatie. In de praktijk hebben inwoners vaak bestaande verplichtingen, zoals een auto, huisdieren of andere uitgaven die zijn ontstaan in een eerdere levensfase.
- De MER rekent met gemiddelde maandbedragen, terwijl inkomsten en uitgaven in de praktijk sterk kunnen fluctueren. Hierdoor ervaren inwoners minder financiële ruimte dan op papier zichtbaar is.
- Langdurig moeten rondkomen van een laag inkomen leidt bovendien tot voortdurende financiële stress en beperkt de ruimte voor ontspanning en maatschappelijke participatie.
- Voor ieder doel bestaat een aparte regeling met eigen criteria. De MER gaat ervan uit dat inwoners gebruikmaken van alle regelingen waarop zij recht hebben. In de praktijk blijken veel inwoners niet op de hoogte van alle regelingen of denken zij hiervoor niet in aanmerking te komen.
- Niet alle kosten zijn in de voorbeeldbegrotingen opgenomen. De begrotingen gaan uit van algemene noodzakelijke kosten van bestaan en houden geen rekening met bijvoorbeeld een auto, huisdieren, schulden, een hogere huur of een hogere energierekening door een energie-onzuinige woning.
- Arm zijn is duur. Zo is tweedehands witgoed vaak minder energiezuinig, gevoeliger voor defecten en sneller aan vervanging toe. Ook kunnen bijkomende kosten, zoals bezorging, een extra financiële belasting vormen.
Wat betekent dit voor Dordrecht Het onderzoek bevestigt dat een positieve begroting op papier niet automatisch betekent dat inwoners financiële rust ervaren. Hoewel huishoudens volgens de MER in theorie kunnen rondkomen, leven veel inwoners in de praktijk met voortdurende onzekerheid en weinig ruimte om financiële tegenvallers op te vangen. Daarnaast vragen de toegankelijkheid en bekendheid van regelingen blijvende aandacht. De veelheid aan regelingen, voorwaarden en aanvraagprocedures maakt het voor inwoners lastig om optimaal gebruik te maken van de beschikbare ondersteuning.
Wat doen we hiermee?
- De bevindingen sluiten aan bij de uitgangspunten van het programma Samen tegen armoede. Daarom investeren we niet alleen in inkomensondersteuning, maar ook in preventie, voorlichting en financiële zelfredzaamheid.
- Om niet-gebruik van regelingen tegen te gaan, zetten we in op de eerder onder de MER genoemde interventies.
- Aandacht voor participatie blijft belangrijk. Interventies zoals de Dordtpas en het SMS-Kinderfonds zijn erop gericht financiële drempels voor maatschappelijke deelname te verlagen. Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat financiële stress en bestaansonzekerheid niet volledig kunnen worden weggenomen met regelingen alleen. Persoonlijk contact, vroegsignalering en ondersteuning dicht bij de inwoner blijven daarom belangrijke onderdelen van de aanpak.
40