Heemstede, 1 oktober 2026
Bron laatst gecontroleerd op 4 oktober 2026.
Van: Verzonden: zondag 13 september 2026 12:44 Aan: Gemeente Heemstede CC: Raadsgriffier Heemstede Onderwerp: 28z.n. Inwoner - Schriftelijke vragen inzake asielopvanglocatie Cruquiusbrug
Geacht college,
In aanvulling op mijn berichten van 29 augustus en 8 september leg ik u vijf samenhangende blokken vragen voor. Zij komen alle voort uit één waarneming: in de stukken die aan de raad zijn voorgelegd staan verschillende aantallen naast elkaar, en de vervolgvragen die daaruit voortvloeien — over de bouwkundige kwalificatie, de inrichting van het terrein en het beheer — zijn in geen van de bijlagen beantwoord.
Waar ik hierna "het perceel" schrijf, bedoel ik het perceel dat in de rapportages van Sweco wordt aangeduid als locatie 23, "Weiland Ringvaart/Oude Slot", en in Bijlage 7 als "Cruquiusbrug Ringvaart/Ketenpark", kadastraal bekend als Heemstede, sectie C, nummer 4085.
A. Welk aantal, welke termijn, welke datum
Het raadsvoorstel gaat uit van circa 160 opvangplekken, een termijn van vijf jaar met een verlengingsmogelijkheid, en ingebruikname in het eerste kwartaal van 2028. Bijlage 8 draagt de titel _Mal_ _170 opvangplekken_ . Op 10 september 2026 is publiek bericht over 190 plekken, een maximale duur van vijf jaar en opening in de zomer van 2027.
1. Welk aantal opvangplekken, welke maximale termijn en welke datum van ingebruikname zijn de juiste, en waar is dat vastgelegd? 2. Bijlage 8 hanteert twee opslagfactoren op het aantal plekken. Het programma van eisen noemt een _"bezettingsgraad van 91%, bouwgrootte van 110%"_ ; de tabel _Totalen_ rekent met een _"aantal_ _bewoners (= 109 % van capaciteit)"_ . Toegepast op 170 plekken komt dat uit boven de 185. Is het getal dat op 10 september publiek is geworden op deze wijze tot stand gekomen? 3. Op welk getal zijn de milieu-, verkeers- en veiligheidsonderzoeken gebaseerd: op het aantal opvangplekken, of op het aantal feitelijke bewoners dat na toepassing van die opslagfactoren ontstaat?
B. De normen in Bijlage 8, naast die in Bijlage 7 en Bijlage 10
Bijlage 8 kent drie schaalklassen: minder dan 50 plaatsen, 50 tot 150, en 150 tot 300. Er is geen kolom voor 170. De klasse waarin deze locatie valt is opgezet voor een capaciteit van 200 en 216 bewoners, bij een totaal van 4.580 m² bruto vloeroppervlak. Het plangebied waarmee Bijlage 7 rekent is 4.000 m².
4. Welke kolom van Bijlage 8 is voor deze locatie maatgevend, en is de mal op het beoogde aantal toegesneden of ongewijzigd overgenomen? 5. Voor het parkeren staan inmiddels vijf getallen naast elkaar: Bijlage 7 rekent met 5 parkeerplaatsen, het verkeerskundig onderzoek met 6, Iv-Infra komt elders op 16, het programma van eisen in Bijlage 8 schrijft één parkeerplek per tien opvangplekken voor — bij 170 plekken zeventien — en de tabel _Terrein_ in datzelfde stuk noemt 20 parkeerplaatsen aan de rand van het
1
terrein. Welk aantal is uitgangspunt voor de inrichting van het terrein, en welk aantal is gebruikt in de stikstofberekening? 6. Diezelfde tabel noemt 100 plaatsen in fietsenrekken en een afsluitbare fietsenstalling voor 20 fietsen . Zijn die voorzieningen meegenomen in de ruimtelijke inpassing en in de verhardingsbalans, en daarmee in de watercompensatie? 7. Het perceel meet blijkens het bodemonderzoek van januari 2024 circa 8.404 m². Bijlage 1 acht op pagina 13 circa één hectare nodig voor _"een opvanglocatie met eenlaagse bebouwing, uitgaande_ _van (…) maximaal 170 opvangplekken"_ . Van hoeveel bouwlagen gaat u uit, en waar is die keuze vastgelegd?
C. De voorzieningen waarop de bewoners zijn aangewezen
De stukken beschrijven de bereikbaarheid vanuit Heemsteedse voorzieningen; Bijlage 7 noemt een halte op 600 tot 700 meter langs de N201. De feitelijk dichtstbijzijnde voorzieningen en haltes liggen echter aan de overzijde van de Ringvaart, in de gemeente Haarlemmermeer.
8. Is bij de beoordeling van de bereikbaarheid uitgegaan van de route over de Cruquiusbrug, en is de verkeersveiligheid van die route voor voetgangers en fietsers beoordeeld? 9. Is de gemeente Haarlemmermeer geraadpleegd over het gebruik van haar voorzieningen en over de gevolgen voor die route, en zo nee, wordt dat alsnog gedaan vóór de besluitvorming?
D. De bouwkundige kwalificatie
10. Wordt bij de beoogde bebouwing uitgegaan van een logiesfunctie of van een woonfunctie in de zin van het Besluit bouwwerken leefomgeving, gelet op een beoogde verblijfsduur van vijf jaar met een verlengingsmogelijkheid tot tien? 11. Welke binnenwaarde wordt aangehouden, en welke geluidwering van de gevel is daarvoor nodig, uitgaande van de geluidbelasting die het Actieplan Geluid Heemstede 2024-2028 voor de N201 noemt?
E. Het beheer, en waar het wordt vastgelegd
12. Van welke begeleidings- en beheerbezetting wordt uitgegaan — overdag, in de avond en 's nachts
- en waarop berust die aanname? 13. In welk instrument wordt die bezetting geborgd: in een voorschrift bij de omgevingsvergunning, of uitsluitend in de bestuursovereenkomst met het COA? 14. Dezelfde vraag voor het maximale aantal opvangplekken . Wordt dat plafond vastgelegd als voorschrift bij de omgevingsvergunning, en zo nee, waarom niet? Het onderscheid is voor omwonenden wezenlijk: een afspraak in de bestuursovereenkomst is een overeenkomst tussen u en het COA waarbij zij geen partij zijn en waaraan zij geen rechten kunnen ontlenen, terwijl een vergunningvoorschrift handhaafbaar is en openstaat voor bezwaar en beroep.
Ik verzoek u deze vragen te beantwoorden vóór woensdag 16 september 2026, zodat de antwoorden beschikbaar zijn bij de behandeling in de commissie. Is volledige beantwoording niet haalbaar, dan verzoek ik u met voorrang de vragen 1, 5 en 14 te beantwoorden en mij te laten weten op welke termijn de overige volgen.
Met vriendelijke groet, Namens een groep van circa 150 belanghebbenden uit de omgeving Slottuin en Cruquius
2