Den Helder, 21 september 2026
`AMENDEMENT`
daadwerkelijke cliëntenparticipatie borgen
Dit amendement hoort bij agendapunt 20; voorstel tot het vaststellen van de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Den Helder 2026.
De volgende fractie dient een aanpassing in op dit voorstel:
Eg
Den Helder
We stellen de raad voor het ontwerpbesluit als volgt aan te passen:
Datum raadsvergadering:
21 september 2026
Nummer amendement: A20.2
Aangenomen/~rp~
Ingetrokken / aange ouden
de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Den Helder 2026 vast te stellen.
te wijzigen in:
de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Den Helder 2026 vast te stellen, met dien verstande dat:
Artikel 15 Werkwijze, van de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Den Helder 2026 aangevuld wordt met een vijfde lid, luidende:
5. De Adviesraad betrekt bij de voorbereiding van zijn adviezen, voor zover passend bij aard en omvang van het onderwerp, actief cliënten, hun vertegenwoordigers en andere betrokken inwoners. De Adviesraad maakt in of bij zijn advies inzichtelijk op welke wijze deze betrokkenheid heeft plaatsgevonden.
S0PLUS
De verordening regelt de samenstelling, taken en werkwijze van de Adviesraad Sociaal Domein regelt. De leden van de Adviesraad functioneren op persoonlijke titel en zonder last of ruggespraak. Uit de verordening blijkt onvoldoende duidelijk hoe cliënten, hun vertegenwoordigers en andere betrokken inwoners daadwerkelijk bij de voorbereiding van adviezen worden betrokken. Cliëntenparticipatie omvat meer dan alleen het instellen van een Adviesraad Sociaal Domein;
Goede cliëntenparticipatie vraagt dat ervaringen, signalen en opvattingen van cliënten en andere betrokken inwoners daadwerkelijk worden opgehaald. Het betrekken van cliënten en inwoners stelt De Adviesraad in staat zijn adviezen mede te baseren op ervaringen uit de praktijk.
De wijze waarop cliënten en inwoners worden betrokken kan afhankelijk zijn van de aard en omvang van het onderwerp. De Adviesraad moet daarom voldoende ruimte behouden om zelf te bepalen welke vorm van betrokkenheid passend is.
Voor de gemeenteraad en het college moet inzichtelijk zijn op welke wijze cliënten en andere betrokken inwoners bij de voorbereiding van een advies zijn betrokken. Hiermee wordt de cliëntenparticipatie duidelijker en beter herkenbaar in de verordening geborgd.
Dit nieuwe lid 5 een aanvulling vormt op artikel 4 Advisering, vierde lid, onderdeel a, waarin de aanleiding van een advies wordt vermeld, doordat daarnaast inzichtelijk wordt gemaakt op welke wijze cliënten en andere betrokken inwoners bij de voorbereiding van het advies zijn betrokken en dit lid geen afbreuk doet aan artikel 3 Taak, vierde lid, omdat het betrekken en raadplegen van cliënten en andere betrokken inwoners niet betekent dat de Adviesraad adviseert over individuele casuïstiek.