Brunssum, 18 augustus 2026
Bron laatst gecontroleerd op 5 oktober 2026.
Artikel 43 Vraag: Subsidieregeling decentrale politieke partijen
Aan het college van burgemeester en wethouders van Brunssum Postbus 250 6440 AG BRUNSSUM
Brunssum, 28-06-2026
Betreft: Schriftelijke vragen van Lijst Borger inzake Subsidieregeling decentrale politieke partijen
Geacht college,
Inleidende tekst: De VNG heeft op 18 juni 2026 een modelregeling en bijbehorende ledenbrief gepubliceerd over de tijdelijke subsidiëring van decentrale politieke partijen. Daarbij is aangegeven dat gemeenten in 2026 via het gemeentefonds middelen kunnen ontvangen en deze subsidie nog in 2026 lokaal kunnen uitvoeren. Daarmee is deze subsidiemogelijkheid niet langer slechts een beleidsvoornemen of toekomstig plan, maar feitelijk uitvoerbaar op gemeentelijk niveau, vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Wet op de politieke partijen. Tegen die achtergrond rijst de vraag of, en zo ja op welke wijze, het college van Brunssum voornemens is deze mogelijkheid daadwerkelijk te benutten en hoe dit zich verhoudt tot de bestaande regeling voor fractieondersteuning.
Vraag 1: Is het college bekend met de VNG-modelregeling en de ledenbrief van 18 juni 2026 over de tijdelijke subsidieregeling voor decentrale politieke partijen, op grond waarvan gemeenten in 2026 via het gemeentefonds middelen kunnen verstrekken aan lokale politieke partijen en lokale afdelingen van landelijke partijen met een zetel in de raad?
Vraag 2: Is het college, gelet op artikel 2, eerste lid, en artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Brunssum 2018, van oordeel dat voldoende juridische grondslag bestaat om op korte termijn een subsidieregeling decentrale politieke partijen vast te stellen, en is het college voornemens om die regeling ook daadwerkelijk vast te stellen?
Vraag 3: Welk bedrag verwacht Brunssum in 2026 via het gemeentefonds te ontvangen voor deze tijdelijke subsidieregeling, en op welke wijze wil het college dit bedrag lokaal verdelen, bijvoorbeeld via een vast bedrag per partij, een bedrag per zetel of een combinatie daarvan?
Vraag 4 : Als het antwoord op vraag 3 nog onbekend is, welke stappen gaat het college nemen om hier wel duidelijkheid in te kunnen verschaffen?
Met vriendelijke groet,
Duncan Zeedzen Lijst Borger