Harderwijk, 16 juli 2026
Bron laatst gecontroleerd op 5 oktober 2026.
College van Burgemeester en Wethouders
Postbus 149
3840 AC HARDERWIJK
Betreft: Schriftelijke vragen ex artikel 32 Organisatieverordening van de gemeenteraad
Onderwerp: Vervolgvragen inzet boa's
Datum: 16 juli 2026
In oktober 2025 stelde Harderwijk Anders schriftelijke vragen over de inzet van boa’s. De beantwoording van 29 oktober 2025 gaf op verschillende punten onvoldoende duidelijkheid en riep nieuwe vragen op.
In de vorige collegeperiode was ‘Integrale handhaving’ expliciet opgenomen in de portefeuilleverdeling. In de huidige portefeuilleverdeling ontbreekt deze aanduiding. Dit valt op, omdat de coalitie juist hoge ambities uitspreekt op het gebied van handhaving.
1. Kan het college toelichten waarom ervoor is gekozen 'Integrale handhaving' niet langer als afzonderlijke portefeuille te benoemen? Is de portefeuille vergeten of is deze onder een nieuwe naam minder zichtbaar belegd? 2. Welke bestuurder is nu verantwoordelijk voor:
- de dagelijkse aansturing en inzet van de boa’s;
- het vaststellen en evalueren van het handhavingsbeleid;
- de capaciteit en prioritering van de handhaving;
- het ontwikkelen en actualiseren van het handhavingsbeleid. 3. Indien deze verantwoordelijkheden over meerdere portefeuillehouders zijn verdeeld, kan het college aangeven hoe deze verdeling is vormgegeven en welke bestuurder op welke onderdelen aanspreekbaar is?
Vervolgvragen n.a.v. beantwoording 29 oktober 2025
De vraag van 7 oktober 2025: Kan het college per wijk aangeven hoeveel uren handhaving er de afgelopen drie jaar is ingezet?
Het antwoord op 29 oktober 2025: Het college verwijst naar de bijlage.
Vraag 1 - 16 juli 2026: In antwoord op de vraag verwijst het college naar de bijlage, maar daarin staan geen ingezette uren per wijk. De bijlage bevat meldingen per gebied en onderwerp. Kan het college de gevraagde uren alsnog verstrekken, per wijk en per jaar, inclusief een toelichting op welke activiteiten wel en niet in deze uren zijn meegenomen?
_Overzicht schriftelijke vragen + antwoorden 29 oktober 2025:_ _https://harderwijk.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Item/ba7ab7c6-c5d9-4fea-aa36-9bf39e490541_
De vraag van 7 oktober 2025: Welke prioriteiten hanteert de gemeente bij het bepalen van de inzet van boa’s (bijvoorbeeld horeca, afval, parkeren, leefbaarheid, openbare orde, etc.)?
Het antwoord op 29 oktober 2025: De prioriteiten zijn vastgesteld in het Uitvoeringsprogramma Integraal Toezicht en Handhaving. Hierin is per thema vastgesteld welke prioriteit de aanpak hierop krijgt. Thema’s met een hoge prioriteit zijn op dit moment:
- Drugscriminaliteit, drugsoverlast en middelengebruik onder jongeren
- Ondermijning
- Evenementen
- Overlast (jeugd, alcohol, drugs en zwerfproblematiek)
- Toezicht en handhaving exploitatievergunningen
- Thematisch handhaven, waaronder verkeersveiligheid
Vraag 2 - 16 juli 2026: Inmiddels blijkt dat het laatste uitvoeringsprogramma betrekking had op 2023–2024, dat er geen nieuw uitvoeringsprogramma wordt vastgesteld en dat de nieuwe handhavingsmatrix nog in ontwikkeling is.
Op basis van welk actueel en formeel vastgesteld beleidskader worden de prioriteiten voor de inzet van boa’s momenteel bepaald, door wie en op welke datum zijn deze prioriteiten vastgesteld, en op welke wijze heeft de gemeenteraad hierover kaders kunnen stellen en zijn controlerende rol kunnen uitoefenen?
Vraag 3 - 16 juli 2026: Wordt de nieuwe Harderwijkse handhavingsmatrix aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorgelegd voordat deze als basis wordt gebruikt voor de verdeling van boa-capaciteit? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4 - 16 juli 2026: Kan het college bij de nieuwe handhavingsmatrix per thema aangeven welke prioriteit wordt toegekend, welke criteria daarvoor worden gebruikt, welk deel van de beschikbare boa-capaciteit eraan wordt besteed en welke taken daardoor minder of niet worden uitgevoerd?
De vraag van 7 oktober 2025: Op basis van welke afwegingen wordt de frequentie en ‘thematische’ inzet van boa's per wijk bepaald?
Vraag 5 - 16 juli 2026: In de antwoordbrief van 29 oktober 2025 is vraag 6 onjuist weergegeven. Kan het college de oorspronkelijke vraag alsnog volledig beantwoorden en daarbij aangeven wie de inzet per wijk bepaalt, hoe vaak die verdeling wordt herijkt en welke objectieve criteria en gegevens daarbij worden gebruikt?
De vraag van 7 oktober 2025: Zichtbaarheid en aanspreekbaarheid dragen bij aan het veiligheidsgevoel. In hoeverre maken deze aspecten deel uit van de prioritering bij de inzet van boa's?
Het antwoord op 29 oktober 2025: Onze boa’s zijn herkenbaar, benaderbaar en aanspreekbaar. Elke boa heeft veel sociale vaardigheden nodig, zoals het laagdrempelig contact leggen met burgers, duidelijk en weerbaar communiceren, en het de-escaleren van situaties. Het toezicht wordt zoveel mogelijk zichtbaar gedaan, zowel te voet, per herkenbare elektrische fiets en voertuig. De primaire inzet van boa’s richt zich op het bevorderen van de leefbaarheid en veiligheid, zowel preventief, proactief als repressief. Verder hebben veiligheidsgevoelens invloed op de prioritering. In het Integraal veiligheidsplan is het terugdringen van onveiligheidsgevoelens een belangrijk doel dat zich ook vertaalt in de speerpunten en prioriteiten. De taken van boa’s zijn sterk verweven met het dagelijks functioneren van buurten en wijken. Zie ook de recente visie van de VNG ‘Meer armslag voor de handhaver’ van september 2025.
Vraag 6 - 16 juli 2026: Het college geeft aan dat boa’s zoveel mogelijk zichtbaar in de wijken aanwezig zijn. Wat verstaat het college concreet onder voldoende zichtbare aanwezigheid, in welke wijken wordt dit niveau momenteel niet gehaald en welke keuzes in capaciteit liggen daaraan ten grondslag?
Vraag 7 - 16 juli 2026: Het college vindt zichtbaarheid en aanspreekbaarheid van boa’s belangrijk. Tegelijkertijd werken boa’s op vakantieparken regelmatig in niet-herkenbare kleding. In een gesprek hierover is aangegeven dat hiervoor wordt gekozen om laagdrempeliger contact te kunnen leggen. Hoe weegt het college dit ‘voordeel’(waar kleding kennelijk drempels opwerpt) af tegen het risico op onrust en wantrouwen, bijvoorbeeld wanneer huurders een onbekende bij het gehuurde object zien. Of wanneer eigenaren via camerabeelden een onbekende bij hun object zien en niet kunnen herkennen dat het om een boa gaat?
De vraag van 7 oktober 2025: Bereikbaarheid van handhaving is essentieel. Hoe beoordeelt het college de vindbaarheid van handhaving en boa's via de gemeentelijke website en andere communicatiekanalen?
Het antwoord op 29 oktober 2025: De boa’s zijn zowel bereikbaar via de algemene contactgegevens van de gemeente als via de meldkamer van de politie via 0900-8844. Voor acute overlast roepen we inwoners op te melden via de politie. Het team is daarnaast actief op diverse sociale media. Hiermee achten we de boa’s voldoende bereikbaar en vindbaar. Wel moet de kanttekening worden geplaatst dat de inzetbaarheid van de boa’s beperkt is. boa’s kunnen niet fulltime aanwezig zijn in de buurten en wijken van Harderwijk. Gelet op de beschikbare capaciteit zijn er dus beperkingen op de beschikbaarheid.
Vraag 8 - 16 juli 2026: Op de gemeentelijke contactpagina worden handhaving en wijkboa’s niet genoemd. Alleen helemaal onderaan, onder ‘Zie ook’, staat de link ‘ _Iets melden bij de gemeente (snel herstel)_ ’, een omschrijving die niet direct de associatie oproept met handhaving of de wijkboa. Informatie over de wijkboa is daarnaast pas te vinden via de homepage -> met doorklik naar ‘over de gemeente', de tegel ‘Mijn Wijk’ en vervolgens de pagina van de betreffende wijk. Is het college het met ons eens dat deze routes voor inwoners die gericht contact zoeken met handhaving of hun wijkboa onvoldoende herkenbaar zijn? Is het college bereid op de contactpagina een rechtstreekse en duidelijk herkenbare verwijzing naar handhaving/wijkboa’s op te nemen? Een
simpele anchor link naar de informatie op de ‘Iets te melden bij de gemeentepagina’ zou al helpend kunnen zijn.
De vraag van 7 oktober 2025: Hoeveel meldingen van inwoners zijn er de afgelopen drie jaar gedaan bij handhaving, uitgesplitst per wijk en per onderwerp?
Het antwoord op 29 oktober 2025: Zie bijlage bij deze brief
Vraag 9 - 16 juli 2026:
A. De gebiedstotalen in de bijlage tellen op tot 7.797 meldingen, terwijl een totaal van 7.778
wordt genoemd. Ook sluiten bij verschillende gebieden, waaronder Drielanden, de aantallen per categorie niet aan op het vermelde gebiedstotaal. Kan het college een gecorrigeerd en geactualiseerd overzicht verstrekken over de periode 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2026, uitgesplitst per jaar, gebied en onderwerp? B. Kan het college verklaren waardoor de gebiedstotalen en de onderliggende categorieën niet
op elkaar aansluiten? C. Het college geeft aan dat het overzicht alleen meldingen uit Liber bevat en daardoor geen
volledig beeld geeft, omdat meldingen ook telefonisch, per e-mail en mondeling binnenkomen. Hoe kan het college de inzet van handhaving onderbouwd sturen en evalueren wanneer meldingen niet in één volledig registratiesysteem worden vastgelegd? Is het college bereid alle meldkanalen voortaan uniform te registreren en hierover periodiek aan de raad te rapporteren? D. Kan het college duiden hoeveel meldingen door handhaving zijn opgepakt, hoeveel zijn
doorgezet naar andere gemeentelijke teams en hoeveel zonder handhavingsactie zijn afgesloten? En waarom deze zonder handhavingsactie zijn afgesloten? E. Wat wordt binnen de registratie verstaan onder de categorie ‘overig’ en kan het college deze
meldingen nader uitsplitsen? F. Kan het college met zo’n omvangrijke restcategorie de inzet van boa’s en de verdeling van
capaciteit goed onderbouwen? Zo ja, waarop baseert het college dat?
De vraag van 7 oktober 2025: Hoeveel van deze meldingen zijn opgevolgd en wat is de gemiddelde responstijd?
Het antwoord op 29 oktober 2025: Elke binnengekomen melding wordt geregistreerd in ons registratiesysteem. Over het algemeen worden meldingen binnen 48 uur na binnenkomst opgepakt. Het afhandelen van een melding kan langer in beslag nemen door onder andere nog uit te voeren hercontrole(s).
Vraag 10 - 16 juli 2026: Houdt u bij hoelang meldingen open staan vanaf binnenkomst? Wat waren per jaar de gemiddelde en mediane tijd tot eerste actie en de gemiddelde en mediane tijd tot definitieve afhandeling, uitgesplitst per onderwerp en wijk?
De vraag van 7 oktober 2025: Welke meetbare effecten ziet het college van de huidige inzet van handhaving?
Het antwoord op 29 oktober 2025: Het effect van de inzet van toezicht en handhaving is deels meetbaar. Zo worden het aantal geconstateerde overtredingen, waarschuwingen en opgelegde sancties systematisch geregistreerd. Deze cijfers geven inzicht in de mate waarin toezicht daadwerkelijk leidt tot handhavingsacties. Wat echter minder goed meetbaar is, is het preventieve effect van handhaving: het is niet precies vast te stellen welke incidenten of vormen van overlast door de aanwezigheid van handhavers zijn voorkomen. Dit maakt dat de volledige impact van handhaving niet in cijfers te vatten is. Aanvullend wordt via de Veiligheidsmonitor het gevoel van leefbaarheid en veiligheid onder inwoners gemeten. Deze subjectieve beleving vormt een waardevolle indicator voor het effect van handhaving en andere veiligheidsmaatregelen op het algehele veiligheidsgevoel in de gemeente.
Vraag 11 - 16 juli 2026: In uw antwoord noemt u wat wordt geregistreerd, maar geeft u geen oordeel over het effect van de inzet van boa’s. Vindt het college dat de huidige inzet aantoonbaar effectief is? Waaruit blijkt dat concreet, welke doelen zijn wel en niet gehaald?
Met vriendelijke groet, Christel van der Stouw - Harderwijk Anders