Haarlem, 29 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Raadsfractie t.a.v. dhr Van den Raadt, Trots Haarlem
Ons kenmerk
Datum Afdeling
Contact Telefoon
JOS/2026/356552 22 september 2026 Jeugd, Onderwijs en Sport G. Boots 0634352200 gboots@haarlem.nl
Onderwerp: Artikel 32 vragen n.a.v. realisatie Cruyff Court Roosje Vospad
Geachte heer Van den Raadt
Op 28 augustus jl. heeft u vragen gesteld ex art. 32 RvO inzake “Schriftelijke vragen van het lid Sander van den Raadt inzake de PFAS-bodemstatus van het projectterrein, de separate materiaalcertificering van het biobased kunstgrasmateriaal, de ecologische inpassing én het intrekken van de vergunning bij het project Wil Merkiespark / Roosje Vosplantsoen (kenmerk vergunning: 0392-2026- 0017416)” Met deze brief geven wij antwoord op uw vragen. Hieronder is uw vraag steeds cursief weergegeven waarna het antwoord van het college volgt. Voor een compleet beeld van de context voegen wij uw brief bij deze antwoordbrief.
_Vraag 1: Kan het college bevestigen dat uit het Sweco-bodemonderzoek (projectnummer 51015018)_ _blijkt dat een deel van de bovengrond op de projectlocatie vanwege een PFOS-gehalte van 6,0 µg/kg_ _ds conform het Besluit bodemkwaliteit is geclassificeerd als "Niet toepasbaar"?_ Antwoord: Het college is bekend met de classificaties uit het bodemonderzoek. De kwalificatie "Niet toepasbaar" heeft betrekking op de toepassingsmogelijkheden van vrijkomende grond volgens het Besluit bodemkwaliteit en betekent niet automatisch dat sprake is van een saneringsplichtige situatie.
_Vraag 2: Waarom is de startnotitie op 2 november 2023 behandeld zonder de raad expliciet te_ _informeren over de in het Sweco-rapport opgenomen classificatie "Niet toepasbaar"?_ Antwoord: De startnotitie had als doel de planontwikkeling en uitgangspunten voor de herinrichting te bespreken. De beschikbare onderzoeksinformatie maakte onderdeel uit van het projectdossier. Het college ziet geen aanleiding om afzonderlijk over deze classificatie te rapporteren aangezien het project ook met deze classificatie onverminderd uitvoerbaar is.
_Vraag 3: Welke maatregelen worden getroffen om te voorkomen dat tijdens werkzaamheden_ _verontreinigde grond wordt verspreid?_ Antwoord: Bij de uitvoering van werkzaamheden worden de geldende wet- en regelgeving, waaronder de Omgevingswet en het Besluit bodemkwaliteit, nageleefd. Tijdens de uitvoering wordt
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: JOS/2026/356552 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
1/3
niet toepasbare grond ongeroerd gelaten. Mocht afvoer van deze grond toch nodig zijn, dan worden passende beheersmaatregelen getroffen volgens de geldende uitvoeringsvoorschriften en veiligheidskaders.
_Vraag 4: Welke maatregelen heeft het college genomen naar aanleiding van de mogelijke relatie_ _tussen de PFAS-verontreiniging en de autobrand van juli 2020?_ Antwoord: Het college baseert zich op de conclusies van de uitgevoerde onderzoeken. Voor de projectlocatie worden werkzaamheden uitgevoerd conform de geldende bodemregelgeving en voorschriften.
_Vraag 5: Is het college bekend met het ALS-rapport van 13 maart 2026 betreffende het beoogde_ _kunstgrassysteem?_ Antwoord: Ja, het college is bekend met de betreffende rapportage.
_Vraag 6: Kan het college bevestigen dat de monstername heeft plaatsgevonden op 2 maart 2026 en_ _het rapport is afgegeven op 13 maart 2026?_ Antwoord: Ja, overeenkomstig met de betreffende rapportage.
_Vraag 7: Op basis van welke certificaten en onderbouwingen heeft het college op 12 februari 2026_ _geoordeeld dat het systeem aan de gestelde eisen voldeed?_ Antwoord: Het college heeft zich gebaseerd op de beschikbare productinformatie en gangbare markttoepassing van het betreffende kunstgrassysteem. Er bestond ten tijde van de besluitvorming geen aanleiding om aan te nemen dat het product negatieve gevolgen voor milieu of volksgezondheid zou veroorzaken. Evenmin bestond een wettelijke verplichting om voorafgaand aan de besluitvorming aanvullend laboratoriumonderzoek naar de aanwezigheid van PFAS uit te voeren. Het college zag en ziet geen reden om toepassing van het kunstgrassysteem af te wijzen.
_Vraag 8: Kan het college volledig uitsluiten dat het kunstgras PFAS bevat en is het college bereid de_ _vergunning in te trekken?_ Antwoord: Ja. De leverancier heeft verklaard dat het beoogde kunstgrassysteem geen PFAS bevat. Het college heeft deze verklaring betrokken bij de beoordeling van het product en zag, in combinatie met de beschikbare productinformatie en het ontbreken van aanwijzingen voor negatieve milieueffecten, geen aanleiding om toepassing van het systeem te weigeren.
_Vraag 9: Kan het college bevestigen dat in het Aziëpark reeds een Krajicek Playground voor dezelfde_ _doelgroep is gerealiseerd?_ Antwoord: Ja, dit is bij het college bekend. Er is een speelvoorziening nabij het Aziëpark gerealiseerd, wat door de Krajicek foundation tijdelijk als playground wordt gebruikt.
_Vraag 10: Hoe rechtvaardigt het college de investering van ruim € 1 miljoen in een aanvullende_ _sportvoorziening?_ Antwoord: De meerwaarde van deze ontwikkeling is een integrale afweging in het belang van de gemeenschap. Het college verwijst hiervoor naar het raadsbesluit van 19-02-2026.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: JOS/2026/356552 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
2/3
[De bestaande speelvoorziening in het Aziëpark (locatie) is gerealiseerd voor een andere doelgroep en](https://maps.app.goo.gl/hxyShsuaQhgJZDab8) heeft andere specificaties dan het te realiseren Cruyff Court. Voor de specifieke activatie van jeugd en jongeren door sportpartners in Haarlem is een ruimere sportplek nodig dan de speelplek die nabij het Aziëpark is gerealiseerd. Bij het realiseren van een sport- en beweegplek wordt rekening gehouden met de spreiding van verschillende soorten sport- beweeg- en speelplekken over de stad.
_Vraag 11: Kan het college bevestigen dat de projectlocatie beleidsmatig is verbonden aan het Natuur_ _Netwerk Haarlem en de lokale ecologische structuur?_ Antwoord: Ja.
_Vraag 12: Hoe verhoudt de aanleg van een sportvoorziening zich tot deze ecologische doelstellingen?_ Antwoord: De ontwikkeling biedt naast een meerwaarde voor bewegen/sporten en de hieraan verbonden sociale aspecten ook meerwaarde voor de ecologie. Het college verwijst voor de afweging tussen de verschillende beleidsdoelstellingen naar het raadsbesluit van 19-02-2026. Dit zijn onder andere de realisatie van een natuurvriendelijke oever, de aanplant van nieuwe bomen, het reduceren van het betegelde oppervlakte en het opwaarderen van groen- en grasperken met ecologisch waardevolle beplanting. Daarnaast wordt er een faunapassage ontwikkeld om de ecologische oever ook onder de Europaweg door te trekken.
_Vraag 13: Waarom is in 2026 een wijziging doorgevoerd waarin wordt gesproken over het_ _doortrekken van een ecologische verbinding?_ Antwoord: Er is geen sprake van een wijziging van het uitgangspunt ter versterking van de ecologische verbinding. Dit is bij uitstek het uitgangspunt geweest bij deze ontwikkeling.
_Vraag 14: Is het college bereid de omgevingsvergunning voor het project in te trekken?_ Antwoord: Het college ziet geen juridische of beleidsmatige grondslag voor intrekking van de omgevingsvergunning.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris, de burgemeester,
drs. K. Radstake drs. J. Wienen
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: JOS/2026/356552 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
3/3