Mook en Middelaar, 9 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
_De fractie van de DGP heeft de volgende vraag voor het vragenuur van de commissievergadering van_ _9 september 2026 aangeleverd:_
Vragenuur
_De realisatie van het nieuwe spoorviaduct over de Heumensebaan in Molenhoek heeft de afgelopen_ _periode veel aandacht gekregen. In de beantwoording van de artikel 44-vragen van 23 juli 2026 heeft_ _het college aangegeven dat het uitgangspunt is geweest om de situatie voor het gemotoriseerde_ _verkeer en de daarbij behorende verkeersstromen gelijk te houden._
_De fractie van DGP ontvangt echter signalen van weggebruikers dat een deel van het verkeer dat_ _voorheen gebruikmaakte van de route via de Heumensebaan en de Rijlaan, inmiddels uitwijkt naar de_ _route Groesbeekseweg en Mooksebaan. Als reden wordt genoemd dat men vreest schade aan_ _voertuigen op te lopen bij het gebruik van het nieuwe viaduct. Als daadwerkelijk sprake is van een_ _verschuiving van verkeersstromen, kan dit leiden tot een ongewenst waterbedeffect, mede gezien de_ _verkeerskundige balans tussen beide routes en de in het verleden getroffen verkeersmaatregelen._
_Naar aanleiding hiervan heeft de fractie van DGP de volgende vragen aan het college:_
_1._ _Is het college bekend met signalen dat weggebruikers vanwege het nieuwe spoorviaduct_ _uitwijken van de route Heumensebaan/Rijlaan naar de route Groesbeekseweg/Mooksebaan?_
_2._ _Beschikt het college over verkeersgegevens van de situatie vóór de ingebruikname van het_ _nieuwe spoorviaduct, waaruit de verkeersintensiteiten op beide routes blijken?_
_3._ _Is het college bereid verkeersmetingen uit te voeren om vast te stellen of sinds de_ _ingebruikname van het nieuwe spoorviaduct sprake is van een verschuiving van_ _verkeersstromen tussen beide routes en daarmee mogelijk van een waterbedeffect?_
_Namens de fractie van de DGP,_
_Joep Meelkop_