Ooststellingwerf, 21 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
- Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag
Datum 3 juli 2026 Betreft Permanente bewoning van recreatiewoningen
Geachte voorzitter,
Omdat de woningnood nog altijd hoog is, zijn sommige mensen voor hun woonsituatie aangewezen op een recreatiewoning. Zij leven vaak in onzekerheid. In het coalitieakkoord staat daarom dat het kabinet permanente bewoning van recreatiewoningen mogelijk wil maken. In deze brief licht ik aan uw Kamer graag toe hoe ik hieraan invulling geef en welke vervolgstappen ik hiervoor onderneem. Ook in relatie tot de reeds in voorhang zijnde concept-instructieregel permanente bewoning recreatiewoningen (AMvB) [1] .
Om permanente bewoning van recreatiewoningen mogelijk te maken, is de hiervoor genoemde concept instructieregel in oktober 2025 in procedure gebracht. Hierbij is aan uw Kamer tevens aangekondigd dat uit de uitvoeringstoets van Dienst Toeslagen blijkt dat de instructieregel, in combinatie met het huidige huurtoeslagbeleid, niet uitvoerbaar is voor Dienst Toeslagen in het kader van de huurtoeslag. Dit komt onder andere door het ontbreken van volledige registraties van recreatiewoningen in de Basisregistratie Adressen Gebouwen (BAG) en Basisregistratie Personen (BRP), en gerelateerde benodigde capaciteit en handhavingsrisico’s [2] . De afgelopen maanden is door Ipsos I&O en RIGO onderzoek uitgevoerd naar woonsituaties op vakantieparken, omdat de schatting van de omvang van de doelgroep onzeker was. Op basis van deze onderzoeken valt niet met zekerheid te zeggen dat het aantal verwachte huurtoeslaggerechtigden lager is dan waar in eerste instantie vanuit is gegaan, waardoor de risico’s rondom de huurtoeslag blijven. [3] In samenwerking met Dienst Toeslagen is gepoogd mogelijkheden te vinden om de uitvoerbaarheid van de instructieregel te verbeteren, maar er is geen werkbaar alternatief gevonden.
Tegen de achtergrond van de onuitvoerbare instructieregel, ben ik op zoek gegaan naar alternatieve manieren om invulling te geven aan mijn uitgangspunt dat de situatie van bewoning onveranderd blijft voor bewoners van recreatiewoningen, tenzij er voor gemeenten redenen zijn om te handhaven zoals bijvoorbeeld bij ondermijning. Als permanente bewoners van recreatiewoningen in dat geval niet
1 Te raadplegen op: [AMvB - wijzigingen van het Besluit kwaliteit leefomgeving in verband](https://open.overheid.nl/documenten/1968991c-a408-49aa-942f-84ced06e8c4f/file) [met een instructieregel voor bestaand gebruik bewoning vakantieparken](https://open.overheid.nl/documenten/1968991c-a408-49aa-942f-84ced06e8c4f/file) [2 Te raadplegen op: Uitvoeringstoets Dienst Toeslagen - permanente bewoning](https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2025/10/02/uitvoeringstoets-dienst-toeslagen-permanente-bewoning-recreatiewoningen) [recreatiewoningen | Rijksoverheid.nl](https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2025/10/02/uitvoeringstoets-dienst-toeslagen-permanente-bewoning-recreatiewoningen) 3 Het rapport van Ipsos ‘Rapportage bewoning vakantieparken’ en de notitie van RIGO ‘Aantal huurtoeslaggerechtigden in recreatiewoningen; eerste scan/second opinion’ zijn als bijlagen bij deze brief gevoegd.
DG Volkshuisvesting en Bouwen
Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag
Onze referentie 2026-0000324444
Pagina 1 van 4
in de recreatiewoning kunnen blijven wonen, dan zorgen we ervoor dat zij niet zomaar op straat belanden in tijden van woningnood. Dit beleidsvoornemen heeft niet ten doel het woningtekort terug te dringen; ik wil hiermee zekerheid bieden aan bewoners in recreatiewoningen.
Het is van belang om spoedig tot een heldere, gedragen aanpak te komen. Daarom heb ik in de afgelopen periode waardevolle gesprekken gevoerd met diverse belanghebbenden bij dit vraagstuk. Zo heb ik gesproken met bewoners van recreatiewoningen, beheerders en eigenaren van vakantieparken, bestuurders namens VNG, IPO en vertegenwoordiging van de recreatiebranche [4] . Deze gesprekken onderstrepen dat permanente bewoning van recreatiewoningen zeer divers van aard is. Er zijn mensen voor wie de recreatiewoning hun enige uitweg is in deze tijden van woningnood, maar dat is niet altijd het geval. Daarnaast is mij duidelijk geworden dat dit vraagstuk al jarenlang speelt en zich niet gemakkelijk laat oplossen. Permanente bewoning raakt namelijk vele andere vraagstukken die op vakantieparken voorkomen, zoals revitalisering, transformatie, huisvesting van arbeidsmigranten en ondermijning. Mijns inziens is de instructieregel in het licht van het voorgaande niet passend om invulling te geven aan de doelstelling van dit kabinet. De inzet van één generiek juridisch instrument staat immers op gespannen voet met zowel de diversiteit van de woonsituaties op de parken, als met de complexe samenhang met andere uitdagingen die op vakantieparken kunnen spelen.
_Afspraken_ Permanente bewoners van recreatiewoningen hebben behoefte aan zekerheid en voorspelbaarheid; zij willen weten waar zij aan toe zijn. Deze zekerheid hebben zij nu nog niet altijd. Met VNG heb ik hierover afgelopen periode uitvoerig contact gehad en VNG deelt met mij de uitgangspunten dat:
- In beginsel geldt dat de gemeente ervoor zorgt dat permanente bewoners van recreatiewoningen nooit zomaar op straat komen te staan: de menselijke maat is het uitgangspunt.
- Permanente bewoners in schrijnende situaties moeten worden beschermd: er wordt bekeken of hun woonsituatie kan worden gelegaliseerd. Als dit niet mogelijk blijkt, wordt door gemeenten ingezet op het vinden van een passende oplossing waaronder ondersteuning naar alternatieve huisvesting. Met VNG heb ik afgesproken dat deze uitgangspunten voor het einde van het jaar worden uitgewerkt in een landelijk handelingskader als onderdeel van de werkafspraken, met het uitgangspunt dat gemeenten in lijn met het handelingskader van de afspraken handelen en beleid maken. Gemeenten kunnen dan ook door mij worden aangesproken als zij niet conform het handelingskader handelen. Uiteraard dienen de werkafspraken voor alle betrokken partijen duidelijk, werkbaar en uitvoerbaar te zijn en er zal rekening worden gehouden met andere zaken die op het park spelen zoals ondermijning en transformatieprocessen. Ik zal ook in gesprek gaan met vertegenwoordiging vanuit de medeoverheden en de recreatiesector. Na het vaststellen van het handelingskader zal ik de situatie op vakantieparken nauwlettend in de gaten
4 Toezegging aan het lid Flach tijdens het commissiedebat over de Staat van de Volkshuisvesting van 11 maart 2026; Kamerstukken II 2025-26, 32 847, nr. 1446.
DG Volkshuisvesting en Bouwen
Datum
Onze referentie 2026-0000324444
Pagina 2 van 4
houden. Mochten deze afspraken niet tot voldoende zekerheid voor bewoners leiden, zal ik dit beleid herzien.
Ik kan mij voorstellen dat een deel van de bewoners van recreatiewoningen had gerekend op het uitvoeren van de instructieregel. Mijn beeld is dat afspraken conform deze uitgangspunten aan bewoners, die in een schrijnende situatie zitten zonder alternatief, gerichter de zekerheid kunnen geven waar zij aan toe zijn. De afspraken waarborgen dat permanente bewoners van recreatiewoningen nooit zomaar op straat komen te staan. Tegelijkertijd doen de afspraken recht aan de diversiteit van de woonsituaties en de samenhang met andere uitdagingen op vakantieparken, en is de aanpak sneller uitvoerbaar.
Ik verzoek gemeenten om vooruitlopend op het maken van de bovenstaande afspraken nadrukkelijk terughoudend te zijn met handhaving, en daarmee in lijn te handelen met de aangenomen motie Wijen-Nass, zodat daarmee kan worden voorkomen dat permanente bewoners van recreatiewoningen hun woonruimte verliezen en op straat terecht komen. Ik begrijp evenwel ook dat handhavend moet kunnen worden opgetreden in geval van bijvoorbeeld overlast of ondermijnende criminaliteit. Voor het eind van het jaar informeer ik uw Kamer over de uitwerking van de werkafspraken. De voorhang van de instructieregel beëindig ik hierbij. Dit betekent dat ik de instructieregel niet verder in behandeling zal brengen.
_Transformatie waar mogelijk en gewenst_ Transformatie leidt tot beperkte aantallen extra woningen, maar kan op lokaal niveau veel impact hebben. Eerder is het Loket transformatiewens vakantieparken ingesteld. Eigenaren en VvE’s van recreatiewoningen konden via een vragenformulier hun transformatiewens tot eind mei 2024 kenbaar maken. Het loket heeft destijds vanuit 120 gemeenten meldingen ontvangen van 2.000 eigenaren van recreatiewoningen of VvE’s van vakantieparken, met een sterke transformatiewens. De 19 gemeenten met de meeste meldingen worden op dit moment proactief benaderd door het Expertteam Transformatie Vakantieparken (ETV) van RVO, waarvan inmiddels twee concrete mogelijkheden worden opgepakt. Doel van het ETV is om te helpen bij het oplossen van knelpunten en problemen bij transformatie van vakantieparken, die zich lokaal voordoen.
Gemeenten zijn primair verantwoordelijk voor het transformatieproces. Om meer sturing te geven aan daadwerkelijke transformatie daar waar gewenst en mogelijk, onderneem ik ter uitvoering van de motie lid-De Groot [5] drie acties:
- Ten eerste: het juridisch kader. Er wordt met de inwerkingtreding van het Besluit versterking regie volkshuisvesting, naar verwachting op 1 januari 2027, van gemeenten gevraagd om beleid ter voorziening in de woonbehoefte binnen de bestaande woningvoorraad. Dit omvat ook de transformatie van recreatiewoningen.
- Ten tweede: lokale initiatieven mogelijk maken. Ik zal gekoppeld aan het ETV deze zomer nog aanvullend opdracht verstrekken voor ondersteuning van gemeenten, eigenaren (waaronder nadrukkelijk ook VvE’s) in het gezamenlijk
5 Kamerstukken II, 2024/2025, 32 847, nr. 1368.
DG Volkshuisvesting en Bouwen
Datum
Onze referentie 2026-0000324444
Pagina 3 van 4
uitwerken van plannen voor transformatie. Daar waar op aangeven van gemeenten of initiatiefnemers onvoldoende voortgang wordt geboekt en waar met goede afspraken over bijvoorbeeld verevening kan worden getransformeerd, worden zij ondersteund in het transformatieproces, zoals ook toegezegd aan lid-De Groot [6] .
- Ten derde: succesfactoren toepassen in gemeentelijk beleid. Het ETV zal mij na de zomer een beleidsadvies verstrekken over het verder aanjagen van transformaties; welke ik met u zal delen. Zij zullen daarbij ingaan op welke door de gemeente gehanteerde criteria en welke factoren het meest bepalend zijn voor het succesvol doorlopen van transformatie. Die inzichten kunnen worden benut voor het opstellen van gemeentelijk beleid in het kader van het Besluit versterking regie volkshuisvesting en het mogelijk maken van lokale initiatieven. Tevens betrek ik de mogelijkheden voor transformatie waar nodig bij het handelingskader over permanente bewoning dat ik met gemeenten afspreek.
De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,
Elanor Boekholt-O’Sullivan
6 Toezegging gedaan tijdens Commissiedebat Ruimtelijke Ordening, 11 juni 2026, nummer TZ202606-188
DG Volkshuisvesting en Bouwen
Datum
Onze referentie 2026-0000324444
Pagina 4 van 4