Zoeterwoude, 28 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 5 oktober 2026.
'Çt¿' #,#w Zoeterwoude Behandeld door Mirjam van Es Portefeuillehouder Arjan Agema Zaaknummer 226-049488 Datum :28september2026 Onderwerp : Beantwoording raadsvragen Belang van Zoeterwoude ingevolge artikel 40 RvO inzake vragen over het Woonruimteverdeelsysteem Holland Rijnland Beste raads- en commissieleden, Belang van Zoeterwoude heeft het college van Burgemeester en Wethouders vragen gesteld inzake het Woonruimteverdeelsysteem Holland Rijnland. Hieronder volgt de beantwoording van de gestelde vragen' t. Hoe wordt in de beoogde opzet voorrang voor inwoners van Zoeterwoude gegarandeerd? Lokaal Maatwerk geeft daarvoor geen garanties. Lokaal Maatwerk is het instrument binnen het woonruimteverdeelsysteem van de gemeenten in Holland Rijnland waarmee inwoners met een maatschappelüke en/of economische binding voorrang kunnen krijgen op een sociale huurwoning. Hierbij geldt echter een wettelijke beperking: Lokaal Maatwerk mag voor maximaal 3O/o van de jaarlijks vrijkomende sociale huurwoningen worden ingezet. Hierdoor kan wettelijk gezien geen garantie worden gegeven dat alle vrijkomende woningen met voorrang aan inwoners van Zoeterwoude worden toegewezen. 2. Er wordt in een brief aan een inwoner (Raadspost 2-7-2026l' verwezen naar de beleidsregels lokaal Maatwerk over toewijzing. ls het college bereid de beleidsregels enkel te beperken tot de categorie 1 (groep 1 en 2) en 2 (groep 1)? ln het antwoord aan de schrijver spreekt het college over maatschappelijk of financieel gebonden. De verordening spreekt alleen over lokale starters. ls dit een eigen interpretatie? Zo nee, kan bevestigd worden dat het uitsluitend over lokale starters gaat? Uit uw vraag begrijpen wij dat u verwijst naar de Beleidsregels Lokaal Maotwerk 2019 (2e wiiziging).ln deze beleidsregels worden vijf categorieën onderscheiden: L. Starters, waaronder drie groepen worden onderscheiden; 2. Senioren die een eengezinswoning achterlaten (bevordering van doorstroming), waaronder drie groepen worden onderscheiden; 3. Huishoudens waarvoor betaalbare woonlasten worden bevorderd, waaronder twee groepen worden onderscheiden; 4. Huishoudens waarvoor lokale doorstroming en passend wonen worden bevorderd; 5. Gezinnen woonachtig in het sloop-/nieuwbouwproject Kerklaan-Ambachtsherenweg. ln antwoord op uw eerste vraag of het college bereid is om de beleidsregels te beperken, is het antwoord: Het college acht alle vijf doelgroepen van belang voor een goed functionerende woningmarkt en voor het bevorderen van de doorstroming binnen de gemeente. Om die reden ziet het college geen aanleiding om de toepassing van Lokaal Maatwerk te beperken tot uitsluitend de genoemde categorieën. ln uw tweede vraag verwijst u naar een verordening waarin alleen gesproken wordt over lokale staters. Wij kunnen niet achterhalen over welke verordening u spreekt. Wij gaan daarom uit in onze beantwoording van de Beleidsregels Lokaal Mootwerk 2019 (2e wijziging) en de Regionole Huisvestingsverordening Hotland Rijnland 2026. De verwijzing naar maatschappelijke en/of economische binding betreft een term die in de Regionole Huisvestingsverordening Hollond Rijnlond 2026 wordt gebruikt als omschrijving van Lokaal Maatwerk. Een gemeente dient beleidsregels op te stellen om te bepalen welke doelgroepen onder Lokaal Maatwerk vallen. Hiervoor zijn de Beleidsregels Lokaal Maatwerk 2019 (2e wijziging) opgesteld voor de gemeente. ln deze beleidsregels worden vijf categorieën omschreven, zoals hierboven genoemd. Deze regels gaan dus niet uitsluitend over lokale starters. 3. Aan het Molenpad staan 50 flexwoningen gepland. Hoe wordt gegarandeerd dat Zoeterwoudse woningzoekenden met voorrang daarvoor in aanmerking komen? Een volledige garantie kan niet worden gegeven, omdat de inzet van Lokaal Maatwerk wettelijk begrensd is (zoals beschreven in het antwoord op vraag 1). Wel wordt binnen die kaders maximaal gebruik gemaakt van de beschikbare mogelijkheden. Dít is ook in overeenstemming met de Nota van Uitgangspunten die de gemeenteraad heeft vastgesteld in juli 2025. Bij de eerste toewijzing van de flexwoningen zal waar mogelijk maximaal gebruik worden gemaakt van Lokaal Maatwerk, zodat inwoners met een binding aan Zoeterwoude zoveel mogelijk voorrang kunnen krijgen. Dit alles binnen de daarvoor geldende wettelijke kaders. 4. Van de flexwoningen wordt minim aal 3OY" ingezet voor de huisvesting van statushouders en t¡%o voor de huisvesting van aandachtsgroepen zoals dak- en thuislozen, of uitstromen uit een beschermd wonen of maatschappelijke opvanglocatie. Dat zijn 20 woningen. Kan het college garanderen dat er te allen tijde 30 woningen beschikbaar blijven voor Zoeterwoudse woningzoekenden? De woningen zijn eigendom van woningcorporatie Rijnhart Wonen. De woningtoewijzing vindt plaats binnen de geldende wet- en regelgeving, de regionale huisvestingsverordening en de vastgestelde beleidsregels. Rijnhart Wonen voert deze taak uit in samenwerking met de gemeente. Bij de toewijzing van de flexwoningen wordt Lokaal Maatwerk zo maximaal mogelijk ingezet. Er kan niet worden gegarandeerd dat structureel een vast aantal woningen beschikbaar blijft voor Zoeterwoudse woningzoekenden. 5. Waarom worden Zoeterwoudse spoedzoekers niet met voorrang geplaatst in de te realiseren woningen? Toewijzing via het Woonruimteverdeelsysteem Holland Rijnland plaatst de Zoeterwoudse 'spoedzoeker' op achterstand en doet geen recht gaan het Lokaal Maatwerk principe. Uit uw vraag begrijpen wij dat u met 'Zoeterwoudse spoedzoekers' woningzoekenden uit Zoeterwoude bedoelt die met spoed op zoek zijn naar passende woonruimte. De gemeente Zoeterwoude maakt deel uit van de woningmarktregio Holland Rijnland. Binnen deze regio is gezamenlijk gekozen voor een woonruimteverdeelsysteem waarbij woningen in beginsel worden toegewezen op basis van inschrijftijd. Hiermee wordt beoogd om woningzoekenden binnen de regio op een transparante en gelijke wijze toegang te bieden tot beschikbare woningen. Binnen dit systeem bestaat ruimte voor maatwerk. Zo kunnen woningen worden gelabeld voor specifieke doelgroepen, zoals senioren, en krijgen woningzoekenden met een toegekende urgentie voorrang. Daarnaast kan bij nieuwbouwprojecten een deel van de woningen met voorrang worden toegewezen aan lokale woningzoekenden via de regeling Lokaal Maatwerk. De mogelijkheden voor lokale voorrang zijn daarbij begrensd. Zoals toegelicht ¡n het antwoord op vraag 1 kan slechts een beperkt deel van de woningen via Lokaal Maatwerk worden toegewezen. Zoeterwoudse woningzoekenden kunnen binnen deze kaders wel voorrang krijgen, maar niet voor alle te realiseren woningen. De gemeente zal blijven aansturen op het maximaal blijven gebruiken van Lokaal Maatwerk waar de regeling en de toegewezen aantallen dat toelaten. 6. U¡t het antwoord aan de briefschrijver blijkt dat het de bedoeling is om de 'aandachtsgroepen' in de flexwoningen te laten begeleiden door Vluchtelingenwerk en mensen van 'De Binnenvest'. Uit eerdere projecten is gebleken dat ¡ntegrat¡e van de beoogde doelgroepen met reguliere bewoners geen succes is. Stek Oost in Amsterdam is hier een voorbeeld van waarbij integratie door te grote verschillen in cultuur en achtergronden volledig is mislukt. Hoe garandeert het college dat dit niet in Zoeterwoude gaat gebeuren? En is het college bereid dit bij een gebleken mislukking terug te draaien? ls het college bereid de prioriteiten van de handhaving bij te stellen als er om wat voor reden dan ook ongewenst gedrag, overlast of vervuiling ontstaat? Het college kan niet garanderen dat zich binnen het project geen problemen of overlast zullen voordoen. Net zoals zij dit op elke locatie in de gemeente niet kan garanderen. Wel wordt bij de verdere uitwerking nadrukkelijk ingezet op het voorkomen hiervan. Daarbij wordt aandacht besteed aan passende begeleiding, beheer en sociale cohesie. Statushouders worden begeleid door VluchtelingenWerk en bewoners uit de maatschappelijke zorgdoelgroep ontvangen waar nodig begeleiding vanuit betrokken zorginstellingen, waaronder De Binnenvest. Ervaringen uit andere woonprojecten, waaronder projecten waar het mengen van doelgroepen tot problemen heeft geleid, kunnen bij de verdere uitwerking worden betrokken. De situatie in Zoeterwoude is echter niet één-op-één vergelijkbaar, onder meer vanwege verschillen in omvang, samenstelling, begeleiding en beheer. Er zijn ook projecten waarbij geen incidenten optreden en het samenleven juist goed gaat. Het volledig terugdraaien van de gekozen verdeling is na woningtoewijzing niet zonder meer mogelijk, onder andere vanwege bestaande huurovereenkomsten en geldende regelgeving. Wanneer zich structurele problemen voordoen, zal het college samen met Rijnhart Wonen en betrokken partners bekijken welke aanvullende maatregelen of bijsturing mogelijk en noodzakelijk zijn. Voor toezicht en handhaving gelden dezelfde uitgangspunten als elders in Zoeterwoude. De inzet van de boa's vindt plaats op basis van prioriteiten, signalen en meldingen. Wanneer de aard of omvang van overlast, vervuiling of onveilige situaties daartoe aanleiding geeft, kan de prioritering binnen de beschikbare capaciteit worden aangepast. 7. Een aantal jaren geleden is in het woonstromenonderzoek gebleken dat er meer inwoners vanuit de regio in Zoeterwoude komen wonen dan dat Zoeterwoudenaren in de regio gaan wonen. Dit geeft een trend aan en zorgt voor verdringing op de Zoeterwoudse woningmarkt. Hoe denkt het college dit te voorkomen in de toekomst? In het nieuwe volkshuisvestingsprogramma, dat momenteel wordt opgesteld, wordt richting gegeven aan de toekomstige woningbouwopgave van de gemeente. Daarbij wordt gekeken naar de omvang en samenstelling van de woningbehoefte, met bijzondere aandacht voor de behoeften van inwoners van Zoeterwoude en de verwachte demografische ontwikkelingen. Door gericht te bouwen voor de verschillende doelgroepen binnen de gemeente en aan te sluiten bij de lokale woningbehoefte, zet het college zich in om de kansen voor Zoeterwoudse woningzoekenden te vergroten en verdringing zoveel mogelijk te voorkomen. B. ls het college door het opstellen van aanvullende regels bereid om elke vriikomende woning in de toekomst weer toe te wiizen aan een lokale Zoeterwoudse woningzoekende? Voor zover dit past binnen de geldende wet- en regelgeving en de regionale huisvestingsverordening, is het college bereid te onderzoeken of aanvullende regels kunnen worden opgesteld om de positie van lokale woningzoekenden bij woningtoewijzing verder te versterken. Met vriendelijke groet, Namens burgemeester en wethouders van Zoeterwoude, wethouder