Brunssum, 14 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Aanleiding Op 9 juni publiceert het college, een schrijven aan de gemeenteraad, met de titel “onderzoek woonsituatie Klaas Post”.
Dit schrijven achten wij in strijd met de waarheid en dat roept de volgende vragen op met betrekking tot 2 onderwerpen, te weten:
1. Vermeende adresfraude door Klaas Post 2. De gang van zaken m.b.t. nieuwbouw MiniHaven Schutterspark na brandstichting.
Ad.1.
- Wat is adresfraude volgens u? En op welk artikel of wet baseert u deze
omschrijving? Graag met vermelding artikel, wet- en/of regelgeving.
- Welk onrechtmatig voordeel zou de heer Post hebben volgens u in
deze?
- Fraude is strafbaar, heeft het college of de gemeente anderszins daar
aangifte van gedaan? Zo nee, waarom niet? Zo ja door wie, wanneer en waar?
- Het schrijven kenmerkt zich door de naam en het adres publiek te
maken terwijl normaal gesproken alle persoonlijke kenmerken zwart gelakt worden, vanwege privacy. Wat moeten we daaruit concluderen, het beroemde meten met 2 maten? Of een persoonlijke aanval?
- Waarom heeft de burgemeester op 20 januari de klacht van Klaas Post
tegen een (anonieme) medewerker, wegens het weigeren om zijn BRPinschrijving aan te passen aan zijn feitelijke omstandigheden, afgewezen? Hij was immers per 3 november 2025 verhuisd en heeft daarvan op 28 oktober 2025 aangifte gedaan?
- Waarom heeft de gemeente Klaas Post op 28 april 2026 wel met het in
de aangifte vermelde woonadres in Brunssum ingeschreven met als argument dat iemand “ _op grond van de Wet basisregistratie personen_ _(BRP) dient te worden ingeschreven op het adres waar feitelijk verblijf_ _plaats vindt”_ ? Want dat had op grond van de aangifte van 28 oktober 2025 dan toch al op 3 november 2025 moeten gebeuren?
- Waarom heeft de burgemeester op 17 maart, op de vooravond van de
gemeenteraadsverkiezingen, Klaas Post plotseling beschuldigd van adresfraude en ook meteen een persbericht uitgedaan? Ten minste op 20 januari was zij toch al volledig op de hoogte? Heeft zij zich gerealiseerd dat Lijst Brunssum Lokaal ernstig gedupeerd kon worden en dat het persbericht en het tijdstip waarop dit naar buiten is gebracht de schijn oproept politiek gemotiveerd te zijn? Of was dat de opzet?
- Daar de burgemeester reeds op 20 januari volledig op de hoogte was
blijkens haar schrijven en de kieslijst 3 februari is ingeleverd en op 6 februari is goed gekeurd, is het toch aannemelijk dat er sprake is van opzet in deze om deze zaak te laten rusten tot aan de vooravond van de verkiezingen? Alle feiten waren bekend en een onderzoek over de kieslijst Lijst Brunssum Lokaal heeft plaats gevonden met kennis van alle feiten zoals het BRP-adres.
- Erkent de burgemeester dat zij, in ieder geval op 20 januari 2026, op de
hoogte was van Post’s woonsituatie? En dat zij dus toen al wist dat hij niet meer in Heerlen woonachtig was, zoals hij zelf had aangegeven? (althans dat zij dat behoorde te weten gezien haar handtekening onder de afwijzing van Post’s klacht?)
- Op 6 februari 2026 heeft het centraal stembureau, onder
voorzitterschap van de burgemeester, de kandidatenlijsten goedgekeurd en is er geen kandidaat van de lijst geschrapt. Sindsdien is er, voor 28 april 2026, niets gewijzigd in de woonsituatie c.q. de BRP-inschrijving. Waarom wordt Post dan op 17 maart 2026 alsnog beschuldigd van adresfraude?
- In hoeverre heeft Post adresfraude gepleegd, nu vaststaat dat hij er alles
aan gedaan heeft om in de BRP op het juiste woonadres te worden ingeschreven?
- Waarom veinsde de burgemeester op 17 maart 2026 naar Servie
L’Espoir en Post dat zij er opeens achter was gekomen dat Post niet meer in Heerlen woonachtig was, terwijl hij daar nog wel in de BRP stond ingeschreven? Dat is gezien het voorgaande toch heel vreemd?
- Waarom moest per sé onmiddellijk op 17 maart 2026 een persbericht
wegens adresfraude door een kandidaat van Lijst Brunssum Lokaal uitgestuurd worden? Op de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen is het zeer aannemelijk dat Lijst Brunssum Lokaal daar negatieve gevolgen heeft ondervonden, toch?
- Begrijpt de burgemeester dat zij hiermee op z’n minst de schijn heeft
opgeroepen dat zij de verkiezingsuitslag heeft willen beïnvloeden? Er was toch geen direct gevaar en dus had deze kwestie ook zonder publiciteit e/o na de verkiezingen onderzocht kunnen worden?
- Als we de toelichting lezen van de wet BRP, moeten we dan niet stellen
dat de gemeente af dag 1 na de verhuisaangifte fout heeft gehandeld? (we verwijzen gemakshalve naar stap 5 van de “Procedure bij aangifte van verblijf en adres”)
Wijziging(en) zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht. Geldend van 11-11-2025 t/m heden.
Artikel 1.1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
o. het woonadres:
1 het adres waar betrokkene woont, waaronder begrepen het adres van een woning die zich in een voertuig of vaartuig bevindt, indien het voertuig of vaartuig een vaste stand- of ligplaats heeft, of, indien betrokkene op meer dan één adres woont, het adres waar hij naar redelijke verwachting gedurende een half jaar de meeste malen zal overnachten;
2 het adres waar, bij het ontbreken van een adres als bedoeld onder 1, betrokkene naar redelijke verwachting gedurende drie maanden ten minste twee derde van de tijd zal overnachten;
Artikel 2.2 De inschrijving in de basisregistratie geschiedt op grond van de geboorteakte, de aangife van de betrokkene of ambtshalve.
Artikel 2.39 1 De ingezetene die zijn adres wijzigt doet hiervan schriftelijk aangifte bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar hij zijn nieuwe adres heeft.
2 Hij doet niet eerder aangifte dan vier weken vóór de beoogde datum van adreswijziging en niet later dan de vijfde dag na de adreswijziging. Hij doet in de aangifte mededeling van de datum van adreswijziging en van de gegevens over het nieuwe en het vorige adres.
3 Indien een ingezetene geen woonadres heeft, kiest hij een briefadres. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing.
Voordat je gevolg kan geven aan een aangifte van verblijf en adres, doorloop je eerst de volgende stappen:
- _Stap 1: Vaststellen van de identiteit;_
- _Stap 2: Toetsen aan de criteria bij aangifte van verblijf en adres;_
- _Stap 3: Toetsen aan de uitzonderingssituaties;_
- _Stap 4: Verifiëren door middel van presentievraag;_
- _Stap 5: Verifiëren van het adres;_
- _Stap 6: Controleren signaleringslijst;_
Na de inschrijving doorloop je de volgende stappen:
- _Stap 7: Verstrekkingsbeperking en deelname Europese verkiezingen;_
- _Stap 8: Informeren van aantal inschrijvingen op een woonadres._
_Stap 5: Verifiëren van het adres_
Het adres waar de persoon zich vestigt, moet een adres binnen de eigen gemeente zijn. Het criterium voor inschrijving op het opgegeven adres is of de persoon daadwerkelijk op dat adres woont (artikel 1.1 van de Wet BRP). Het is niet relevant of de persoon daar volgens een gemeentelijk of ander voorschrift wel of niet mag wonen of met dat adres mag worden ingeschreven . Denk bij dit laatste bijvoorbeeld aan wonen in een recreatiewoning, bedrijfsruimte.
- Waarom is Post op 3 november 2025 niet gewoon in overeenstemming
met de “Procedure bij aangifte van verblijf en adres” in de BRP ingeschreven op het adres dat hij in zijn aangifte van verhuizing heeft opgegeven?
Bij stap 5 van deze procedure staat immers: _“Het is niet relevant of de_ _persoon daar volgens een gemeentelijk of ander voorschrift wel of niet_ _mag wonen of met dat adres mag worden ingeschreven”?_
- Heeft de gemeente zich gerealiseerd dat Post hierdoor ten onrechte in
de BRP ingeschreven bleef staan op een adres waarvan hij zelf al had aangegeven er niet meer te wonen c.q. te verblijven?
- Wie is bevoegd gezag in deze en wat is de rol van het college? Gaat het
college over adressen? Of is het stembureau bevoegd gezag?
- U spreekt over een onderzoek, maar heeft reeds op 17 maart geweigerd
kennis te nemen van alle stukken. Er is geen hoor en wederhoor geweest en tijdens de periode van het zogenaamde onderzoek heeft niemand van het college stukken gevraagd of bezien. Is dat zorgvuldig of gewoon toeredeneren naar een conclusie op grond van eenrichtingsverkeer?
- Welke gesprekken heeft u met Klaas gehad, wanneer en waar zijn de
gespreksverslagen daarvan bijvoorbeeld?
- Hoe moeten we uw schrijven juridisch duiden, als een voor beroep
vatbaar besluit? Als een mededeling? Als een mening? Als een politieke afrekening?
- Mocht u van mening zijn dat uw schrijven juist is en consequenties heeft
voor nu of voor de toekomst inzake raads- of commissiewerk, waarom richt u dit schrijven dan niet aan de heer Post zelf? Of aan de Lijst Brunssum Lokaal, zodat we kunnen procederen in deze?
- De kieswet stelt het volgende en Klaas Post voldeed daaraan ten tijde
van de verkiezingen, maar is door uw handelen c.q. nalaten te handelen van actief kiesrecht beroofd, hoe moeten we dat duiden?
Geldend van 01-01-2026 t/m heden.
Artikel B 4
1 Onder ingezetenen van Nederland, van de provincie, van het waterschap en van de gemeente verstaat deze wet hen die onderscheidenlijk in Nederland, in de provincie, in het waterschap en in de gemeente werkelijke woonplaats hebben. 2 Zij die als ingezetene met een adres in een gemeente zijn ingeschreven in de basisregistratie personen, worden voor de toepassing van deze wet, behoudens bewijs van het tegendeel, geacht werkelijke woonplaats te hebben in die gemeente.
3 Zij die als ingezetene met een adres zijn ingeschreven in de basisregistratie personen, worden voor de toepassing van deze wet, behoudens bewijs van het tegendeel, geacht werkelijke woonplaats te hebben in het waterschap waaronder dat adres valt.
https://www.kiesraad.nl/ Secretariaat Het secretariaat van de Kiesraad is te bereiken via: E-mail: kiesraad@kiesraad.nl Telefoon: 070 426 6266
Vereisten Voor het lidmaatschap van de gemeenteraad is vereist dat de benoemde kandidaat:
1. inwoner van de gemeente is, 2. de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, 3. niet is uitgesloten van het kiesrecht, 4. een benoemde kandidaat die geen onderdaan van de Europese Unie is, moet ten minste 5 jaar legaal in Nederland wonen voordat zij raadslid kunnen worden. Zie de Gemeentewet art. 10.
Ad.2.
Post persoonlijk aan te vallen?
- Heeft de toetsing van Arcadis om te onderzoeken of, en zo ja hoe, de
gemeente kan meewerken aan de realisatie van het door de MiniHaven aangeleverde ontwerp plaatsgevonden in opdracht van de gemeente?
- Waarom schrijft de gemeente nadat het toilet-/en horecagebouw door
brandstichting werd verwoest _: “Alhoewel er juridische mogelijkheden_ _zijn (zie notitie arcadis) zijn die momenteel niet realiseerbaar”_ ?
- Waarom kan het “momenteel” niet en wanneer dan wel? Kortom,
waarom komt de gemeente de afspraak om zich te conformeren aan de uitslag van het onderzoek door Arcadis niet na?
- Uit de brief van de burgemeester d.d. 21 januari 2025 blijkt dat _partijen_
_“tot de navolgende overeenstemming zijn gekomen”. “Gekozen is voor_ _de 2e variant, inhoudende het realiseren van één bouwlaag inclusief_ _dakterras met het doen uitvoeren van een onderzoek naar de_ _mogelijkheden voor het eventueel realiseren van een 2e bouwlaag in de_ _toekomst.”._ Waarom is deze afspraak niet nagekomen?
- Bent u het met ons eens dat een overheid die haar afspraken niet
nakomt het risico loopt te worden gezien als een onbetrouwbare overheid?
Namens de Lijst Brunssum Lokaal
Servie L’ Espoir