Tiel, 10 juni 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Schriftelijke raadsvragen conform art. 41 van het Reglement van Orde. Naar aanleiding van de reactie die op 2 juni jl. namens de gemeente Tiel aan de NRC is verzonden over een conceptartikel, hebben wij behoefte aan helderheid over de status, totstandkoming, verantwoordelijkheid en informatievoorziening van deze brief. Het gaat ons dus niet om de inhoud van het NRC artikel, maar we vragen om duidelijkheid over de verzonden brief en de communicatie daarover. 1. In de brief wordt gesproken over een reactie “namens de gemeente”. Wie is hier “de gemeente”? 2. a). Wie heeft de brief opgesteld, afgestemd, goedgekeurd en verzonden? b). Wie is of zijn hierbij bestuurlijk betrokken geweest? 3. Indien de brief ambtelijk is verzonden, welk bestuursorgaan draagt daarvoor dan de bestuurlijke verantwoordelijkheid? 4. a) Is de conceptbrief behandeld in het college? b) Is er een expliciet collegebesluit genomen om deze brief uit te laten gaan? 5. a) Klopt het dat op maandagavond 1 juni jl., gezien de strekking van het (concept) artikel van de NRC, het presidium bijeen is geroepen om te spreken over een mogelijke gemeenschappelijke reactie richting de NRC? b) Welke rol heeft het presidium hierbij, gelet op de beperkte taakomschrijving in het Reglement van Orde? c) Wat is de conclusie geweest van dat overleg? d) Is er een verslag gemaakt van dit presidium? Zo ja: kunnen we dat verslag ontvangen? Zo nee: waarom niet?
e) Klopt het dat is gekozen voor een ‘communicatielijn’ waarbij fractievoorzitters de eigen fracties mondeling zouden informeren? (zie bijlage). Zo ja, waarom is voor deze werkwijze gekozen? f) Beoordeelt u een dergelijke wijze van communiceren, gezien de strekking van het (concept) artikel van de NRC, als een correcte en adequate manier om de raad te informeren? Zo ja, waarom? g) Deelt u de mening dat fractievoorzitters daarover geen verantwoording mogen, kunnen en hoeven af te leggen aan collega-raadsleden? Zo nee, waarom niet? h) Dient de raad als hoogste bestuursorgaan niet correct te worden geïnformeerd, zeker gezien de strekking van het (concept) artikel van de NRC, door de daartoe bevoegde bestuursorganen. Dat wil zeggen hetzij door het college dan wel door het bestuursorgaan burgemeester? i) Waarom is er, onder het voorbehoud dat het NRC artikel daadwerkelijk zal worden gepubliceerd, voor gekozen de brief pas achteraf naar de raadsleden te sturen? j) Geldt een tijdige en adequate informatieplicht, conform art. 169, lid 4 gemeentewet, niet des temeer wanneer er in de brief wordt geschreven dat bij publicatie de gemeente “juridische stappen” onderneemt richting de hoofdredactie en de Raad voor de Journalistiek? j) Acht u de gevolgde informatievoorziening passend bij de aard en gevoeligheid van de kwestie? Zo ja, waarom? Namens de fracties van PRO en het CDA, resp. de raadsleden W. Gradisen en M. van Doesburg.