Tytsjerksteradiel, 24 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Schriftelijke beantwoording raadsvragen IVP 2027–2030
CDA – Zorg en veiligheid / femicide
1. Hoe is de samenwerking in de keten wanneer het gaat om risicovolle situaties snel in kaart te brengen en aan te pakken?
Bij huiselijk geweld en ernstige onveiligheid werkt de gemeente niet alleen. In Fryslân bestaat een regionale keten rond huiselijk geweld waarin Veilig Thuis, gemeenten, politie en gespecialiseerde zorg- en veiligheidspartners samenwerken. Veilig Thuis beoordeelt meldingen op ernst en urgentie. Bij ernstige of hardnekkige problematiek kan worden opgeschaald naar de multidisciplinaire aanpak MDA++.
Binnen onze eigen organisatie is de verbinding tussen Openbare Orde en Veiligheid (OOV) en Zorg & Veiligheid structureel ingericht en worden complexe situaties integraal besproken. Daarbij werken we nauw samen met twee procesregisseurs Wmo. Zij onderhouden ook de verbinding met de andere teams binnen het sociaal domein en halen daar de meest ernstige en complexe signalen op waarbij gezamenlijke afstemming of aanvullende inzet nodig is.
Om signalen en casuïstiek laagdrempelig met elkaar te bespreken, organiseren we eens per twee weken een inloop met interne partners. Daarnaast vindt eenmaal per maand een Inloop XL plaats, waarbij ook externe partners, waaronder de GGZ en GGD, aansluiten. Op deze manier kunnen signalen vroegtijdig worden gedeeld, gezamenlijk worden geduid en kan worden bepaald welke partner of welk overleg het meest passend is voor de verdere aanpak. De gemeentelijke rol ligt vooral bij regie, verbinding, bestuurlijke advisering en, waar aan de orde, de inzet van gemeentelijke of burgemeestersbevoegdheden. Zorg, behandeling en strafrecht blijven de verantwoordelijkheid van de daarvoor toegeruste partners. Bij acute dreiging staat de directe veiligheid voorop en worden politie en/of Veilig Thuis betrokken.
2. In hoeverre worden professionals binnen onze gemeente getraind om signalen van intieme terreur en dwingende controle vroegtijdig te herkennen?
Het deskundig en vakbekwaam houden van medewerkers ligt in eerste instantie bij de betreffende vakafdelingen en organisaties zelf. Voor medewerkers binnen het sociaal domein betekent dit dat de sociale teams zelf verantwoordelijk zijn voor de deskundigheidsbevordering die nodig is om hun werkzaamheden goed uit te voeren, waaronder het herkennen van signalen van huiselijk geweld en onveilige relaties.
Vanuit OOV nemen wij die verantwoordelijkheid niet over. Wel kunnen wij, wanneer een veiligheidsthema daar aanleiding toe geeft, trainingen of kennisbijeenkomsten faciliteren of samen met het sociaal domein onderzoeken of aanvullende deskundigheidsbevordering wenselijk is. Dat kan bijvoorbeeld ook gelden voor het herkennen van signalen van intieme terreur en dwingende controle.
Daarnaast zorgen we er binnen projecten en samenwerkingsverbanden waarbij OOV betrokken is voor dat relevante medewerkers en partners worden aangehaakt en waar nodig worden geïnformeerd of geschoold.
3. Is onze gemeente bekend met de Filomena-aanpak en opvang?
Ja. Filomena is een gespecialiseerde aanpak uit de regio Rotterdam-Rijnmond voor ernstig huiselijk geweld en kindermishandeling. In Fryslân werken we via de Friese Aanpak Huiselijk Geweld en MDA++ voor ernstige en hardnekkige casuïstiek. Het Rijk onderzoekt welke onderdelen van de Filomena-aanpak breder toepasbaar zijn.
4. Is onze gemeente bekend met de plegeraanpak?
Ja. De regionale aanpak van huiselijk geweld richt zich niet alleen op de bescherming van slachtoffers, maar ook op het duurzaam stoppen van geweld. Daarbij zijn in Fryslân ook organisaties betrokken die met plegers werken, waaronder de forensische GGZ en verslavingszorg. De concrete plegerinterventies liggen bij de daarvoor toegeruste zorg- en justitiepartners.
Pagina 1
De gemeente verbindt waar nodig zorg en veiligheid en bewaakt samen met partners dat een veiligheidsplan niet uitsluitend op het slachtoffer rust. Bij ernstige en hardnekkige problematiek kan MDA++ worden ingezet.
5. Is de gemeente bereid naast Orange the World meer aandacht te vragen voor bewustwording bij inwoners?
Orange the World en andere bewustwordingsactiviteiten rond huiselijk geweld en geweld tegen vrouwen liggen inhoudelijk primair binnen het sociaal domein. Binnen de gemeentelijke organisatie is dit onderwerp daar belegd en worden vanuit die verantwoordelijkheid ook bewustwordingsactiviteiten uitgevoerd.
Vanuit OOV ligt de rol vooral bij de verbinding met veiligheid, bestuurlijke vraagstukken en complexe casuïstiek wanneer zorg en veiligheid elkaar raken. OOV neemt de inhoudelijke verantwoordelijkheid voor dergelijke campagnes niet over. Wanneer veiligheidssignalen aanleiding geven tot aanvullende aandacht, kunnen we dit uiteraard met het sociaal domein bespreken en waar passend ondersteunen of aansluiten.
Is de lange aanloop in het IVP nodig? De eerste hoofdstukken gaan vooral over het 'wat', terwijl het 'hoe' pas later zichtbaar wordt.
Dat onderscheid is bewust gemaakt. Voor veiligheid werken we in de basis met twee beleidsniveaus: het IVP en het jaarlijkse uitvoeringsprogramma. Het IVP geeft het strategische kader en legt op hoofdlijnen vast welke veiligheidsopgaven voor de komende vier jaar centraal staan. Het is belangrijk om die keuzes toe te lichten, omdat er veel veiligheidsopgaven zijn en niet alles tegelijkertijd kan worden opgepakt.
Vervolgens wordt jaarlijks een uitvoeringsprogramma opgesteld. Daarin werken we uit hoe de strategische veiligheidsopgaven concreet worden aangepakt, met acties, prioriteiten en waar mogelijk planning en monitoring. Door dit jaarlijks te doen, voorkomen we dat we voor vier jaar maatregelen vastleggen die door nieuwe ontwikkelingen of actualiteit kunnen worden ingehaald.
A. Welke concrete maatregelen neemt het college tegen te hard rijden in dorpen en woonwijken?
Toezicht, Handhaving en Veiligheid kunnen niet handhavend optreden tegen snelheidsovertredingen. De handhaving op snelheid ligt niet bij de gemeentelijke boa’s. De gemeente kan wel via de vakafdeling Verkeer bijdragen aan de inrichting van de openbare ruimte en vanuit OOV de verbinding leggen met veiligheidsbeleving, toezicht en samenwerking.
In het uitvoeringsprogramma 2027 willen we daarom gezamenlijk prioriteiten bepalen en gerichte verkeersveiligheidsacties uitvoeren met Verkeer, Toezicht & Handhaving, politie en, waar relevant, scholen of andere partners. OOV neemt het verkeersbeleid niet over, maar brengt signalen, veiligheidsbeleving en betrokken partners bij elkaar.
B. Kan de verlichting op de Simmerdyk tussen Burgum en Hurdegaryp worden meegenomen?
Dit is een concreet locatiesignaal dat kan worden doorgezet naar Verkeer en de beheerder van de openbare ruimte. Het IVP is niet het instrument om voor één specifiek wegvak een verlichtingsmaatregel vast te leggen. Het signaal kan vanuit het perspectief van veiligheidsbeleving wel worden betrokken bij de verkeerskundige en beheerstechnische beoordeling.
C. Fatbikes in dorpscentra zorgen voor overlast. Is dit bekend en wordt er iets mee gedaan?
De genoemde overlast door fatbikes in de dorpscentra is op dit moment niet als structureel probleem bij de gemeente bekend. Wij hebben hierover geen concrete meldingen ontvangen. Zonder meldingen of signalen is het lastig om te bepalen waar, wanneer en in welke vorm sprake is van overlast en welke aanpak passend zou zijn.
Wanneer meldingen of signalen binnenkomen, kunnen deze worden beoordeeld en kan samen met Verkeer, Toezicht & Handhaving en, waar nodig, politie of jeugdpartners worden bekeken welke maatregelen mogelijk en passend zijn. Daarbij geldt dat gemeentelijke boa’s niet bevoegd zijn om op snelheidsovertredingen met fatbikes te handhaven. Zij kunnen vanuit hun eigen bevoegdheden wel optreden tegen andere vormen van overlast en relevante signalen doorgeven.
Pagina 2
D. Waarom wordt zichtbaarheid van Toezicht & Handhaving genoemd? Gaat het om zichtbaarheid of om effectiviteit en doelmatigheid?
De zichtbaarheid van onze boa’s is geen doel op zichzelf. Het gaat vooral om een effectieve, doelmatige en passende inzet op plekken en momenten waar dat nodig is. Meldingen en signalen van inwoners, politie, Toezicht & Handhaving en andere partners zijn daarbij belangrijke informatiebronnen.
Per 1 januari 2026 is het landelijk verplicht voor boa’s om herkenbaar in uniform te zijn. De gemeenten in Fryslân, op één uitzondering na, hebben een vergelijkbaar boa-team en werken op vergelijkbare wijze. De keuze voor herkenbare boa’s in uniform past daarnaast bij de professionalisering van ons boa-team. De afgelopen periode is geïnvesteerd in een herkenbaar en professioneel team, met onder andere dienstkleding, een herkenbare dienstauto, opleiding, duidelijke werkafspraken en een nauwere samenwerking met de politie. Het uitgangspunt is dat boa’s voor inwoners en ondernemers herkenbaar, benaderbaar en aanspreekbaar zijn.
Deze aanspreekbaarheid zien we terug in onze cijfers. Het afgelopen halfjaar is het aantal meldingen vervijfvoudigd en de aanwezigheid van zichtbare handhaving leidt ook tot meer signalen die voorheen niet bij ons terechtkwamen. Herkenbaarheid kan bovendien preventief werken. Een concreet voorbeeld is de overlast rond de markt. Naar aanleiding van veel meldingen zijn handhaving en politie daar gericht en preventief aanwezig, zowel doordeweeks als in de weekenden. Vanuit bewoners ontvangen we hierover positieve reacties.
Dit betekent niet dat we overal zoveel mogelijk boa’s zichtbaar willen hebben of dat het uitdelen van bekeuringen het uitgangspunt is. We willen juist informatiegestuurd en flexibel inzetten: waar speelt iets, wat is er aan de hand, op welke momenten doet het zich voor en welke inzet is vervolgens passend? Bij zwaardere vormen van overlast kunnen boa’s worden ingezet voor zover dit binnen hun eigen taken en bevoegdheden valt. Bij geweld, grote gevaarzetting, ernstige openbare-ordeverstoringen of strafrechtelijke opsporing ligt de primaire verantwoordelijkheid bij de politie. Boa’s nemen dus geen politietaken over, maar werken aanvullend aan de politie.
Kan het opendeurenbeleid van zorginstellingen worden meegenomen, bijvoorbeeld in relatie tot Berchhiem en een helpersnetwerk?
Het zorginhoudelijke opendeurenbeleid is primair een verantwoordelijkheid van zorginstellingen en het sociaal/zorgdomein. Wanneer dit leidt tot concrete veiligheidsrisico’s, vermissingen, overlast of zorgen in de omgeving, raakt het wel aan Zorg en Veiligheid. In dat geval kunnen gemeente, instelling, zorgpartners en, waar nodig, politie gezamenlijk bekijken wat nodig is.
Een helpersnetwerk kan bijdragen aan sociale samenhang en betrokkenheid, maar vervangt niet de professionele verantwoordelijkheid van een zorginstelling.
Hoe wordt ondermijning in grote lijnen aangepakt, waar bestaat de overlast uit en hoe wordt de meldingsbereidheid versterkt?
Ondermijning is een brede en lastig af te bakenen veiligheidsopgave waarvan resultaten niet altijd direct zichtbaar zijn. De concrete aanpak wordt jaarlijks uitgewerkt. De kern bestaat uit signaleren, bewustwording, het versterken van de informatiepositie, het inzetten van bestuurlijke instrumenten en het uitvoeren van integrale controles met partners zoals politie, RIEC, Belastingdienst en Omgevingsdienst.
Ondermijning gaat niet alleen over zichtbare overlast. Het kan bijvoorbeeld gaan om drugshandel, misbruik van woningen of bedrijfslocaties, malafide ondernemingen, heling of andere situaties waarin criminele activiteiten gebruikmaken van legale structuren. We kijken daarnaast naar de weerbaarheid van organisaties en clubs en betrekken hierin ook onze eigen gemeentelijke organisatie.
De meldingsbereidheid versterken we door inwoners en ondernemers te informeren over signalen die zij kunnen herkennen en waar zij deze veilig kunnen melden. Daarbij sluiten we aan bij bestaande campagnes, waaronder Meld Misdaad Anoniem.
Pagina 3
| P – 4. Digitale veil lke concrete stappen k andere digitaal kwetsb gemeente kan digitale cr rden. Daarom zetten we men van online oplichtin ar kunnen zij terecht? | igheid unnen worden gezet o are mensen? Hoe cyber iminaliteit niet volledig v in op het herkennen van g, in combinatie met dui | m inwoners beter te besc weerbaar is de gemeent oorkomen, maar kan inw phishing, WhatsAppfraud delijk handelingsperspec | hermen? Hoe bereiken we oud e zelf? oners wel helpen om weerbaard e, bankhelpdeskfraude en ande tief: wat kunnen inwoners zelf d |
|---|---|---|---|
| r ouderen en andere dig tacten doorgaans beter rn en bestaande activite technische informatiebe binding met crisisbeheer rn ingezet op cyberbew continu proces. P – 5. CTER en ma Hoe volgt het gemeente ar dit speelt? arisatie en maatschappe oners, gemeentelijke m rden signalen en ontwikk ligheidshuis. Zo kunnen | itaal kwetsbare inwoner dan uitsluitend online c iten het gesprek over dig veiliging van de gemeen sing en de maatschapp ustwording, oefeningen e atschappelijke we bestuur polarisatie en lijke spanningen zijn nie edewerkers, politie, jong elingen besproken en re trends en individuele zor | s werken laagdrempelige ommunicatie. Daarom wil itale veiligheid voeren. telijke organisatie ligt prim elijke gevolgen van een cy n training. Cyberweerbaa erbaarheid maatschappelijke spann t met één cijfer te volgen. erenwerk, onderwijs, soci gionaal sluiten we aan bij gen vroegtijdig worden ge | bijeenkomsten en persoonlijke len we ook via welzijnsorganisat air bij I&A/CISO. Vanuit OOV lig berincident. De afgelopen jaren rheid is daarbij geen eindstatus, ingen? Hoe weten we wannee Het beeld ontstaat uit signalen aal domein en andere partners. relevante partners en het Zorg- duid. |
| rbij is het belangrijk om icalisering; gedrag, risic daarom vooral aan desk olging, en niet uitsluiten Welke rol hebben dorps psbelangen, scholen en veranderingen of spanni naleren; zij hoeven geen ar zorgen kunnen worde | zorgvuldig onderscheid o en context moeten zorg undigheid, duidelijke me d aan het aantal casuss belangen, scholen en v verenigingen zijn belang ngen soms eerder waarn veiligheidsprofessional t n gedeeld en welke partn | e maken. Niet ieder kritis vuldig worden gewogen. ldroutes, de kwaliteit van en. erenigingen bij sociale s rijk omdat zij dicht bij inw emen dan de overheid. H e worden. De gemeente m ers vervolgens aan zet zijn | ch of anti-overheidsgeluid is De effectiviteit van onze aanpak samenwerking en passende amenhang? oners staan, ontmoeting organis un rol is vooral verbinden en oet er wel voor zorgen dat duid . |
| r aandacht voor online Dit is een actueel voorbe meente gestart met de ni lokale actie opgezet me ar jongeren terechtkunn liezen we jongeren niet soort online gedrag valt igheid, pesten, strafbare | ronselen van jongeren eld van hoe preventie, je euwe campagne 'Snel ge t politie, boa’s, jongeren en. uit het oog bij vernede niet automatisch onder feiten of, wanneer er ee | voor criminaliteit? ugd en veiligheid samenk ld. Is dat het waard?' van werk en scholen, gericht ringsvideo’s, opruiing en CTER. Het kan raken aan d n ideologische of extremi | omen. Tytsjerksteradiel is als ee Meld Misdaad Anoniem. Daarna op herkenning, weerbaarheid en escalatie op sociale media? igitale veiligheid, jeugd, sociale stische component is, aan CTER |
| eentelijke rol is vooral v iaal domein, boa’s en p t ieder online incident is delijke rol bij onderwijs, en is de politie vanuit ha | roeg signaleren, prevent olitie elkaar weten te vin daarmee een veiligheids jongerenwerk en sociaal ar eigen rol betrokken. | Pagina 4 ie organiseren en ervoor z den. dossier van OOV. Bij zorg domein. Bij bedreiging, ge | orgen dat school, jongerenwerk of slachtofferschap ligt ook een weld, opruiing of andere strafba |
A. Hoe ver is de gemeente met de voorbereiding op langdurige stroomuitval of uitval van digitale voorzieningen?
Binnen de crisisorganisatie wordt gewerkt aan de voorbereiding op langdurige verstoringen. De bedrijfscontinuïteit van de gemeentelijke organisatie wordt organisatiebreed uitgewerkt en ligt niet uitsluitend bij OOV. Vanuit Veiligheid zorgen we voor de verbinding met crisisbeheersing, regionale voorbereiding en de processen die bij een langdurige verstoring nodig zijn.
Er wordt een noodaggregaat gerealiseerd en bedrijfskritische processen worden onder de loep genomen. De interne crisisorganisatie is goed gevuld en wordt meerdere keren per jaar getraind. Scenario’s zoals langdurige stroomuitval maken onderdeel uit van deze voorbereiding.
B. Wanneer zijn de noodsteunpunten operationeel?
De resultaten van de pilot van Veiligheidsregio Fryslân worden in november 2026 verwacht. Op basis daarvan wordt in 2027 onderzocht welke locaties en voorzieningen voor Tytsjerksteradiel passend en haalbaar zijn. Er is daarom op dit moment nog geen concrete datum waarop noodsteunpunten operationeel zijn.
C. Zijn inwoners voldoende geïnformeerd over wat zij zelf moeten doen bij een crisis?
Er is inmiddels landelijk veel concrete informatie beschikbaar via de campagne Denk Vooruit. Deze richt zich op de eerste 72 uur van een noodsituatie: het hebben van een noodpakket, het maken van een noodplan en het maken van afspraken met mensen in de omgeving. De gemeente kan deze landelijke informatie via de eigen kanalen versterken en lokaal aanvullen zodra er bijvoorbeeld meer duidelijkheid is over noodsteunpunten.
D. Binnen OOV is 3,78 fte beschikbaar. Om welke mensen gaat dit en wat is nog mogelijk bij langdurige uitval?
De 3,78 fte betreft de OOV-capaciteit en niet de boa-formatie. Binnen OOV zijn verschillende taakaccenten verdeeld, waaronder openbare orde, zorg en veiligheid, ondermijning, crisisbeheersing, evenementen, jeugd en digitale veiligheid.
De ervaring van de afgelopen jaren laat zien dat een relatief klein team kwetsbaar is bij langdurige uitval. In zo’n situatie krijgen wettelijke taken, acute veiligheidsrisico’s en bestuurlijk urgente situaties voorrang. Daarna worden lopende werkzaamheden en projecten geprioriteerd op risico, noodzaak en beschikbare capaciteit. Dit kan betekenen dat beleidsmatige projecten worden gefaseerd of doorgeschoven. Juist daarom bevat het nieuwe uitvoeringsprogramma expliciete regels voor prioritering en bijsturing.
Als het plan te veel blijkt te omvatten, wat krijgt dan prioriteit?
We rangschikken niet vooraf één veiligheidsopgave als altijd belangrijker dan een andere. In de uitvoering wordt geprioriteerd op urgentie en directe veiligheidsrisico’s, wettelijke taken en verplichtingen, bestuurlijke prioriteiten, actuele lokale ontwikkelingen en beschikbare capaciteit.
Een acute openbare-ordesituatie kan daardoor tijdelijk vóór een gepland project gaan. Een voorbeeld hiervan is de casuïstiek die enige tijd geleden in Noardburgum speelde. Deze casuïstiek heeft veel capaciteit gevraagd, waardoor andere werkzaamheden tijdelijk zijn blijven liggen. Dit is inherent aan veiligheidswerk en onderstreept het belang van jaarlijkse prioritering en bijsturing.
Hoe gaan we overlast verminderen en weten we eigenlijk waar de overlast uit bestaat?
We wijzen niet vooraf allerlei overlastlocaties aan waarop standaard een aanpak wordt ingezet. We werken vanuit meldingen en signalen. Wanneer deze binnenkomen, brengen we eerst in kaart wat er daadwerkelijk speelt, hoe vaak het voorkomt, wie erbij betrokken zijn en wat er van de gemeente wordt verwacht.
Vervolgens bepalen we samen met bijvoorbeeld Toezicht & Handhaving, politie, jongerenwerk of andere partners welke inzet passend is. Wanneer blijkt dat sprake is van een terugkerend of complex probleem, kan daar een gezamenlijke aanpak uit volgen.
Pagina 5
| Wat kan er geleerd wor leren voor de leidende Antwoord: Door vroeg i project een verschil kan en begrijpen dat er mee organisaties voor het ge overwegingen nog mee gesprekken die we met mogelijke ontwikkelaar vragenlijst. | den van deze samenwe principes van houding e n gesprek te gaan met b maken in de buurt. Be r woningen nodig zijn. zondheidscentrum. Zo nemen in de NvU. De p bewonersgroepen, ond hebben gevoerd, waren | rking met Utrechters? De n gedrag en het kompas ewoners en stakeholder woners zien graag een ve Ook zagen we dat het en konden we ook echt sted ersoonlijke en naar buite ernemers, mensen in de een goede aanvulling op | nk hierbij aan wat we kunnen voor zeggenschap. s gaf het vooral energie dat dit rbetering ten opzichte van nu ergie gaf aan potentiële enbouwkundige n gerichte aanpak en gezondheidszorg en een de bijeenkomst en online |
|---|---|---|---|
| n per oude doelstelling definitief eindoordeel k t altijd voorzien van een 5 en 2026 kan op dit mo dermijning – voorlopige 023–2024 is gewerkt me 025 en 2026 is de aanpa rmatie- en bewustwordi erdeel van het veiligheid bercriminaliteit – voorlo ijn meerdere bewustwor mpagnes, HackShield, cy het 'bewustzijn van alle e beleid een harde nulm wikkeling. | worden aangegeven of an pas na afronding van nulmeting of harde stree ment wel de volgende vo duiding: grotendeels b t een ondermijningstafe k verbreed met integrale ngsactiviteiten. De aanp swerk. pige duiding: gedeeltel dingsactiviteiten uitgevo bergames en oefeninge inwoners' of volledige cy eting en streefwaarde. D | deze is bereikt, gedeelte 2026 worden gegeven. Bo fwaarde. Op basis van de orlopige duiding worden ereikt op borging; verder l, bewustwording en actua controles, samenwerkin ak is daarmee niet meer e ijk bereikt / structureel i erd voor inwoners, jonger n. Dit laat zien dat structu berweerbaarheid objectie e gemeentelijke cyberwe | lijk bereikt of niet bereikt? vendien waren de oude doelstel uitvoeringsprogramma’s 2023–2 gegeven. e doorontwikkeling blijft nodig lisering van bestuurlijke instrum g met RIEC en politie en verdere en los project, maar een structu n ontwikkeling. en en medewerkers, waaronder reel inzet wordt gepleegd, maar f is bereikt. Daarvoor ontbraken erbaarheid blijft bovendien cont |
| atschappelijke onrust / kundigheid. s een radicaliseringstafe sluiting. Het nieuwe IVP keersveiligheid – voorl ijn snelheidssmileys en g echter over het 'veiligh n dat verkeersveiligheid erdeel van het nieuwe I ciale veiligheid – voorlo rkprocessen rond Zorg & ningcorporaties en zorgp vast onderdeel van de d | polarisatie – voorlopig l/overlegstructuur ingeri bouwt hierop voort met opige duiding: gedeelte gezamenlijke verkeersve eidsgevoel' zonder harde nog steeds het belangrijk VP. pige duiding: grotendee Veiligheid zijn beschrev artners is structureler g agelijkse uitvoering. | e duiding: grotendeels b cht, medewerkers hebben CTER en maatschappelijk lijk bereikt; effectdoel ni iligheidsacties en -campa nulmeting en streefwaar ste lokale aandachtspunt ls bereikt op structureri en en de samenwerking tu eworden. Complexe zorg- | ereikt op structuur en trainingen gevolgd en er is regi e weerbaarheid. et zuiver meetbaar. gnes ingezet. De oude doelstell de. De Veiligheidsmonitor 2025 l is. Daarom blijft het nadrukkelij ng van samenwerking. ssen OOV, sociaal domein, poli en veiligheidscasuïstiek is inmid |
Belangrijke context In het uitvoeringsprogramma 2023–2024 stond expliciet dat de vijf prioriteiten binnen de toen beschikbare gezamenlijke capaciteit deels op 'waakvlamniveau' moesten worden uitgevoerd. Na de ontvlechting in 2025 is Tytsjerksteradiel de eigen veiligheidsorganisatie gaan opbouwen. Dat heeft in 2025 en 2026 zichtbaar verschil gemaakt in de mate waarin onderwerpen konden worden opgepakt en geborgd. Met het nieuwe IVP en de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s wordt die lijn vanaf 2027 nog gestructureerder en beter toetsbaar.
Pagina 6
Is er sinds 2023 bijna 2 fte bijgekomen? Is 3,78 fte inclusief boa’s en wat is het totaalbeeld van leiding, beleid en uitvoering?
De rekensom uit het oude plan – 3,65 fte gedeeld door twee gemeenten – geeft geen zuiver beeld. In Feiligens Foarút werd de totale capaciteit van de gezamenlijke Eenheid Veiligheid genoemd; het document verdeelde die capaciteit niet 50/50 over beide gemeenten. Een dergelijke verdeling was voor Veiligheid ook niet werkbaar, omdat dan onvoldoende capaciteit beschikbaar zou zijn en zelfs acute veiligheidscasuïstiek niet altijd opgepakt zou kunnen worden.
Na de ontvlechting heeft Tytsjerksteradiel een eigen OOV-organisatie ingericht. De capaciteit is daarbij onder andere via de kadernota opgebouwd. De huidige 3,78 fte betreft uitsluitend de OOV-formatie; de boa-formatie en juridische ondersteuning zijn hierin niet opgenomen.
Deze maand is een nieuwe benchmark uitgevoerd met de Friese gemeenten, met uitzondering van Leeuwarden. Daarbij is niet alleen gekeken naar het aantal fte per 10.000 inwoners, maar ook naar kenmerken zoals oppervlakte en waterwegen. Uit deze benchmark blijkt dat de capaciteit voor Veiligheid gemiddeld is ten opzichte van de Friese referentiegemeenten. Voor de boa-capaciteit is dezelfde benchmark beschikbaar. De capaciteit van ons boa-team ligt nog steeds duidelijk onder die van de Friese referentiegemeenten.
Waarom is verkeersveiligheid ondergebracht onder 'Veilige en leefbare woonomgeving' in plaats van als losse prioriteit?
Verkeersveiligheid is niet afgewaardeerd. Het is juist expliciet als eerste inzetpunt opgenomen binnen de bredere opgave Veilige en leefbare woonomgeving. De reden voor deze bredere titel is dat verkeersveiligheid samenhangt met veiligheidsbeleving, leefbaarheid en de openbare ruimte.
De inhoudelijke verkeersmaatregelen liggen primair bij de vakafdeling Verkeer. OOV sluit aan vanuit veiligheid, signalering en samenwerking. Door verkeersveiligheid binnen de bredere opgave te positioneren, blijft het onderwerp nadrukkelijk onderdeel van het IVP, terwijl de inhoudelijke verantwoordelijkheden op de juiste plek blijven.
Waarom zichtbaar toezicht? Past dit bij een plattelandsgemeente? Waarom drie boa’s in Burgum en waarom niet meer in burger?
De inhoudelijke beantwoording over zichtbaarheid, effectiviteit en herkenbaarheid van boa’s is opgenomen bij FNPvraag 1D. Aanvullend geldt dat boa’s in beginsel met z’n tweeën de straat op gaan. Tytsjerksteradiel is daarnaast een werk- en leerbedrijf en werkt met een stagiair die met de boa’s meeloopt.
In de praktijk wordt, voor zover mogelijk, nog steeds met twee personen gewerkt. Op sommige momenten kan de aanwezigheid van een stagiair er echter toe leiden dat er ogenschijnlijk drie boa’s gezamenlijk lopen. Dit betekent niet dat structureel drie volledig inzetbare boa’s op één locatie worden ingezet.
De doelstellingen bij CTER en maatschappelijke weerbaarheid zijn abstract. Hoe ziet dit er concreet uit en hoe kan een gemeente effectief zijn?
De gemeente heeft binnen CTER en maatschappelijke weerbaarheid vooral een preventieve, organiserende en verbindende rol. Het doel is niet dat de gemeente zelf opsporing verricht, maar dat professionals signalen herkennen, weten waar zij die kunnen melden en dat de juiste partners snel met elkaar kunnen handelen.
• Voor relevante functies wordt bekeken welke basiskennis nodig is om signalen te herkennen en waar aanvullende training of kennisdeling nodig is. Vanuit OOV kunnen we dit voor het CTER-domein faciliteren en organiseren.
Pagina 7
Voor de vakinhoudelijke deskundigheidsbevordering binnen bijvoorbeeld het sociaal domein blijven de betreffende afdelingen zelf verantwoordelijk.
• De interne radicaliseringstafel wordt gebruikt voor signalering, kennisdeling en, waar nodig, casuïstiek.
• Regionaal werken we samen met gemeenten, politie, Openbaar Ministerie en het Zorg- en Veiligheidshuis.
• Daarnaast werken we samen met jongerenwerk, onderwijs, zorg en maatschappelijke organisaties.
• Meldroutes en verantwoordelijkheden worden zo duidelijk mogelijk ingericht en bekendgemaakt.
De effectiviteit meten we daarom niet aan het aantal radicaliseringscasussen. Een laag aantal kan immers ook betekenen dat er weinig problematiek is. We kijken vooral of professionals deskundig zijn, meldroutes werken, signalen zorgvuldig worden geduid en partners gezamenlijk kunnen optreden.
Het IVP legt voor vier jaar de koers vast, maar we willen juist voorkomen dat het een statisch plan wordt. Na de ontvlechting hebben we in 2025 en 2026 veel kunnen opbouwen en beter kunnen borgen. Vanaf 2027 koppelen we daar ieder jaar een concreet uitvoeringsprogramma aan, met acties, verantwoordelijken, planning, monitoring en bijsturing. Zo houden we de strategische lijn vast en kunnen we tegelijkertijd reageren op wat er daadwerkelijk in onze gemeente gebeurt.
Pagina 8