Amstelveen, 22 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Schriftelijke vragen aan het College van B&W conform reglement van orde, art. 44 Onderwerp: Agendapunt 2.1 BTAZ - mandaat toekomstige intrekkingen voorkeursrechten
09 september 2026
Geacht college,
Naar aanleiding van agendapunt 2.1 _"Bedrijventerrein Amstelveen Zuid (BTAZ), gedeeltelijke_ _intrekking voorkeursrecht en mandaat toekomstige intrekkingen"_ heeft Forum voor Democratie de volgende vragen.
Uit het voorstel begrijpen we dat voor een aantal percelen het voorkeursrecht niet langer noodzakelijk is, onder meer omdat de gemeente inmiddels eigenaar is geworden van deze gronden of omdat de beoogde bestemming reeds is gerealiseerd. Voor deze situaties kan ik de noodzaak van intrekking volgen. Het voorstel gaat echter verder en verzoekt de raad tevens om een algemeen mandaat te verlenen voor toekomstige intrekkingen van voorkeursrechten binnen de gehele gemeente Amstelveen. Dit roept bij ons de volgende vragen op.
1. Waarom wordt voorgesteld een generiek mandaat voor de gehele gemeente Amstelveen te verlenen, terwijl het voorliggende voorstel betrekking heeft op een specifieke situatie binnen BTAZ? 2. Waarom een permanent gemeentebreed mandaat noodzakelijk is 3. Welke toekomstige situaties zou het noodzakelijk zijn om zonder voorafgaande betrokkenheid van de raad een voorkeursrecht in te trekken? 4. Waarom is niet gekozen voor een beperkt mandaat dat uitsluitend betrekking heeft op percelen waarvoor objectief vaststaat dat het voorkeursrecht zijn functie heeft verloren, bijvoorbeeld doordat de gemeente inmiddels eigenaar is geworden van de grond of doordat de beoogde functie al is gerealiseerd? 5. De raad heeft het voorkeursrecht destijds gevestigd om gemeentelijke regie op strategische grondposities mogelijk te maken. Waarom acht het college het wenselijk dat toekomstige intrekkingen van dergelijke voorkeursrechten niet langer aan de raad worden voorgelegd? 6. Is het college bereid het mandaat te beperken tot gevallen waarbij objectief vaststaat dat het voorkeursrecht niet langer noodzakelijk is, zoals bij gemeentelijke eigendom of volledig gerealiseerde ontwikkelingen? 7. Welke risico's ziet het college wanneer de raad de bevoegdheid behoudt voor toekomstige intrekkingen van voorkeursrechten buiten deze specifieke BTAZ-percelen? 8. Kan het college bevestigen dat zonder dit mandaat toekomstige intrekkingen nog steeds mogelijk zijn, maar conform de Omgevingswet aan de raad ter besluitvorming worden voorgelegd? 9. Waarom wordt de raad gevraagd een structurele bevoegdheid over te dragen voor alle toekomstige voorkeursrechten in Amstelveen, terwijl het huidige voorstel feitelijk betrekking heeft op een beperkt aantal percelen waarvoor het voorkeursrecht volgens het college niet langer noodzakelijk is?
Ons uitgangspunt is dat intrekking van het voorkeursrecht logisch kan zijn op percelen waarvan vaststaat dat dit instrument niet langer nodig is. We zien echter niet waarom dit automatisch zou
moeten leiden tot een permanent en gemeentebreed mandaat voor alle toekomstige intrekkingen van voorkeursrechten. Juist bij strategische gebiedsontwikkelingen en gronddossiers met grote financiële en ruimtelijke belangen achten we het van belang dat de raad zijn kaderstellende en controlerende rol kan blijven vervullen.
Met vriendelijke groet,
Patricia Jansen-Smith Raadslid Amstelveen - Forum voor Democratie