Tynaarlo, 20 augustus 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage[n] 17 juni 2026 Zaaknummer: 1796747 -
Behandeld door Doorkiesnummer Vries C.M. Lubbinge 0592-266806 20 augustus 2026
Aan: Fractie GroenLinks T.a.v. T.P. Ploeger Schoolstraat 5 9482PG Tynaarlo
Onderwerp: Subsidie infrastructuur Groningen Airport Eelde
Geachte heer/mevrouw,
Postadres Bezoekadres Website Bankrelaties Postbus 5, 9480 AA Vries Kornoeljeplein 1, Vries www.tynaarlo.nl IBAN: NL02BNGH0285079050 IBAN: NL05BNGH0285079093 (belastingen en leges) Telefoonnummer Faxnummer E-mail BIC: BNGHNL2G [0592] 26 66 62 [085] 20 84 923 info@tynaarlo.nl
U heeft op 17 juni j.l. een aantal vragen gesteld over de subsidies voor infrastuctuur t.b.v. Groningen Airport Eelde. In deze brief worden de vragen van een reactie voorzien. 1. Klopt het dat de subsidie uit de motie-Koerhuis specifiek bedoeld is voor de wegeninfrastructuur ten behoeve van Businesspark-Bravo, en niet voor de rotonde/OV-hub bij het voorterrein? Ja, de middelen in het Mobiliteitsfonds naar aanleiding van het amendement van de leden Koerhuis en Van der Molen zien toe op een verkeersveilige ontsluiting van Business Park Bravo. 2. Welke van de twee subsidies van in totaal € 6,5 miljoen betreft de MIRT-ontsluiting Bravo, en welke betreft de OV-hub/nieuwe toegangsweg? Kan het college de exacte subsidiebeschikkingen overleggen? Het Rijk en de provincie Drenthe hebben in het BO MIRT afspraken gemaakt over de gefaseerde realisatie van (infrastructuur)plannen door Groningen Airport Eelde. Op basis van het amendement van de leden Koerhuis en Van der Molen (Kamerstuk 36 200 A nr. 54) is een rijksbijdrage van € 6,5 miljoen inclusief btw beschikbaar gesteld die wordt ingezet voor een verkeersveilige ontsluiting van Business Park Bravo. Met het amendement van het lid de Groot (Kamerstuk 36 600 A, nr. 11) is aanvullend nogmaals € 6,5 miljoen beschikbaar gesteld die wordt ingezet voor de reconstructie van het voorterrein van de luchthaven inclusief de realisatie van een rotonde en OV-hub. Er is geen sprake van een subsidie verstrekking aan de gemeente Tynaarlo, derhalve kunnen wij een exacte subsidiebeschikking niet overleggen. 3. Waarom laat het college een deadline voor een subsidieverstrekking leidend zijn voor een ruimtelijk besluitvormingsproces dat de raad toekomt? Het college neemt het besluit over vergunninglening in een BOPA-procedure en de raad heeft daarin een bindend adviesrecht. Een deadline voor subisidieverstrekking is daarin voor ons college niet leidend. 4. Wat zijn de consequenties als de subsidiedeadline niet wordt gehaald – vervalt het geld, of kan de deadline worden verlengd – en heeft het college hierover contact opgenomen met de subsidieverstrekker?
Pagina 2
Het Rijk en de provincie hebben in het BO MIRT 2025 afgesproken dat in 2027 gestart wordt met de werkzaamheden - te beginnen met de realisatie van de verkeersveilige ontsluiting van Business Park Bravo - en dat alle maatregelen uiterlijk eind 2029 zijn gerealiseerd. Als deze deadline niet gehaald wordt vervalt de rijksbijdrage, zo hebben wij begrepen van de provincie Drenthe. Er is daarover geen contact geweest tussen de gemeente en het Rijk. Met vriendelijke groet,
burgemeester en wethouders
P. Koekoek drs. M.J.F.J. Thijsen gemeentesecretaris burgemeester
Deze brief is digitaal geparafeerd en daarom niet ondertekend.
SCHRIFTELIJKE VRAGEN AAN HET COLLEGE
. Schriftelijke vragen ingediend door: Tim Paul Ploeger namens GroenLinks Tynaarlo Frank van der Werf namens Partij van de Arbeid Tynaarlo Datum: 17-06-2026
Onderwerp: subsidie infrastructuur Groningen Airport Eelde
Geacht College,
De fracties van PvdA en GroenLinks stellen zich op het standpunt dat de raad zijn bindend adviesrecht bij het planologisch basisbesluit voor Bravo volledig en onafhankelijk van de subsidiedruk moet kunnen uitoefenen. Beschikbaar geld mag geen reden zijn om inhoudelijke bezwaren terzijde te schuiven of het besluitvormingsproces te versnellen ten koste van zorgvuldigheid. Om die positie goed te kunnen innemen, stellen wij het college de volgende vragen: 1. Klopt het dat de subsidie uit de motie-Koerhuis specifiek bedoeld is voor de wegeninfrastructuur ten behoeve van Businesspark Bravo, en niet voor de rotonde/OV-hub bij het voorterrein? 2. Welke van de twee subsidies van in totaal €6,5 miljoen betreft de MIRT-ontsluiting Bravo, en welke betreft de OV-hub/nieuwe toegangsweg? Kan het college de exacte subsidiebeschikkingen overleggen? 3. Waarom laat het college een deadline voor subsidieverantwoording leidend zijn voor een ruimtelijk besluitvormingsproces dat de raad toekomt? 4. Wat zijn de consequenties als de subsidiedeadline niet wordt gehaald — vervalt het geld, of kan de deadline worden verlengd — en heeft het college hierover contact opgenomen met de subsidieverstrekker? Met vriendelijke groet, Tim Paul Ploeger Frank van der Werf Bijlage motie Koerhuis
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2022–2023 36 200 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Mobiliteitsfonds voor het jaar 2023 Nr. 20 MOTIE VAN HET LID KOERHUIS C.S. Voorgesteld tijdens het Notaoverleg van 28 november 2022 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat Groningen Airport Eelde en Maastricht Aachen Airport belangrijk zijn voor de bereikbaarheid, het vestigingsklimaat en de economie van Noord-Nederland en Limburg; overwegende dat Groningen Airport Eelde een nieuw businesspark op de luchthaven wil bouwen voor duurzame luchtvaart en hiervoor 6,5 miljoen euro aan weginfrastructuur buiten de luchthaven nodig heeft; overwegende dat Maastricht Aachen Airport de verkeersveiligheid voor de luchthaven wil verbeteren en hiervoor 3,5 miljoen euro aan weginfra- structuur voor de luchthaven nodig heeft; verzoekt de regering om te onderzoeken hoe vanuit het MIRT-fonds 10 miljoen euro geïnvesteerd kan worden in weginfrastructuur voor Groningen Airport Eelde en Maastricht Aachen Airport, en gaat over tot de orde van de dag. Koerhuis Van der Molen Graus
kst-36200-A-20 ISSN 0921 - 7371 ’s-Gravenhage 2022 Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 36 200 A, nr. 20